Bosch GML 50 Professional: Nederlands

Nederlands: Bosch GML 50 Professional

background image

 Nederlands | 

61

Bosch Power Tools

1 609 92A 01V | (20.12.12)

Per le batterie ricaricabili/le batterie non funzionanti rivolger-

si al Consorzio:

Italia

Ecoelit

Viale Misurata 32

20146 Milano

Tel.: +39 02 / 4 23 68 63

Fax: +39 02 / 48 95 18 93

Svizzera

Batrec AG

3752 Wimmis BE

Batterie ricaricabili/Batterie:

Li-Ion:

Si prega di tener presente le indicazio-

ni riportare nel paragrafo «Trasporto», 

pagina 60.

Con ogni riserva di modifiche tecniche.

Nederlands

Veiligheidsvoorschriften

Lees alle veiligheidsvoor-

schriften en aanwijzingen 

door, ook de informatie aan de onderzijde van de radiola-

der. 

Als de veiligheidsvoorschriften en aanwijzingen niet in 

acht worden genomen, kan dit een elektrische schok, brand 

en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.

Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en aanwijzingen 

voor de toekomst.

Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip „radiola-

der“ heeft betrekking op radioladers voor gebruik op het 

stroomnet (met netsnoer) en op radioladers voor gebruik met 

een accu (zonder netsnoer).

Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. 

Een 

rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongeval-

len leiden.

De aansluitstekker van de radiolader moet in het stop-

contact passen. De stekker mag in geen geval worden 

veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combina-

tie met radioladers met veiligheidsaarding. 

Onveran-

derde stekkers en passende stopcontacten beperken het 

risico van een elektrische schok.

Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om de ra-

diolader te dragen of op te hangen of om de stekker uit 

het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt 

van hitte, olie, scherpe randen en bewegende delen 

van het gereedschap. 

Beschadigde of in de war geraakte 

kabels vergroten het risico van een elektrische schok.

Als u buitenshuis met de radiolader werkt, dient u al-

leen verlengkabels te gebruiken die voor gebruik bui-

tenshuis zijn goedgekeurd. 

Als u een verlengkabel ge-

bruikt die geschikt is voor gebruik buitenshuis, beperkt u 

daardoor het risico van een elektrische schok.

Als het gebruik van de radiolader in een vochtige omge-

ving onvermijdelijk is, dient u een aardlekschakelaar te 

gebruiken. 

Het gebruik van een aardlekschakelaar ver-

mindert het risico van een elektrische schok.

Sluit de radiolader op een volgens de voorschriften ge-

aard stroomnet aan. 

Het stopcontact en de verlengkabel 

moeten een goed werkende aardeaansluiting hebben.

Wikkel het netsnoer volledig af als u de radiolader met 

aansluiting op het stroomnet gebruikt. 

Het netsnoer kan 

anders warm worden.

Zorg ervoor dat de netstekker op elk gewenst moment 

uit het stopcontact getrokken kan worden. 

De enige 

mogelijkheid om de verbinding van de radiolader met het 

stroomnet te verbreken is de netstekker uit het stopcon-

tact te trekken.

Laat de radiolader niet in de regen staan en 

houd deze uit de buurt van vocht. 

Het binnen-

dringen van water in de radiolader vergroot de 

kans op een elektrische schok.

Laad alleen Bosch-lithiumionaccu’s of in Bosch-produc-

ten ingebouwde lithiumionaccu’s op. De accuspanning 

moet bij de acculaadspanning van de radiolader pas-

sen. 

Anders bestaat er brand- en explosiegevaar.

Houd de radiolader schoon. 

Door vervuiling bestaat er 

gevaar voor een elektrische schok.

Controleer voor elk gebruik radiolader, kabel en stek-

ker. Gebruik de radiolader niet nadat u een defect 

heeft vastgesteld. Open de radiolader niet zelf en laat 

deze alleen door gekwalificeerd personeel en alleen 

met originele vervangingsonderdelen repareren. 

Be-

schadigde radioladers, kabels en stekkers verhogen het ri-

sico van een elektrische schok.

Gebruik de radiolader niet op een gemakkelijk brand-

bare ondergrond (zoals papier of textiel) of in een 

brandbare omgeving. 

Vanwege de bij het opladen optre-

dende verwarming van de radiolader bestaat brandgevaar.

Bij beschadiging en onjuist gebruik van de accu kunnen 

er dampen vrijkomen. Zorg voor frisse lucht en raad-

pleeg bij klachten een arts. 

De dampen kunnen de lucht-

wegen irriteren.

Deze radiolader kan worden gebruikt door kinderen 

van 8 jaar en ouder en door personen met beperkte fy-

sieke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of gebrek-

kige ervaring en kennis, voor zover zij onder toezicht 

staan of ten aanzien van de veilige omgang met de radi-

olader zijn geïnstrueerd en zij de daarmee verbonden 

gevaren begrijpen. 

Anders bestaat het gevaar van ver-

keerde bediening en lichamelijk letsel.

Houd toezicht op kinderen. 

Daarmee wordt gewaarborgd 

dat kinderen niet met de radiolader spelen.

De reiniging en het onderhoud van de radiolader door 

kinderen mogen niet zonder toezicht plaatsvinden.

Open de accu niet. 

Er bestaat gevaar voor kortsluiting.

Bescherm de accu tegen hitte, bijvoorbeeld ook 

tegen voortdurend zonlicht, vuur, water en 

vocht. 

Er bestaat explosiegevaar.

WAARSCHUWING

OBJ_BUCH-1267-002.book  Page 61  Thursday, December 20, 2012  2:39 PM

background image

62

 | Nederlands 

1 609 92A 01V | (20.12.12)

Bosch Power Tools

Voorkom aanraking van de niet-gebruikte accu met pa-

perclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven en an-

dere kleine metalen voorwerpen die overbrugging van 

de contacten kunnen veroorzaken. 

Kortsluiting tussen 

de accucontacten kan brandwonden of brand tot gevolg 

hebben.

Bij verkeerd gebruik kan vloeistof uit de accu lekken. 

Voorkom contact daarmee. Spoel bij onvoorzien con-

tact met water af. Wanneer de vloeistof in de ogen 

komt, dient u bovendien een arts te raadplegen. 

Gelek-

te accuvloeistof kan tot huidirritaties en verbrandingen lei-

den.

Laad accu’s alleen op in oplaadapparaten die door de 

fabrikant worden geadviseerd. 

Voor een oplaadappa-

raat dat voor een bepaald type accu geschikt is, bestaat 

brandgevaar wanneer het met andere accu’s wordt ge-

bruikt.

Gebruik de accu alleen in combinatie met de radiolader 

en/of een Bosch elektrisch gereedschap. 

Alleen zo 

wordt de accu tegen gevaarlijke overbelasting beschermd.

Gebruik alleen originele Bosch Professional lithiumio-

naccu’s met een spanning van 14,4 V of 18 V. 

Bij ge-

bruik van andere accu’s, zoals imitaties, opgeknapte ac-

cu’s of accu’s van andere merken, bestaat gevaar voor 

persoonlijk letsel en materiële schade door exploderende 

accu’s.

Lees de veiligheids- en gebruiksvoorschriften in de ge-

bruiksaanwijzing van de apparaten die u op de radiola-

der aansluit en neem deze voorschriften strikt in acht.

Product- en vermogensbeschrijving

Lees alle veiligheidswaar-

schuwingen en alle voor-

schriften. 

Als de waarschu-

wingen en voorschriften niet 

worden opgevolgd, kan dit een 

elektrische schok, brand of 

ernstig letsel tot gevolg heb-

ben.

Gebruik de radiolader alleen als u alle functies volledig kunt 

inschatten en zonder beperkingen kunt gebruiken of daarvoor 

bestemde instructies heeft ontvangen.

Afgebeelde componenten

De afgebeelde componenten zijn genummerd zoals op afbeel-

ding van de radiolader op de pagina met afbeeldingen.

1

Luidspreker

2

Afstandsbediening

3

Draaggreep

4

Controlelampje wisselstroomaansluiting 

(niet bij zaaknummer 3 601 D29 660)

5

Afdekklep wisselstroomaansluiting 

(niet bij zaaknummer 3 601 D29 660)

6

Stopcontact wisselstroomaansluiting 

(niet bij zaaknummer 3 601 D29 660)

7

Toets voor achteruit zoeken 

„|<<”

 op de afstands-

bediening

8

Uitgangsopening voor infraroodstraal

9

Toets geluidsvolume hoger

10

Toets voor vooruit zoeken 

„>>|”

 op de afstands-

bediening

11

Toets weergave/pauze op de afstandsbediening

12

Toets geluidsvolume lager

13

Aan/uit-toets audiofunctie op de afstandsbediening

14

Toets voor keuze van audiobron 

„Source”

 op de 

afstandsbediening

15

Toets dempen 

„Mute”

16

Draagsluiting

17

Vergrendeling van batterijvakdeksel (bufferbatterijen)

18

Batterijvakdeksel (bufferbatterijen)

19

Vergrendelingshendel van mediavakdeksel

20

Mediavakdeksel

21

Sprietantenne

22

Oplaadschacht

23

Vergrendelingshendel van mediavakdeksel

24

Accuvakdeksel

25

Accu*

26

Toets voor keuze van klankvoorinstelling 

„Equalizer”

27

Geheugentoets 

„Memory”

28

Toets voor handmatige klankinstelling 

„Custom”

29

Toets voor tijdsinstelling 

„Clock”

30

Draaiknop voor zenderinstelling 

„Tune”

31

Ontvangstlens voor afstandsbediening

32

Toets weergave in willekeurige volgorde en herhaalde 

weergave

33

Toets voor vooruit zoeken 

„Seek +/>>|”

34

Toets voor keuze van audiobron 

„Source”

35

Toets voor achteruit zoeken 

„|<</– Seek”

36

Toets weergave/pauze

37

Draaiknop voor instelling van geluidsvolume 

(„Volume”)

 en klank 

(„Bass/Treb”)

38

Aan/uit-toets audiofunctie

39

Display

40 „AUX 1 IN”

-aansluitopening

41

12 V-aansluitopening

42 „LINE OUT”

-aansluitopening

43

Kap van zekering

44

Zekering 12 V-aansluiting

45

USB-aansluitopening

46

Insteekopening voor SD- en MMC-kaarten

47 „AUX 2 IN”

-aansluitopening

48

Houder voor externe audiobronnen

* Niet elk afgebeeld en beschreven toebehoren wordt standaard 

meegeleverd. Het volledige toebehoren vindt u in ons toebehoren-

programma.

OBJ_BUCH-1267-002.book  Page 62  Thursday, December 20, 2012  2:39 PM

background image

 Nederlands | 

63

Bosch Power Tools

1 609 92A 01V | (20.12.12)

Indicatie-elementen bij audiofunctie

a

Indicatie klankvoorinstelling

b

Indicatie wijziging van niveau hoge tonen

c

Indicatie wijziging van niveau lage tonen

d

Indicatie geluidsvolume, geheugenplaats radiozenders 

resp. titelweergave (afhankelijk van de gekozen audio-

bron)

e

Indicatie ontvangst opgeslagen zender (bij gebruik van 

radio)

f

Indicatie weergave in willekeurige volgorde (bij audio-

bron SD-/MMC-kaart of USB)

g

Indicatie herhaalde weergave van alle titels in actuele 

map (bij audiobron SD-/MMC-kaart of USB)

h

Indicatie herhaalde weergave van actuele titel (bij au-

diobron SD-/MMC-kaart of USB)

i

Indicatie stereo-ontvangst

j

Indicatie radiofrequentie resp. speelduur van actuele ti-

tel (afhankelijk van de gekozen audiobron)

k

Temperatuurwaarschuwing

l

Indicatie accu geplaatst

m

Accuoplaadindicatie

n

Indicatie audiobron

o

Tijdindicatie

Technische gegevens

Montage

Energievoorziening radiolader

De energievoorziening van de radiolader kan plaatsvinden via 

de aansluiting op het stroomnet of via een in de oplaad-

schacht 

22

 geplaatste lithiumionaccu. Als de accu voor de 

energievoorziening dient, staan alleen de audiofunctie en de 

functie voor de energievoorziening van externe apparaten via 

de geïntegreerde USB-aansluiting ter beschikking.

Let op de netspanning! 

De spanning van de stroombron 

bij aansluiting op het stroomnet moet overeenkomen met 

de gegevens op het typeplaatje van de radiolader. Met 

230 V aangeduide radioladers kunnen ook met 220 V wor-

den gebruikt.

Radiolader

GML 50

Zaaknummer

3 601 D29 6..

Bufferbatterijen

2 x 1,5 V (LR06/AA)

Bedrijfstemperatuur

°C

0...45

Bewaartemperatuur

°C

–20...+70

Gewicht volgens EPTA-Procedure 01/2003

kg

11,2

Isolatieklasse

/

I

Beschermingsklasse

IP 54 (stof- en spatwaterbescherming)

Audiofunctie/radio

Bedrijfsspanning

– bij gebruik op het stroomnet

– bij gebruik op batterijen

V

V

230/110

14,4 –18

Nominaal vermogen versterker (bij gebruik op het stroomnet)

W

50

Ontvangsthoek afstandsbediening

°

110

Ontvangstbereik

– FM

– MG

MHz

kHz

87,5 –108

531 –1602

Ondersteunde bestandstypen

1)

MP3, WMA

Oplaadapparaat

Oplaadspanning accu (automatische spanningsherkenning)

V=

14,4 –18

Laadstroom

A

0,9

Toegestaan oplaadtemperatuurbereik

°C

0 –45

Oplaadtijd bij accucapaciteit, ca.

– 1,3 Ah

– 4,0 Ah

min

min

120

400

Aantal accucellen

4 –10

Afstandsbediening

Werkbereik

2)

m

7

Batterij

1 x 3 V (CR2032)

1) (bij audiobron SD-/MMC-kaart of USB)

2) De reikwijdte kan afnemen door ongunstige omgevingsomstandigheden (zoals fel zonlicht).

OBJ_BUCH-1267-002.book  Page 63  Thursday, December 20, 2012  2:39 PM

background image

64

 | Nederlands 

1 609 92A 01V | (20.12.12)

Bosch Power Tools

Accu inzetten of verwijderen (zie afbeelding A)

Gebruik alleen originele Bosch Professional lithiumio-

naccu's met een spanning van 14,4 V of 18 V. 

Het ge-

bruik van andere accu's kan tot letsel en brandgevaar lei-

den.

Opmerking: 

Het gebruik van niet voor de radiolader geschik-

te accu's kan tot storingen of tot beschadiging van de radiola-

der leiden.

Open de vergrendelingshendel 

23

 van het accuvak (

„Char-

ger/Battery Bay”

) en klap het accuvakdeksel 

24

 open.

Zet een accu zodanig in de oplaadschacht 

22

 dat de aanslui-

tingen in de oplaadschacht 

22

 liggen en laat de accu in de op-

laadschacht vastklikken.

Zodra een accu met voldoende span-

ning is ingezet, verschijnt de accu-indi-

catie 

l

 in het display.

De accu-indicatie 

l

 knippert als de accu 

te zwak wordt.

Als u de accu 

25

 wilt verwijderen, drukt u op de ontgrende-

lingsknop van de accu en trekt u de accu uit de oplaadschacht 

22

.

Klap het accuvakdeksel 

24

 na het inzetten of verwijderen van 

een accu dicht. Vergrendel het accuvakdeksel door de ver-

grendelingshendel 

23

 in het huis vast te haken en vervolgens 

omlaag te duwen.

Draag bij het verwijderen van de accu indien nodig 

werkhandschoenen. 

De accu kan tijdens het opladen zeer 

warm worden.

Bufferbatterijen inzetten of vervangen 

(zie afbeelding A)

Om de tijd op de radiolader te kunnen opslaan, moeten er buf-

ferbatterijen worden ingezet. Daarvoor wordt het gebruik van 

alkalimangaanbatterijen geadviseerd.

Open de vergrendelingshendel 

23

 van het accuvak (

„Char-

ger/Battery Bay”

) en klap het accuvakdeksel 

24

 open.

Verwijder indien nodig de accu 

25

.

Als u het batterijvakdeksel 

18

 wilt openen, drukt u op de ver-

grendeling 

17

 en verwijdert u het batterijvakdeksel. Zet de 

bufferbatterijen in. Let daarbij op de juiste poolaansluitingen, 

zoals aangegeven op de binnenzijde van het batterijvak.

Breng het deksel 

18

 van het bufferbatterijvak weer aan.

„REPLACE AA BATTERY WHEN UNIT NO LONGER KEEPS 

CORRECT TIME”: 

Vervang de bufferbatterijen als de tijd op 

de radiolader niet meer wordt opgeslagen.

Vervang altijd alle batterijen tegelijkertijd. Gebruik alleen bat-

terijen van één fabrikant en met dezelfde capaciteit.

Neem de bufferbatterijen uit de radiolader als u deze 

langdurig niet gebruikt. 

Als de bufferbatterijen lang wor-

den bewaard, kunnen deze gaan roesten en hun lading ver-

liezen.

Gebruik

Bescherm de radiolader tegen vocht en fel zonlicht.

Audiofunctie (zie afbeeldingen B en C)

Enkele audiofuncties kunnen ook via de afstandsbediening 

(zie „Afstandsbediening”, pagina  66) worden bestuurd.

In- en uitschakelen audiofunctie

Als u de audiofunctie (radio en externe afspeelapparaten) wilt 

inschakelen

, drukt u op de aan/uit-schakelaar 

38

. Het dis-

play 

39

 wordt geactiveerd. Weergegeven wordt geluid van de 

audiobron die was ingesteld toen de radiolader werd uitge-

schakeld.

Als de radiolader in de energiespaarstand (zie „Energiespaar-

modus”, pagina 68) staat, drukt u de aan/uit-toets 

38

 twee-

maal in om de audiofunctie in te schakelen.

Als u de audiofunctie wilt 

uitschakelen

, drukt u opnieuw op 

de aan/uit-toets 

38

. De actuele instelling van de audiobron 

wordt opgeslagen.

Als u energie wilt besparen, schakelt u de radiolader alleen in 

wanneer u deze gebruikt.

Geluidsvolume instellen

Als u het geluidsvolume hoger wilt instellen, draait u de knop 

„Volume”

37

 met de wijzers van de klok mee. Als u het lager 

wilt instellen, draait u de knop tegen de wijzers van de klok in. 

De instelling van het geluidsvolume (waarde tussen 0 en 20) 

verschijnt gedurende enkele seconden in de indicatie 

d

 in het 

display.

Stel het geluidsvolume op een lage waarde in voordat u een 

radiozender instelt of van zender wisselt. Stel het op een ge-

middelde waarde in voordat u een externe audiobron start.

Klank instellen

Voor een optimale geluidsweergave is een equalizer in de ra-

diolader geïntegreerd.

U kunt het niveau van de hoge en lage tonen handmatig wijzi-

gen of klankinstellingen voor verschillende soorten muziek 

gebruiken. U kunt kiezen uit de voorgeprogrammeerde instel-

lingen 

„JAZZ”

„ROCK”

„POP”

 en 

„CLASSICAL”

 en de door 

uzelf te programmeren instelling 

„CUSTOM”

.

Als u een van de opgeslagen 

klankinstellingen

 wilt selecte-

ren, drukt u de toets voor het selecteren van de klankinstelling 

„Equalizer”

26

 zo vaak in tot de gewenste instelling in de in-

dicatie 

a

 van het display verschijnt.

Wijziging van de instelling „CUSTOM”

:

– Druk de toets voor de handmatige klankinstelling 

„Custom”

28

 eenmaal in. In het display knipperen de indi-

catie 

„BAS”

c

 en in de indicatie 

d

 de opgeslagen waarde 

van het niveau van de lage tonen.

– Stel het gewenste niveau van de lage tonen in (waarde tus-

sen 0 en 10). Als u het niveau van de lage tonen hoger wilt 

instellen, draait u de knop 

„Bass/Treb”

37

 met de wijzers 

van de klok mee. Als u het niveau lager wilt instellen, draait 

u de knop tegen de wijzers van de klok in.

OBJ_BUCH-1267-002.book  Page 64  Thursday, December 20, 2012  2:39 PM

background image

 Nederlands | 

65

Bosch Power Tools

1 609 92A 01V | (20.12.12)

– Als u het ingestelde niveau van de lage tonen wilt opslaan, 

drukt de toets voor handmatige klankinstelling 

„Custom”

28

 een tweede keer in. In het display knipperen de indica-

tie 

„TRE”

b

 voor de daaropvolgende instelling van het ni-

veau van de hoge tonen en in de indicatie 

d

 de opgeslagen 

waarde van het niveau van de hoge tonen.

– Stel het gewenste niveau van de hoge tonen in (waarde tus-

sen 0 en 10). Als u het niveau van de hoge tonen hoger wilt 

instellen, draait u de knop 

„Bass/Treb”

37

 met de wijzers 

van de klok mee. Als u het niveau lager wilt instellen, draait 

u de knop tegen de wijzers van de klok in.

– Als u het ingestelde niveau van de hoge tonen wilt opslaan, 

drukt de toets voor handmatige klankinstelling 

„Custom”

28

 een derde keer in.

Audiobron selecteren

Als u een audiobron wilt selecteren, drukt u de toets 

„Source”

34

 zo vaak in tot in het display de indicatie 

n

 voor de gewenste 

interne audiobron (zie „Radiozenders instellen en opslaan”, 

pagina 65) resp. externe audiobron (zie „Externe audiobron-

nen aansluiten”, pagina 65) verschijnt:

„FM”: 

Radio via fm,

„AM”: 

Radio via middengolf,

„AUX 1”: 

externe audiobron (bijv. cd-speler) via de 

3,5 mm-aansluitopening 

40

 aan de buitenzijde,

„AUX 2”: 

externe audiobron (bijv. mp3-speler) via de 

3,5 mm-aansluitopening 

47

 in het mediavak,

„USB”: 

externe audiobron (bijv. USB-stick) via de USB-

aansluitopening 

45

,

„SD”: 

externe audiobron (SD- of MMC-kaart) via de 

SD-/MMC-insteekopening 

46

.

Sprietantenne afstellen

De radiolader wordt met gemonteerde sprietantenne 

21

 gele-

verd. Draai bij gebruik van de radio de sprietantenne in de 

richting die de beste ontvangst mogelijk maakt.

Als er geen voldoende ontvangst mogelijk is, dient u de radio-

lader op een plaats met een betere ontvangst neer te zetten.

Opmerking: 

Bij het gebruik van de radiolader in de onmiddel-

lijke nabijheid van zendinstallaties of zendapparatuur kan de 

kwaliteit van de radio-ontvangst achteruit gaan.

Mocht de sprietantenne 

21

 losraken, dient u deze vlakbij het 

huis in de richting van de wijzers van de klok vast te draaien.

Radiozenders instellen en opslaan

Druk de toets voor de keuze van de audiobron 

„Source”

34

 zo 

vaak in tot in de indicatie 

n

„FM”

 voor het fm-ontvangstbereik 

of 

„AM”

 voor het middengolf-ontvangstbereik verschijnt.

Wilt u 

een bepaalde radiofrequentie instellen

, draait u de 

knop 

„Tune”

30

 met de wijzers van de klok mee om de fre-

quentie te verhogen of tegen de wijzers van de klok in om de 

frequentie te verlagen. De frequentie verschijnt tijdens de in-

stelling in de indicatie 

o

 en vervolgens in de indicatie 

j

 in het 

display.

Wilt u 

naar radiozenders met een hoge signaalsterkte zoe-

ken

, drukt u op de toets voor omlaag zoeken 

„– Seek”

35

 of 

de toets voor omhoog zoeken 

„Seek +”

33

 en houdt u deze 

kort ingedrukt. De frequentie van de gevonden radiozender 

verschijnt kort in de indicatie 

o

 en vervolgens in de indicatie 

j

in het display.

Bij voldoende sterke ontvangst van een geschikt signaal scha-

kelt de radiolader automatisch over op stereo-ontvangst. In 

het display verschijnt de indicatie voor stereo-ontvangst 

i

.

Wilt u 

een ingestelde zender opslaan

, drukt u op de geheu-

gentoets 

„Memory”

27

. In het display knippert de indicatie 

„PRESET”

e

 en in de indicatie 

d

 het nummer van de laatst in-

gestelde geheugenplaats. Als u een geheugenplaats wilt kie-

zen, drukt u de toets voor omlaag zoeken 

„– Seek”

35

 of de 

toets voor omhoog zoeken 

„Seek +”

33

 zo vaak in tot de ge-

wenste geheugenplaats in de indicatie 

d

 verschijnt. Druk de 

geheugentoets 

27

 opnieuw in om de ingestelde zender op de 

gekozen geheugenplaats op te slaan. De indicaties 

e

 en 

d

knipperen niet meer.

U kunt 20 fm-zenders en 10 middengolfzenders opslaan. 

Houd er rekening mee dat een reeds toegewezen geheugen-

plaats, als deze opnieuw wordt gekozen, met de nieuw inge-

stelde radiozender wordt overschreven.

Wilt u 

een opgeslagen zender weergeven

, drukt u zo vaak op 

de toets voor omlaag zoeken 

„– Seek”

35

 of de toets voor om-

hoog zoeken 

„Seek +”

33

 tot de gewenste geheugenplaats in 

de indicatie 

d

 en 

„PRESET”

 in de indicatie 

e

 verschijnen.

Externe audiobronnen aansluiten (zie afbeelding C)

Naast het geluid van de geïntegreerde radio kunt u het geluid 

van verschillende externe audiobronnen weergeven.

AUX IN 1-aansluiting:

 De AUX IN 1-aansluiting is bijzonder 

geschikt voor audiobronnen die buiten het mediavak moeten 

worden ondergebracht (bijv. cd-spelers). Neem het be-

schermkapje van de 

„AUX 1 IN”

-aansluitopening 

40

 en steek 

de 3,5 mm-stekker van de meegeleverde of een andere pas-

sende AUX-kabel in de aansluitopening. Sluit de AUX-kabel op 

een passende audiobron aan.

Breng ter bescherming tegen vervuiling het beschermkapje 

van de 

„AUX 1 IN”

-aansluitopening 

40

 weer aan als u de stek-

ker van de AUX-kabel verwijdert.

Voor externe audiobronnen via de volgende aansluitingen 

opent u de vergrendelingshendel 

19

 en klapt u het deksel 

20

van het mediavak (

„Digital Media Bay”

) open.

Insteken van SD- en MMC-kaarten:

 Steek een SD- of 

MMC-kaart in de SD-/MMC-insteekopening 

46

. Het op-

schrift van de kaart moet in de richting van het zekering-

kapje 

43

 wijzen. U kunt beginnen met de weergave van ge-

luid van de kaart zodra in de indicatie 

d

 het titelnummer en 

het totale aantal op de kaart beschikbare titels verschij-

nen. Als u de kaart wilt verwijderen, drukt u de kaart in. De 

kaart wordt vervolgens uitgeworpen.

USB-aansluiting:

 Steek een USB-stick (of de USB-stekker 

van een geschikte audiobron) in de USB-aansluitopening 

45

. U kunt beginnen met de weergave van geluid van de 

USB-stick zodra in de indicatie 

d

 het titelnummer en het to-

tale aantal op de stick beschikbare titels verschijnen. Als u 

de USB-stick wilt verwijderen, trekt u deze uit de USB-

aansluitopening.

AUX IN 2-aansluiting:

 De AUX IN 2-aansluiting is bijzon-

der geschikt voor audiobronnen die in het mediavak kun-

nen worden ondergebracht (bijv. mp3-spelers). Steek de 

3,5 mm-stekker van de meegeleverde AUX-kabel in de 

„AUX 2 IN”

-aansluitopening 

47

. Sluit de AUX-kabel op een 

passende audiobron aan.

OBJ_BUCH-1267-002.book  Page 65  Thursday, December 20, 2012  2:39 PM

background image

66

 | Nederlands 

1 609 92A 01V | (20.12.12)

Bosch Power Tools

Bij passende grootte kunt u de aangesloten externe audio-

bron met de klittenband van de houder 

48

 im het mediavak 

bevestigen.

Ter bescherming tegen beschadiging en vuil worden sluit u in-

dien mogelijk het mediavakdeksel 

20

, nadat u de externe au-

diobron heeft aangesloten.

Als u geluid van de aangesloten audiobron wilt weergeven, 

drukt u de toets voor de keuze van de audiobron 

„Source”

34

zo vaak in tot in het display de indicatie 

n

 voor de gewenste 

audiobron verschijnt.

Externe audiobronnen besturen

De weergave van geluidsbronnen die via de SD-/MMC-instee-

kopening 

46

 of de USB-aansluitopening 

45

 zijn aangesloten, 

kunt u via de radiolader besturen. In de indicatie 

d

 verschij-

nen links het nummer van de actueel gekozen titel en rechts 

het totale aantal aanwezige titels.

Weergave en weergave onderbreken:

– Als u de weergave wilt starten, drukt u op de toets voor 

weergave/pauze 

36

. De speelduur van de actuele titel ver-

schijnt in de indicatie 

j

.

– Als u de weergave wilt onderbreken of voort wilt zetten, 

drukt u opnieuw op de toets voor weergave/pauze 

36

. De 

actuele speelduur knippert in de indicatie 

j

.

Titel kiezen:

– Als u een titel wilt kiezen, drukt u de toets voor omlaag zoe-

ken 

„– Seek”

35

 of de toets voor omhoog zoeken 

„Seek +”

33

 zo vaak in tot het nummer van de gewenste ti-

tel links in de indicatie 

d

 verschijnt.

– Als u de weergave wilt starten, drukt u op de toets voor 

weergave/pauze 

36

.

Weergave in willekeurige volgorde en herhaalde 

weergave:

– Als u alle titels op de kaart of op de USB-stick in willekeuri-

ge volgorde wilt weergeven, drukt u de toets voor weerga-

ve in willekeurige volgorde en herhaalde weergave 

32

 een-

maal in. In het display verschijnt de indicatie 

f

.

– Als u alle titels in de actuele map wilt herhalen, drukt u de 

toets voor weergave in willekeurige volgorde en herhaalde 

weergave 

32

 een tweede keer in. In het display verschijnt 

de indicatie 

g

.

Opmerking:

 Alleen in deze functie verschijnt rechts in de 

indicatie 

d

 het nummer van de actuele map op de kaart of 

de USB-stick. Als u van map wilt veranderen, moet u eerst 

naar de normale weergave terugkeren en een titel uit de ge-

wenste map kiezen.

– Als u alleen de actueel weergegeven titel wilt herhalen, 

drukt u de toets voor weergave in willekeurige volgorde en 

herhaalde weergave 

32

 een derde keer in. In het display 

verschijnt de indicatie 

h

.

– Als u naar de normale weergave wilt terugkeren, drukt u de 

toets voor willekeurige weergave en herhaalde weergave 

32

 een vierde keer in, zodat geen van de indicaties 

f

g

 of 

h

in het display verschijnt.

– Als u de weergave wilt starten, drukt u op de toets voor 

weergave/pauze 

36

.

Externe audioweergave aansluiten (zie afbeelding C)

U kunt het actuele audiosignaal van de radiolader ook aan an-

dere weergaveapparaten (zoals versterkers en luidsprekers) 

overdragen.

Neem het beschermkapje van de 

„LINE OUT”

-aansluitope-

ning 

42

 en steek de 3,5 mm-stekker van een passende AUX-

kabel in de aansluitopening. Sluit een passend weergaveap-

paraat aan de AUX-kabel aan. Breng ter bescherming tegen 

vuil worden het beschermkapje van de 

„LINE OUT”

-aansluit-

opening 

42

 weer aan nadat u de stekker van de AUX-kabel 

verwijderd heeft.

Afstandsbediening

Laat de afstandsbediening repareren door gekwalifi-

ceerd, vakkundig personeel en alleen met originele 

vervangingsonderdelen. 

Daarmee wordt gewaarborgd 

dat de functionaliteit van de afstandsbediening in stand 

blijft.

Werk met de afstandsbediening niet in een omgeving 

met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistof-

fen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. 

In 

de afstandsbediening kunnen vonken ontstaan die het stof 

of de dampen tot ontsteking brengen.

Ingebruikneming

Bescherm de afstandsbediening tegen vocht en fel 

zonlicht.

Stel de afstandsbediening niet bloot aan extreme tem-

peraturen of temperatuurschommelingen. 

Laat deze 

bijvoorbeeld niet lange tijd in de auto liggen. Laat afstands-

bediening bij grote temperatuurschommelingen eerst op 

de juiste temperatuur komen voordat u deze in gebruik 

neemt.

Zolang een batterij met voldoende spanning in het batterijvak 

aanwezig is, blijft de afstandsbediening gereed voor gebruik.

Stel de radiolader zo op dat de signalen uit de uitgangsope-

ning 

8

 van de afstandsbediening de ontvangstlens 

31

 van de 

radiolader rechtstreeks kunnen bereiken. Als de afstandsbe-

diening niet rechtstreeks op de ontvangstlens kan worden ge-

richt, neem het werkbereik af. Door reflectie van het signaal 

(bijvoorbeeld op muren), kan de reikwijdte ook bij niet-recht-

streeks signaal weer worden verbeterd.

De afstandsbediening 

2

 kan in de draaggreep 

3

 worden be-

waard. Tijdens het gebruik kunt u de afstandsbediening bijv. 

aan de lus  van een riem bevestigen door de draagsluiting 

16

te openen en de afstandsbediening te bevestigen.

Functies

Onafhankelijk van de gekozen audiobron:

– Als  u 

de audiofunctie wilt in- of uitschakelen

, drukt u op 

de toets 

13

 van de afstandsbediening.

– Als  u 

het geluid wilt in- of uitschakelen

 drukt u op de 

toets 

„Mute”

15

.

– Als  u  het 

volume

 wilt verhogen, drukt u op de toets 

9

, als u 

het volume wilt verlagen, drukt u op de toets 

12

.

– Als  u 

van audiobron wilt wisselen

 drukt u op de toets 

„Source”

14

.

OBJ_BUCH-1267-002.book  Page 66  Thursday, December 20, 2012  2:39 PM

background image

 Nederlands | 

67

Bosch Power Tools

1 609 92A 01V | (20.12.12)

Tijdens gebruik van de radio:

– Als  u 

een radiozender

 met een lage frequentie wilt kiezen, 

drukt u zo lang op de toets voor achterwaarts zoeken 

7

 tot 

u de gewenste frequentie heeft gevonden.

– Als  u 

een radiozender

 met een hoge frequentie wilt kie-

zen, drukt u zo lang op de toets voor voorwaarts zoeken 

10

tot u de gewenste frequentie heeft gevonden.

Bij besturing van audiobronnen die via de insteekopening 

voor SD- en MMC-kaarten 

46

 of de USB-aansluiting 

45

 zijn 

aangesloten:

– Als  u  de 

weergave van een titel

 wilt starten, onderbreken 

of voortzetten, drukt u op de toets weergave/pauze 

11

.

– Als  u  een 

titel wilt selecteren

, drukt u op de toets voor 

achterwaarts zoeken 

7

 of voor voorwaarts zoeken 

10

.

Batterij vervangen

Als u de batterij wilt vervangen, draait u de schroef van het 

batterijvak uit de achterkant van de afstandsbediening en ver-

wijdert u het deksel.

Let bij het inzetten van de nieuwe batterij op de juiste pool-

aansluitingen. Schroef het batterijvakdeksel weer vast.

Vervang de batterij uitsluitend door een nieuwe batte-

rij van hetzelfde type. 

Bij het gebruik van andere batterij-

typen bestaat explosiegevaar.

Neem de batterij uit de afstandsbediening als u deze 

langdurig niet gebruikt. 

Als de batterij lang wordt be-

waard, kan deze gaan roesten en haar lading verliezen.

Houd de batterij uit de buurt van kleine kinderen. 

An-

ders kunnen kleine kinderen de batterij inslikken, waar-

door hun gezondheid in gevaar wordt gebracht.

Accu opladen (zie afbeelding A)

Het opladen begint zodra de netstekker van de radiolader in 

het stopcontact wordt gestoken en een accu 

25

 in de oplaad-

schacht 

22

 wordt gestoken (zie „Accu inzetten of verwijde-

ren”, pagina 64). 

In het display knippert tijdens het opla-

den de oplaadindicatie 

„CHARGING”

m

. De indicatie 

„CHARGING”

 gaat uit als de accu volledig op-

geladen is.

Door de intelligente oplaadmethode wordt de oplaadtoe-

stand van de accu automatisch herkend en wordt de accu af-

hankelijk van de accutemperatuur en -spanning met de opti-

male laadstroom opgeladen.

Daardoor wordt de accu ontzien en blijft deze, als deze in de 

radiolader wordt bewaard, altijd volledig opgeladen.

De opgeladen accu 

25

 kan uit de oplaadschacht 

22

 worden 

verwijderd (in de oplaadschacht geplaatst) als energievoor-

ziening bij gebruik van de audiofunctie dienen.

Draag bij het verwijderen van de accu indien nodig 

werkhandschoenen. 

De accu kan tijdens het opladen zeer 

warm worden.

Energievoorziening van externe apparaten

De energievoorziening van externe apparaten via de 12 V- en 

wisselstroomaansluiting is alleen mogelijk als de radiolader 

op het stroomnet is aangesloten en niet als deze op een accu 

werkt.

Als de radiolader op het stroomnet is aangesloten, brandt het 

groene controlelampje 

4

 ter bevestiging.

USB-aansluiting

Met de USB-aansluiting kunnen de meeste apparaten die via 

USB van stroom kunnen voorzien (bijvoorbeeld diverse mo-

biele telefoons) gebruikt en opgeladen worden.

Open de vergrendelingshendel 

19

 en klap het deksel van het 

mediavak 

20

 open. Gebruik de USB-aansluiting van het exter-

ne apparaat via een geschikte USB-kabel met de USB-aanslui-

ting 

45

 van de radiolader. Voor het starten van het opladen 

moet het externe apparaat op de radiolader eventueel als au-

diobron worden geselecteerd.

12 V-aansluiting (zie afbeelding C)

Met de 12 V-aansluiting kunt u een extern elektrisch apparaat 

met 12 V-stekker en maximaal 1 A stroomopname gebruiken.

Neem het beschermkapje van de 12 V-aansluitopening 

41

Steek de stekker van het externe elektrische apparaat in de 

12 V-aansluitopening.

De 12 V-aansluiting is met een 

zekering

44

 beveiligd. Als er 

bij de aansluiting van een extern apparaat geen spanning aan-

wezig is, opent u de vergrendelingshendel 

19

 en klapt u het 

mediavakdeksel 

20

 open. Schroef het zekeringkapje 

43

 los 

en controleer of de ingezette zekering 

44

 is doorgeslagen. Als 

de zekering is doorgeslagen, zet u een nieuwe gevoelige zeke-

ring (5 x 20 mm, 250 V maximale spanning, 1 A nominale 

stroom en aanduiding snel) in. Schroef het zekeringkapje 

43

weer stevig vast.

Opmerking: 

Gebruik uitsluitend 1 A-zekeringen voor maxi-

maal 250 V spanning (

„250V 1A FUSE FOR 12V OUTLET”

). 

Als andere zekeringen worden gebruikt, kan de radiolader be-

schadigd raken.

De 12 V-aansluiting is bovendien met een 

interne tempera-

tuurbeveiliging 

 beveiligd. Deze wordt bij oververhitting ge-

activeerd. Nadat de radiolader is afgekoeld, vindt een auto-

matische reset plaats.

Breng ter bescherming tegen vuil worden het beschermkapje 

van de 12 V-aansluitopening 

41

 weer aan nadat u de externe 

stekker verwijderd heeft.

Wisselstroomaansluiting („Power Outlets”) 

(niet bij zaaknummer 3 601 D29 660)

Met de wisselstroomaansluitingen kunt u andere externe 

elektrische apparaten gebruiken. De stopcontacten kunnen 

afwijken door de toepassing van verschillende nationale nor-

men.

Het totaal van de maximaal toegestane stroomopname van al-

le aangesloten elektrische apparaten mag de in de volgende 

tabel aangegeven waarde niet overschrijden (zie ook op-

schrift op behuizing onder de afdekkleppen 

5

):

Zaaknummer

Totaal van de max. 

stroomopname (in A)

3 601 D29 600

15

3 601 D29 630

9

3 601 D29 670

12

3 601 D29 6W0

15

3 601 D29 6X0

9

OBJ_BUCH-1267-002.book  Page 67  Thursday, December 20, 2012  2:39 PM

background image

68

 | Nederlands 

1 609 92A 01V | (20.12.12)

Bosch Power Tools

Open een afdekklep 

5

 van de wisselstroomaansluitingen en 

steek de stekker van het externe elektrische apparaat in een 

stopcontact 

6

 van de radiolader.

Tijdindicatie

De radiolader beschikt over een tijdindicatie met aparte ener-

gievoorziening. Als er bufferbatterijen met voldoende capaci-

teit in het batterijvak zijn geplaatst (zie „Bufferbatterijen in-

zetten of vervangen”, pagina 64), kan de tijd worden 

opgeslagen, ook als de radiolader van de energievoorziening 

via stroomnet of accu wordt losgekoppeld.

Tijd instellen

– Druk voor het instellen van de tijd de tijdinsteltoets 

„Clock”

29

 zo lang in tot het aantal uren in de tijdindicatie 

o

 knippert.

– Druk de toets voor omhoog zoeken 

„Seek +”

33

 of de 

toets vor omlaag zoeken 

„– Seek”

35

 zo vaak in tot het 

juiste aantal uren wordt aangegeven.

– Druk opnieuw op de toets 

„Clock”

, zodat het aantal minu-

ten in de tijdindicatie 

o

 knippert.

– Druk de toets voor omhoog zoeken 

„Seek +”

33

 of de 

toets vor omlaag zoeken 

„– Seek”

35

 zo vaak in tot het 

juiste aantal minuten wordt aangegeven.

– Druk  de  toets 

„Clock”

 voor de derde keer in om de tijd op 

te slaan.

Energiespaarmodus

U kunt de tijdindicatie in het display 

39

 uitschakelen om ener-

gie te sparen.

Houd daarvoor bij het uitschakelen van de audiofunctie (zie 

„In- en uitschakelen audiofunctie”, pagina 64) de aan/uit-

toets 

38

 zolang ingedrukt tot er geen indicatie meer in het dis-

play verschijnt.

Als u de tijdindicatie weer wilt inschakelen, drukt u eenmaal 

op de aan/uit-toets 

38

.

Tips voor de werkzaamheden

Temperatuurbewaking bij gebruik op een accu

Als de radiolader uitsluitend op een accu wordt gebruikt 

(geen aansluiting op het stroomnet), wordt de temperatuur 

van de accu bewaakt.

– Als de temperatuur van de accu onder –10 °C of boven 

50 °C ligt, knippert de temperatuurwaarschuwing 

k

 in het 

display.

– Als de temperatuur van de accu boven 70 °C ligt, wordt de 

radiolader ter bescherming van de accu automatisch uitge-

schakeld. Als de accu afgekoeld is, kan de radiolader weer 

in gebruik worden genomen.

Aanwijzingen voor de optimale omgang met de accu

Bescherm de accu tegen vocht en water.

Bewaar de accu alleen bij een temperatuur tussen 0 °C en 

50 °C. Laat de accu bijvoorbeeld in de zomer niet in de auto 

liggen.

Een nieuwe of lang niet gebruikte accu levert pas na ca. vijf op-

laad- en ontlaadcycli zijn volledige capaciteit.

Een duidelijk kortere gebruiksduur na het opladen duidt erop 

dat de accu versleten is en moet worden vervangen.

Neem de voorschriften ten aanzien van de afvalverwijdering 

in acht.

Oorzaken en oplossingen van fouten

Oorzaak

Oplossing

Radiolader werkt niet

Geen stroom

Netstekker aansluiten of op-

geladen accu (volledig) inste-

ken

Radiolader te warm of te koud Wachten tot de radiolader de 

bedrijfstemperatuur bereikt

Radiolader werkt niet bij gebruik op het stroomnet

Stopcontact defect

Gebruik een ander stopcon-

tact

Netstekker of netsnoer de-

fect

Netstekker en netsnoer con-

troleren en indien nodig laten 

vervangen

Radiolader werkt niet bij gebruik op een accu

Accucontacten vuil

Reinig de accucontacten, bij-

voorbeeld door de accu enke-

le keren te plaatsen en te ver-

wijderen, of vervang de accu 

indien nodig

Accu defect

Vervang de accu

Accu te warm of te koud (tem-

peratuurwaarschuwing 

k

knippert of radiolader wordt 

uitgeschakeld)

Wacht tot de accu bedrijfs-

temperatuur bereikt

Opladen van accu of energievoorziening van externe 

apparaten werkt niet

Netstekker niet in het stop-

contact gestoken

Netstekker (volledig) in het 

stopcontact steken

Accu voor opladen niet 

(goed) ingezet

Accu correct in oplaad-

schacht laten vastklikken

12 V-aansluiting werkt niet

Geen zekering 

44

 ingezet

Zekering 

44

 inzetten

Zekering 

44

 doorgeslagen

Zekering 

44

 vervangen

Interne temperatuurbeveili-

ging is geactiveerd

Extern apparaat verwijderen 

en radiolader laten afkoelen

Radiolader werkt plotseling niet meer

Netstekker resp. accu niet 

goed of niet volledig ingesto-

ken.

Netstekker resp. accu goed 

en volledig insteken

Softwarefout

Voor reset van software net-

stekker uit stopcontact trek-

ken en accu verwijderen. Ver-

volgens 30 seconden 

wachten en daarna netstek-

ker weer in stopcontact ste-

ken resp. accu weer aanbren-

gen.

OBJ_BUCH-1267-002.book  Page 68  Thursday, December 20, 2012  2:39 PM