Sony GDM-F420: Verhelpen van storingen

Verhelpen van storingen: Sony GDM-F420

x De knoppen op de monitor werken niet ( verschijnt

op het scherm)

Verhelpen van storingen

• Indien de vergrendeling van de bedieningen op AAN staat, moet u deze

x Geen beeld

op UIT zetten.

Indien de ! (aan/uit) indicator niet verlicht is

x Letters en regels hebben rode of blauwe schaduwen aan

• Controleer of het netsnoer goed is aangesloten.

de hoeken

• Controleer of de ! (aan/uit) schakelaar “aan” staat.

• Convergentie regelen.

De ! (aan/uit) indicator is oranje

x USB randapparatuur werkt niet

• Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten en alle stekkers

• Controleer of de geschikte USB connectoren goed zijn aangesloten.

goed vastzitten.

• Zet de monitor UIT en dan weer AAN, en sluit de USB kabel weer aan.

• Controleer of de INPUT schakelaar instelling correct is.

• Wanneer u een toetsenbord of muis aansluit op de USB aansluitingen en

• Controleer of de pinnen van de HD15 video-ingangsconnector niet

u vervolgens de computer voor het eerst start, kan de randapparatuur

verbogen of naar binnen gedrukt zijn.

eventueel niet functioneren. Sluit eerst het toetsenbord en de muis

• Controleer of de stroom van de computer “aan” is.

rechtstreeks aan op de computer en stel de USB compatibele apparatuur

• De computer staat in de stroomspaarstand. Druk op een willekeurige

in. Sluit ze vervolgens aan op de monitor.

toets op het toetsenbord of verplaats de muis.

• Installeer de meest recente versie van de device driver op uw computer.

• Controleer of de grafische kaart volledig in de correcte busaansluiting zit.

Raadpleeg de fabrikant van de apparatuur voor meer informatie over de

Indien de ! (aan/uit) indicator groen is of oranje knippert

geschikte device driver.

• Gebruik de zelfdiagnosefunctie.

x U hoort een brommend geluid direct na het inschakelen

x Het beeld flikkert, springt, oscilleert of is vervormd

van de monitor

• Isoleer en elimineer potentiële bronnen van elektrische of magnetische

• Dit is het geluid van de zelf-demagnetiserende cyclus. Bij het

velden zoals monitors, laser printers, elektrische ventilatoren,

aanschakelen wordt de monitor automatisch gedurende enkele seconden

fluorescentieverlichting of televisietoestellen.

gedemagnetiseerd.

• Plaats de monitor uit de buurt van stroomkabels of plaats een

* Indien er een tweede demagnetiseringscyclus nodig is, dient u voor het beste

magnetische afscherming bij de buurt van de monitor.

resultaat 20 minuten te wachten. U hoort eventueel een bromgeluid maar dat

• Probeer de monitor aan te sluiten op een ander stopcontact, bij voorkeur

is normaal.

op een ander circuit.

• Probeer de monitor 90° naar links of naar rechts te draaien.

• Controleer de handleiding van uw grafische kaart voor de juiste instelling

Schermberichten

van de monitor.

• Controleer of de grafische mode en de frequentie van het ingangssignaal

I NFORMAT I E

worden ondersteund door de monitor (zie “Preset mode timing table” op

MON I TOR FUNCT I ONEERT

pagina i). Sommige grafische kaarten hebben een synchronisatiepuls die

I NGANG

2 : GEEN S I GNAAL

AANZETTEN COMPUTERVIA

W

te smal is om de monitor correct te laten synchroniseren, ook al ligt de

CONTROLEER

V I DEOKABEL

R

CONTROLEER

G

frequentie binnen het juiste bereik.

I NGANGSSELECT I E

B

• Pas de verversingsfrequentie van de computer aan (verticale frequentie)

om een optimaal beeld te verkrijgen.

1 Indien “GEEN SIGNAAL” verschijnt:

x Het beeld is wazig

Dit geeft aan dat er geen signaal wordt ingevoerd via de gekozen

• Regel contrast, helderheid en PICTURE EFFECT.

aansluiting.

• Demagnetiseer de monitor.*

2 Toont de momenteel gekozen aansluiting.

• Regel moiré-onderdrukking tot moiré minimaal is of zet ONDERDRUK

MOIRE op UIT.

3 Toont de oplossingen.

• Als AANZETTEN VIA COMPUTER verschijnt op het scherm,

x Echobeeld (ghosting)

probeer dan een toets op het toetsenbord van de computer in te

• Gebruik geen videoverlengkabels en/of videoschakeldozen.

drukken of de muis te bewegen en controleer of de grafische kaart

• Controleer of alle aansluitingen goed vastzitten.

van de computer in de juiste aansluiting zit.

x Het beeld is niet gecentreerd of heeft niet de juiste

• Als CONTROLEER VIDEOKABEL op het scherm verschijnt,

afmetingen

controleer dan of de monitor correct is aangesloten op de computer.

• Verricht de Auto Afmeting Centreer-functie.

• Als CONTROLEER INGANGSSELECTIE op het scherm

• Regel formaat en centrering. Merk op dat het scherm met sommige

verschijnt, probeer dan het ingangssignaal te veranderen.

ingangssignalen en/of grafische kaarten niet volledig is gevuld.

• Na het aanzetten van de aan/uit-schakelaar kan een correcte formattering/

I NFORMAT I E

centrering enige tijd in beslag nemen.

MON I TOR FUNCT I ONEERT

I NGANG

1: .200 0 /kHz 85Hz

x De hoeken van het beeld zijn krom

BU I TEN SCANBERE I K

W

• Regel de geometrie.

R

W I JZ I G S I GNAALT I M I NG

G

B

x Golvend of elliptisch patroon (moiré)

• Regel het moiré-onderdrukkingseffect zo dat moiré tot een minimum

beperkt blijft.

1 Indien “BUITEN SCANBEREIK” verschijnt:

• Verander uw desktoppatroon.

Dit geeft aan dat het ingangssignaal niet door de monitor kan worden

x De kleur is niet gelijkmatig

verwerkt.

• Demagnetiseer de monitor*. Indien u apparatuur die een magnetisch veld

2 Toont de ingangssignaalfrequentie.

genereert, bijvoorbeeld een luidspreker, in de buurt van de monitor

3 Toont de oplossingen.

opstelt, of wanneer u de richting van de monitor verandert, is het

WIJZIG SIGNAALTIMING verschijnt op het scherm. Wanneer u een

mogelijk dat de kleuren niet meer gelijkmatig zijn.

bestaande monitor vervangt, moet u de oude monitor opnieuw

• Regel landing.

aansluiten. Stel vervolgens de grafische kaart van de computer zo in dat

x Onzuivere witweergave

de horizontale frequentie 30 – 137 kHz (GDM-F520), 30 – 115 kHz

• Regel de kleurtemperatuur.

(GDM-F420) en de verticale frequentie 48 – 170 Hz bedraagt.

• Controleer of de vijf BNC connectoren in de juiste volgorde zijn

aangesloten.

6