Hach-Lange POLYMETRON 9523 Basic User Manual: Onderhoud

Onderhoud: Hach-Lange POLYMETRON 9523 Basic User Manual

10. Selecteer in scherm NEW SENSOR (nieuwe sensor) of de sensor al dan niet nieuw is:

Optie Beschrijving

JA De sensor is niet eerder met deze controller gekalibreerd. De bedrijfsdagen en eerder gemaakte

kalibratiegrafieken voor de sensor worden gereset.

NO De sensor is eerder met deze controller gekalibreerd.

11. Druk, met de sensor nog steeds in het proces, op enter. Het uitgangssignaal keert terug naar de

actieve toestand en meetwaarde van het monster wordt weergegeven op het meetscherm.

Opmerking: Als de uitgangsmodus op hold of transfer is ingesteld, selecteer dan de vertragingstijd wanneer de

uitgangssignalen weer actief worden.

Kalibratieopties wijzigen

De gebruiker kan een kalibratieherinnering instellen of een operator-ID toevoegen met de

kalibratiegegevens uit dit menu.

1. Druk op toets menu en selecteer SENSOR SETUP>[Select Sensor]>CALIBRATE

(sensorinstellingen / selecteer sensor / kalibreren).

2. Als de toegangscode is ingeschakeld in menu security (beveiliging) voor de controller, voer dan

de toegangscode in.

3. Selecteer KAL OPTIES en druk op enter.

4. Gebruik de pijltoetsen om een optie te selecteren en druk op enter.

Optie Beschrijving

CAL REMINDER

Stelt een herinnering voor de volgende kalibratie in op dagen, maanden

(kalibratieherinnering)

of jaren - selecteer de gewenste termijn in de lijst.

OP.-ID VOOR KAL. Voegt een operator-ID met kalibratiegegevens toe -JA of NEE

(standaardinstelling). De ID wordt standaard tijdens de kalibratie

ingevoerd.

Onderhoud

G E V A A R

Diverse gevaren. Alleen bevoegd personeel mag de in dit deel van het document beschreven taken uitvoeren.

Onderhoudsschema

De volgende tabel toont het aanbevolen onderhoudsschema:

Om de 3 maanden Om de 6 maanden Jaarlijks Naar behoefte

Valideren (controleren met

X X X X

referentiemeting)

Kalibratie (meting) X X

Kalibratie (temperatuur) X

Nederlands 181

Reinigen van de controller

G E V A A R

Koppel vóór onderhoudswerkzaamheden de controller altijd los van de netspanning.

Opmerking: Gebruik nooit brandbare of corrosieve oplossing voor het reinigen van de controller of delen hiervan.

Door gebruik van deze oplosmiddelen bestaat het risico dat de bescherming van het instrument wordt aangetast en

de garantie komt te vervallen.

1. Controleer of de kap van de controller goed is gesloten.

2. Maak de buitenkant van de controller schoon met een vochtige doek met water of een mengel

van water en een mild reinigingsmiddel.

Vervang de hars

V O O R Z I C H T I G

Gevaar van blootstelling aan chemicaliën. Chemicaliën en afval dienen te worden afgevoerd in

overeenkomst met de lokale, regionale en nationale voorschriften.

De patroon met hars kan door een nieuwe patroon worden vervangen of als alternatief kan de

patroon worden behouden en alleen de hars worden vervangen. Om de systeemspecificaties ten

volle te benutten, wordt het gebruik van kationische hars van nucleaire kwaliteit aanbevolen.

1. Stop de monsterstroom met het monsterstroomregelventiel.

2. Vervang de patroon of de hars:

Patroon—raadpleeg Harscartridge plaatsen op pagina 167.

Hars—raadpleeg Afbeelding 7. Voeg altijd met regelmatige intervallen demi-water toe wanneer

er nieuwe hars wordt toegevoegd om de hars te compacteren.

3. Open het ventiel voor ontgassing.

4. Open het monsterstroomregelventiel en controleer of alles waterdicht is en er geen lekken

bestaan.

5. Sluit het ventiel voor ontgassing wanneer de meetcel geen lucht meer bevat.

6. Stel de monsterstroom in hop de gewenste snelheid (tussen 5 en 20 L/u).

7. Stel de harsopties opnieuw in. Raadpleeg Optie Hars op pagina 178.

182

Nederlands

Оглавление