HEIDENHAIN PWM 20: 2 Veiligheid

2 Veiligheid: HEIDENHAIN PWM 20

background image

PWM 20

Bedieningshandleiding

nl

87

2 Veiligheid

Voor de bediening van het systeem gelden de algemeen

erkende veiligheidsvoorzieningen zoals die met name

bij de omgang met stroomvoerende apparaten vereist

zijn. Wanneer deze veiligheidsmaatregelen niet worden

opgevolgd, kan er schade aan het apparaat of letsel

optreden.

De veiligheidsvoorschriften kunnen per onderneming

verschillen. Indien de inhoud van deze korte instructie

conflicteert met de bedrijfsinterne regels van een

onderneming waarin dit apparaat wordt gebruikt, dan gelden

de strengste regels.

2.1 Gebruik volgens de voorschriften

Het apparaat mag uitsluitend in een onbeschadigde en

veilige toestand worden gebruikt. Het is uitsluitend bestemd

voor de volgende toepassing:

Diagnose en afstelling van HEIDENHAIN-meetsystemen

met absolute en incrementele interfaces

Een andere of verdergaande toepassing van het apparaat

geldt als niet volgens de voorschriften en kan leiden tot

gevaren en schade.

2.2 Gebruik in strijd met de voorschriften

Elk gebruik dat niet in "Gebruik volgens de voorschriften"

genoemd wordt, geldt als niet volgens de voorschriften.

Voor hieruit voortvloeiende schade is uitsluitend de

exploitant van het apparaat aansprakelijk.

Bovendien geldt het volgende gebruik als niet volgens de

voorschriften:

Gebruik met defecte of niet volgens de norm

uitgevoerde onderdelen, kabels of aansluitingen

Gebruik in een explosie- of brandgevaarlijke omgeving

Gebruik buiten de bedrijfscondities die zijn vermeld in

"Technische gegevens"

Veranderingen aan het apparaat of de randapparatuur

zonder toestemming van de fabrikant

2.3 Kwalificaties van het personeel

Voor montage, installatie, bediening, onderhoud en

demontage is een beroepskwalificatie als servicetechnicus

vereist. De servicetechnicus moet zich voor het werken

met het apparaat door middel van de documentatie van

het apparaat en de aangesloten randapparatuur voldoende

hebben geïnformeerd.

De kwalificaties zijn hieronder vermeld:

De servicetechnicus gebruikt en bedient het apparaat

in het kader van gebruik volgens de voorschriften. Hij

is speciaal opgeleid voor de werkomgeving waarin hij

werkzaam is. De servicetechnicus is op grond van zijn

vaktechnische opleiding, kennis en ervaring, alsmede de

kennis op het gebied van de desbetreffende normen en

bepalingen in staat om de opgedragen werkzaamheden

met betrekking tot de desbetreffende toepassing uit te

voeren, en mogelijke gevaren zelfstandig te herkennen

en te vermijden. Hij moet voldoen aan de bepalingen van

de geldende wettelijke voorschriften ter voorkoming van

ongevallen.

2.4 Verplichtingen van de exploitant

De exploitant bezit het apparaat en de randapparatuur of

heeft beide gehuurd. Hij is te allen tijde verantwoordelijk

voor gebruik volgens de voorschriften.

De exploitant moet:

de verschillende taken bij het apparaat aan

gekwalificeerd, geschikt en bevoegd personeel toewijzen

het personeel aantoonbaar op het gebied van de

bevoegdheden en taken "Kwalificaties van het personeel"

instrueren

ervoor zorgen dat het apparaat uitsluitend in technisch

correcte toestand wordt gebruikt

ervoor zorgen dat het apparaat wordt beveilig tegen

onbevoegd gebruik

background image

Bedieningshandleiding

nl

PWM 20

88

2.5 Algemene veiligheidsinstructies

De specifieke veiligheidsinstructies die in acht moeten

worden genomen voor de afzonderlijke werkzaamheden

aan het apparaat worden beschreven in de desbetreffende

hoofdstukken van deze handleiding.

2.5.1 Classificatie van de waarschuwingsaanwijzingen

Waarschuwingsaanwijzingen waarschuwen tegen gevaren

bij de omgang met het apparaat en geven instructies voor

het voorkomen van deze gevaren. Ze zijn naar de ernst

van het gevaar geclassificeerd en in de volgende groepen

onderverdeeld:

Soorten aanwijzingen GEVAAR

Duidt op een 

onmiddellijk dreigend gevaar

.

Wanneer dit niet wordt vermeden, leidt dit onherroepelijk

tot de 

dood

 of 

zeer ernstig letsel

.

WAARSCHUWING

Duidt op een 

mogelijk dreigend gevaar

.

Wanneer dit niet wordt vermeden, kan dit leiden tot de

dood

 of 

zeer ernstig letsel

.

VOORZICHTIG

Duidt op een 

mogelijk dreigend gevaar

.

Wanneer dit niet wordt vermeden, kan dit leiden tot 

licht

of 

gering letsel

.

AANWIJZING

Duidt op een 

mogelijk schadelijke situatie

.

Wanneer deze niet wordt vermeden, kan het 

apparaat

 of

iets in zijn omgeving beschadigd 

raken.

Een informatiekader bevat 

belangrijke extra of

aanvullende informatie

 over een activiteit of

concept.

Het vestigt bovendien de aandacht op situaties

of omstandigheden die kunnen leiden tot

meetfouten of storingen.

2.5.2 Veiligheidsinstructies met betrekking tot het elektrische systeem GEVAAR

Bij het openen van het apparaat bestaat kans op contact

met spanningvoerende delen.

Elektrische schokken, verbrandingen of de dood

kunnen het gevolg zijn. Bovendien vervallen door

het openen van het apparaat de garantie, vrijwaring

en de aansprakelijkheid van de fabrikant voor hieruit

voortvloeiende ongevallen, letsel en materiële schade.

In geen geval de behuizing openen.

Ingrepen uitsluitend laten uitvoeren door de fabrikant.

GEVAAR

Bij direct of indirect contact met spanningvoerende delen

wordt er gevaarlijke elektrische stroom door het lichaam

geleid.

Elektrische schokken, verbrandingen of de dood kunnen

het gevolg zijn.

Werkzaamheden aan het elektrische systeem en

aan stroomvoerende componenten uitsluitend laten

uitvoeren door daartoe geschoold personeel.

Voor netaansluiting en alle interface-aansluitingen

uitsluitend genormeerde kabels en stekkers

gebruiken.

Condensatie voorkomen.

Het apparaat in geval van beschadiging niet repareren

en niet langer gebruiken

Defecte elektrische componenten onmiddellijk via de

fabrikant laten vervangen.

Alle aangesloten kabels en aansluitbussen van het

apparaat regelmatig controleren. Defecten, bijv.

loszittende verbindingen resp. vastgesmolten kabels,

onmiddellijk verhelpen.

AANWIJZING

Dit product bevat componenten

die door elektrostatische ontlading

(ESD) onherstelbaar beschadigd

kunnen raken.

Veiligheidsvoorzieningen voor de

omgang met ESD-gevoelige compo-

nenten altijd in acht nemen.

Aansluitpennen nooit zonder een go-

ede aarding aanraken.

Оглавление