Rothenberger RODIACUT 400 PRO D – страница 3
Инструкция к Rothenberger RODIACUT 400 PRO D

1 Aanwijzingen betreffende de veiligheid
1.1 Gebruik volgens de voorschriften
De kernboorstander RODIACUT 400 PRO dient uitsluitend voor het boren van gaten met een
diameter van 25 tot 400 mm (optional 520mm) in beton, staalbeton, kunst- en natuursteen en
metselwerk met diamantbelegde boorkronen in natte of droge boorprocessen.
Voor werken in of onder water zijn de boorstanders niet geschikt. Elk ander gebruik en de niet-
naleving van de gebruiksaanwijzing en/of onderhoudsvoorwaarden gelden als een niet correct
gebruik. Voor hieruit voortvloeiende schade is de producent niet aansprakelijk.
1.2 Algemene veiligheidsvoorschriften
LET OP! Lees alle voorschriften. Wanneer de volgende voorschriften niet in acht
worden genomen, kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg
hebben.
Het hierna gebruikte begrip „elektrisch gereedschap” heeft betrekking op elektrische
gereedschappen voor gebruik op het stroomnet (met aansluitkabel) en op elektrische
gereedschappen voor gebruik met een accu (zonder aansluitkabel).
BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN GOED.
1) Werkomgeving
a) Houd uw werkomgeving schoon en opgeruimd. Een rommelige of onverlichte
werkomgeving kan tot ongevallen leiden.
b) Werk met het gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich
brandbare vloeistoffen, gassen of stof bevinden. Elektrische gereedschappen
veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen.
c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische
gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het
gereedschap verliezen.
2) Elektrische veiligheid
a) De aansluitstekker van het gereedschap moet in het stopcontact passen. De
stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in
combinatie met geaarde gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende
stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.
b) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld
van buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico
door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.
c) Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van
water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.
d) Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om het gereedschap te dragen of
op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit
de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende gereedschapdelen.
Beschadigde of in de war geraakte kabels vergroten het risico van een elektrische schok.
e) Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen
verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het
gebruik van een voor gebruik buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van
een elektrische schok.
3) Veiligheid van personen
a) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik
van het elektrische gereedschap. Gebruik het gereedschap niet wanneer u moe
bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van
onoplettendheid bij het gebruik van het gereedschap kan tot ernstige verwondingen
leiden.
NEDERLANDS
39

b) Draag persoonlijke beschermende uitrusting en altijd een veiligheidsbril. Het
dragen van persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmasker, slipvaste
werkschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en
het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico van verwondingen.
c) Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer dat de schakelaar in de stand
„UIT“ staat voordat u de stekker in het stopcontact steekt. Wanneer u bij het
dragen van het gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u het
gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen
leiden.
d) Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het gereedschap
inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap
kan tot verwondingen leiden.
e) Overschat uzelf niet. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft.
Daardoor kunt u het gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd
haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshangende
kleding, sieraden en lange haren kunnen door bewegende delen worden meegenomen.
g) Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden
gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist
worden gebruikt. Het gebruik van deze voorzieningen beperkt het gevaar door stof.
4) Gebruik en onderhoud van elektrische gereedschappen
a) Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het
daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische
gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch
gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet
worden gerepareerd.
c) Trek de stekker uit het stopcontact voordat u het gereedschap instelt,
toebehoren wisselt of het gereedschap weglegt. Deze voorzorgsmaatregel
voorkomt onbedoeld starten van het gereedschap.
d) Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen.
Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd
zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn
gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt.
e) Verzorg het gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende delen van het
gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen
zodanig gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het gereedschap
nadelig wordt beïnvloed. Laat beschadigde delen repareren voordat u het
gereedschap gebruikt. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden
elektrische gereedschappen.
f) Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden
snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn
gemakkelijker te geleiden.
g) Gebruik elektrische gereedschappen, toebehoren, inzetgereedschappen en
dergelijke volgens deze aanwijzingen en zoals voor dit speciale
gereedschapstype voorgeschreven. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en
de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor
andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
5) Service
Laat het gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vakkundig personeel en
alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de
veiligheid van het gereedschap in stand blijft.
40
NEDERLANDS

1.3 Veiligheidsinstructies
De met het kernboortoestel uit te voeren boringen mogen enkel door de bouwheer vastgesteld
worden. Voor schade aan de statica van bouwwerken en daaruit voortvloeiende gevolgschade
kunnen noch de medewerkers van de firma ROTHENBERGER noch de gebruikers aansprakelijk
gesteld worden.
Eventuele schade door koelwater dient zoveel mogelijk op voorhand uitgesloten te worden. In
overeenkomst met de bouwleiding moeten de vereiste tegenmaatregelen getroffen worden.
Voor verscholen waterschade (holle ruimtes, voegen, barsten, niet zichtbare buizen, enz.) kunnen
noch de medewerkers van de firma ROTHENBERGER noch de gebruikers aansprakelijk gesteld
worden.
Laat bij de montage van de boorstander/boormotor geen werktuigen steken!
Gebruik uw persoonlijke beschermende kledij: veiligheidsbril, veiligheidshandschoenen,
oorbeschermers, stofmasker!
Draag nauw aan het lichaam aanpassende kledij, doe juwelen uit en bind lang haar samen of
bedek het.
Tijdens het boren wordt de geluidsdrempel van 90 dB overschreden. Het is daarom verplicht om
geschikte oorbeschermers te dragen. Doet u dit niet, dan kan er aanzienlijke gehoorschade
ontstaan!
Tijdens het boren dient de gebruiker het boortoestel aandachtig in de gaten te houden. Bij de
eerste tekenen van eventuele stoorsituaties (bijv. het verlies van koelwater, loskomende
boorstanders, het blokkeren van de boorkroon, enz.) dient de motor onmiddellijk uitgeschakeld
te worden. Pas na oplossing van de oorzaak mogen de boorwerken weer voortgezet worden.
Kernboringen in plafonneringen met daaronder liggende ruimtes vormen een hoog
veiligheidsrisico. Na het doorboren van de plafonnering bestaat het gevaar dat de boorkernen
naar beneden storten. Daarom dienen er geschikte tegenmaatregelen getroffen te worden (bijv.
plaatsen beveiligen of versperren, boorkernen naar boven toe wegnemen, enz.). BEVEILIGING
VAN DE BOUWPLAATS.
2 Technische gegevens
Afmetingen LxBxH mm.............................. 460 x 305 x 1150
Afmetingen................................................ 680mm
Boordiameter max...................................... ø 400mm (optional ø 520mm)
Schuine onderstutting ................................ ja
Gewicht .................................................... ca. 21,4 kg
Dubbele zetmaat........................................ 350mm
3 Werking van de machine
3.1 Overzicht (afb. A)
1
Bodemplaat
7
Voeding 1:3
2
Boorkolom
8
Handwiel
3
Voedingseenheid
9
Stutkop
4
Voedinghendel
10
Magnetische diepteaanslag
5
Zeskantmoer
11
Arrêteerknop voeding
6
Ringschroeven
12
Spanhefboom
Aangezien het systeem bestaat uit op elkaar afgestemde componenten, mag u uitsluitend
originele ROTHENBERGER onderdelen, toebehoren en diamantboorkronen gebruiken, om steeds
een optimaal functioneren van de machine te kunnen waarborgen.
NEDERLANDS
41

3.2 Inbedrijfstelling
Positionering:
Let op de positie van de ringschroeven (6)! De ringschroeven mogen niet aan de
onderkant van de bodemplaat uitsteken!
Î Boorgat afmeten en boorgatmidden aantekenen. Dubbele zetmaat: zie technische
gegevens!
Î Bodemplaat (1) afstellen en bevestigen.
De optimale bevestigingsmogelijkheid is afhankelijk van de omstandigheden op de
bouwplaats. (zie bevestigingsmogelijkheden punt 3.3)
De uiteindelijke fijne uitlijning of afstelling van de boorstander bereikt u door vastzetten van de
vier ringschroeven (6).
Vóór elke inbedrijfstelling controleren of de boorstander stevig vaststaat en niet
waggelt!
3.3 Bevestigingsmogelijkheden (afb. B)
Dookbevestiging in beton of metselwerk (afb. B-1)
Î Bevestigingsgat voor dookbevestiging afmeten en boren. Dubbele zetmaat: zie technische
gegevens!
Diameter in mm Diepte in mm
Beton (art. Nr. FF35120) 15 mm 65mm
Metselwerk (art. Nr. FF35121) 20mm 85mm
Î Boorgat zorgvuldig van boorgruis reinigen.
Î Betondook met spreidwig of metselwerkdook (tot 5 keer herbruikbaar) plaatsen
Betonset:
Draadstang in de dook indraaien, boorstander erop zetten met onderlegschijf en
moer vast aandraaien.
Metselwerkset:
Draadstang met onderlegschijf en gemonteerde moer in het anker
inschroeven. Moer met steeksleutel vastdraaien. Boorstander erop zetten met onderlegschijf
en moer vast aandraaien.
Spannen met de snelspannkolom (afb. B-2, art. nr. FF35015)
Î De boorstander uitlijnen en de snelspankolom op de bodemplaat van de boorstander
plaatsen.
Î De snelspankolom uitschuiven en de boorstander vastklemmen.
Minimumhoogte van het vertrek: ca. 1,7 m
Maximumhoogte van het vertrek: ca. 3,0 m
Opmerking: Om beschadiging van plafond en muren door de snelspankolom te voorkomen,
plaatst u een stuk hout of dergelijke tussen kolomeinde en plafond, zodat de aandrukkracht
over een groter oppervlak wordt verdeeld.
De bijgevoegde gebruiksaanwijzing van de snelspankolom lezen en begrijpen!
Verspanning met stutkop
Î Geschikte afstandshouder tussen de stutkop (10) en de muur/plafonnering plaatsen.
Î Stutkop losdraaien en daarmee de boorstander vastklemmen.
Opmerking: Om beschadigingen door de afstandshouder aan de plafonnering of de muren
te voorkomen, legt u – voor de verdeling van de druk over een groter oppervlak – een stuk
hout of iets gelijkaardigs tussen het kolomeinde en de plafonnering.
42
NEDERLANDS

3.4 Bediening
Boorhoek instellen:
Î Zeskantmoeren SW24 (5) en spanhefboom (12) losmaken en de boorkolom (2) op de
gewenste hoek (-15 -0- 45°) instellen.
Î Zeskantmoeren en spanhefboom weer aantrekken.
Bij het vasttrekken van de zeskantmoeren moet u erop letten dat de vertanding van
de steunplaat vormgesloten in de vertanding van de boorkolom vastgrijpt!
Diamantboormachine aanbrengen (afb. B-3):
Î Arrêteerknop (11) losmaken en voedingseenheid (3) van de boorkolom (2) wegnemen.
Î Motor met bijgevoegde schroeven aan de voedingseenheid (3) bevestigen.
Let op de juiste positie van de gleuf van de afstelveer en de boringen!
Voor een uitbreiding van het boorgebied voor de boormotor RODIADRILL 3000 PD kunnen
optioneel bijkomende afstandsplaten worden gebruikt:
Afstandsplaat
FF35139
FF35138
20mm
70mm
Boorkronen Ø
420mm 520mm
Î Voedingseenheid met boormotor op de boorkolom (2) inschuiven en door middel van de
arrêteerknop (11) vastzetten.
Î Om te verwijderen, in omgekeerde volgorde te werk gaan
Magnetische diepteaanslag (13) instellen:
Î De magnetische diepteaanslag (13) op de vertanding van de boorkolom in de gewenste
boordiepte steken.
Boordiepte = Afstand tussen de onderkant van de voedingsmotor en de bovenkant van de
diepteaanslag.
Boren:
De gebruiksaanwijzing van de boormotor lezen en begrijpen!
Î Waterkraan opendraaien of stofzuiger inschakelen.
Er moet minstens zoveel waterdruk (max. 4 bar!) aanwezig zijn, dat de boorsuspensie uit het
boorgaat wordt getransporteerd)
Î De arrêtering (11) opschuifmechanisme losmaken en met het handwiel (4) de boormachine
tot de gewenste boordiepte naar beneden draaien.
Î De motor uitzetten en terugdraaien tot de boorkroon volledig zichtbaar is.
Mocht de boor komen vast te zitten, moet u de boormotor op een laag toerental
onder koelwater weer aanzetten en de boorkroon terugtrekken!
Indien nodig dit proces herhalen of met behulp van een steeksleutel SW41 aan de boorkroon
draaien. Opgelet: PRCD-schakelaar uitzetten!
NEDERLANDS
43

4 Service en onderhoud
Werken voor de instandhouding, het onderhoud en de zorg mogen enkel bij stilstand van de
machine uitgevoerd worden.
De beste onderhoudsmaatregelen zijn het dagelijks verwijderen van drab, stof en vuil. Bijzondere
aandacht moet geschonken worden aan de geleidekolom en de leibaan alsook aan de tandstang
en de voedingsronsel. De spillen dienen na elke reiniging lichtjes geolied te worden.
De leibanen dienen op regelmatige tijdstippen gecontroleerd te worden op speling in indien
nodig bijgesteld te worden.
Boorkolommen en tandstangen niet invetten, aangezien het vet met het aanklevende
vuil werkt als een schuurpasta en de slijtage vergroot!
De stelschroeven van de bodemplaat dagelijks reinigen en lichtlopend houden.
Belangrijk! Alle onderhouds-, instandhoudings- en reparatiewerkzaamheden mogen slechts
door geïnstrueerd deskundig personeel worden uitgevoerd.
5 Toebehoren
Geschikt toebehoren en een bestelformulier vindt u vanaf pagina 136.
6 Afvalverwijdering
Delen van het apparaat zijn recyclebare materialen en kunnen dus opnieuw worden gebruikt.
Hiertoe staan geregistreerde en gecertificeerde recyclebedrijven ter beschikking. Voor de
milieuvriendelijke verwerking van de niet-recyclebare delen (bijv. elektronisch schroot) dient u
de plaatselijk bevoegde afvaldiensten te raadplegen.
Alleen voor de EU-landen:
Werp elektrisch gereedschap niet in het huisvuil! Volgens de Europese richtlijn
2002/96/EG betreffende uitgediende elektro- en elektronica-apparatuur en haar
omzetting in nationaal recht moet niet meer bruikbaar elektrisch gereedschap
afzonderlijk worden verzameld en milieuvriendelijk voor recycling beschikbaar
worden gesteld.
44
NEDERLANDS

Índice Página
1 Indicações sobre a segurança 46
1.1 Utilização adequada 46
1.2 Regras gerais de segurança 46
1.3 Indicações de segurança 48
2 Dados técnicos 48
3 Função do aparelho 48
3.1 Vista geral (Imagem A) 48
3.2 Arranque 49
3.3 Possibilidades de fixação (Imagem B) 49
3.4 Operação 50
4 Conservação e manutenção 51
5 Acessório 51
6 Eliminação 51
Identificações neste documento
Perigo
Este símbolo avisa de danos pessoais.
Atenção
Este símbolo avisa de danos materiais ou ambientais.
Î
Incentivo para acções
PORTUGUES
45

1 Indicações sobre a segurança
1.1 Utilização adequada
O pedestal de perfuração com coroa RODIACUT 400 PRO destina-se exclusivamente à
perfuração de furos de 25 a 400 mm (optional 520mm) de diâmetro em betão, betão armado,
pedra artificial, pedra natural e muramento como coroas equipadas com diamante no processo
de perfuração a húmido ou a seco.
Os pedestais de perfuração não são aptos para trabalhos na água ou debaixo de água. Não é
considerada adequada qualquer utilização para além do mencionado, assim como o
incumprimento das instruções de serviço e/ou de manutenção. O fabricante não assume a
responsabilidade para danos daí resultantes.
1.2 Regras gerais de segurança
ATENÇÃO! Leia todas as instruções. O desrespeito das instruções a seguir podem
cauxar choque eléctrico, incêndio e/ou graves lesões.
O termo “ferramenta eléctrica” utilizado a seguir refere-se a ferramentas eléctricas com conexão
a rede (com cabo) e a ferramentas operadas a pilhas (sem cabo)
GUARDE BEM ESTAS INSTRUÇÕES.
1) Área de trabalho
a) Mantenha a sua área de trabalho limpa e arrumada. Desordem e áreas de trabalho
com fraca iluminação podem causar acidentes.
b) Não trabalhar com a ferramenta eléctrica em áreas com risco de explosão, nas
quais se encontrem líquidos, gases ou pós inflamáveis. Ferramentas eléctricas
produzem faíscas que podem iprovocar a ignição de pó e vapores.
c) Mantenha crianças e outras pessoas afastadas da ferramenta eléctrica durante o
trabalho com a ferramenta. Distrações podem causar a falta de controle sobre o
aparelho.
2) Segurança eléctrica
a) A ficha da ferramentas eléctricas devem caber na tomada. A ficha não deve ser
modificada de modo algum. Não utilize quaisquer fiches de adaptação junto com
ferramentas eléctricas ligadas à terra. Fichas sem modificações e tomadas adequadas
reduzem o risco de choques eléctricos.
b) Evite que o corpo entre em contacto com superficies ligadas à terra, como por
exemplo tubos, radiadores, fogões e geladeiras. Há um risco elevado de choques
eléctricos, caso o corpo for ligado à terra.
c) A ferramenta eléctrica não deve ser exposta à chuva nem humidade. A penetração
de água na ferramenta eléctrica aumenta o risco de choques eléctricos.
d) O cabo do aparelho não deve ser utilizado para o transporte, para pendurar o
aparelho, nem para puxar a ficha da tomada. Mantenha o cabo afastado de
calor, óleo, cantos afiados ou partes em movimento do aparelho. Cabos
danificados ou torcidos aumentam o risco de choques eléctricos.
e) Ao trabalhar com a ferramenta eléctrica ao ar livre, use um cabo de extensão
apropriado para áreas externas. O uso de um cabo apropriado para áreas externas
reduz o risco de choques eléctricos.
3) Segurança de pessoas
a) Esteja alerta, observe o que está a fazer, e tenha prudencia ao trabalhar com a a
ferramenta eléctrica. Não use a ferramenta eléctrica se estiver fatigado ou sob a
influência de drogas, álcool ou medicamentos. Um momento de falta de atenção
durante a operação da ferramenta eléctrica pode causar graves lesões.
b) Usar um equipamento pessoal de protecção. Sempre utilizar um óculos de
protecção. Equipamento de segurança, como por exemplo, máscara de protecção contra
pó, sapatos de segurança anti-derrapantes, capacete de segurança ou protecção
46
PORTUGUES

auricular, de acordo com o tipo e aplicação da ferramenta eléctrica, reduzem o risco de
lesões.
c) Evite um accionamento involuntário. Assegure- se de que o interruptor esteja na
posição “desligar”, antes de introduzir a ficha na tomada. Manter o dedo sobre o
interruptor ao transportar a ferramenta eléctrica ou conectar o aparelho já ligado à rede,
pode levar a graves acidentes
d) Remover chaves de ajustes ou chaves de fenda, antes de ligar a ferramenta
eléctrica. Uma chave de fenda ou chave de ajuste que se encontre numa parte móvel do
aparelho, pode levar a lesões.
e) Não se sobrestime. Mantenha uma posição firme e mantenha sempre o
equilíbrio. Desta forma poderá será mais fácil controlar o aparelho em situações
inesperadas.
f) Use roupa apropriada. Não use roupa larga ou jóias. Mantenha o cabelo, roupa e
luvas afastadas de partes em movimento. Roupas largas, jóias ou cabelos longos
podem ser agarradas por partes em movimento.
g) Se for prevista a montagem de dispositivos de aspiração de pó e de dispositivos
de recolha, assegure-se de que estão conectados e que sejam utilizados de
forma correcta. A utilização destes dispositivos reduz os riscos provocados por pó.
4) Uso e tratamento de ferramentas eléctricas
a) Não sobrecarregue a ferramenta eléctrica. Use para o seu trabalho a ferramenta
eléctrica correcta. A ferramenta correcta realizará o trabalho de forma melhor e mais
segura dentro da faixa de potência indicada.
b) Não utilize a ferramenta eléctrica se o interruptor não puder ser ligado nem
desligado. Qualquer ferramenta eléctrica que não possa ser controlada através do
interruptor de ligar-desligar, é perigosa e deve ser reparada.
c) Puxar a ficha da tomada antes de efectuar ajustes no aparelho, substituir
acessórios ou armazenar a ferramenta eléctrica. Esta medida de segurança evita que
a ferramenta eléctrica seja ligada acidentalmente.
d) Guarde ferramentas eléctricas que não estiverem sendo utilizadas, for a do
alcance de crianças. Não permita que o aparelho seja utilizado por pessoas não
familiarizadas com o mesmo ou que não tenham lido estas instruções.
Ferramentas eléctricas são perigosas nas mãos de pessoas sem treinamento.
e) Trate a sua ferramenta eléctrica com cuidado. Verifique se as partes móveis do
aparelho funcionam perfeitamente e não emperram, se há peças quebradas ou
danificadas, que possam influenciar o funcionamento do aparelho. Peças
danificadas devem ser reparadas antes da utilização do aparelho. Muitos
acidentes tem como causa uma manutenção insuficiente das ferramentas eléctricas.
f) Mantenha as ferramentas de corte sempre afiadas e limpas. Ferramentas de cortes
devidamente tratadas, com cantos afiados travam com menos frequência e podem ser
controladas com maior facilidade.
g) Use a ferramenta eléctrica, os acessórios os bits da ferramenta etc., de acordo
com estas instruções e da maneira determinada para este tipo especial de
ferramenta eléctrica. Considere também as condições de trabalho e o trabalho a
ser efectuado. A utilização da ferramenta eléctrica para outros fins que os previstos,
pode resultar em situações perigosas.
5) Serviço
A sua ferramenta eléctrica só deve ser reparada por pessoal qualificado e só devem ser
colocadas peças sobressalentes originais. Desta forma é assegurada a segurança da
ferramenta eléctrica.
PORTUGUES
47

1.3 Indicações de segurança
As perfurações a efectuar com coroas extractoras devem ser determinadas exclusivamente pela
Direcção da obra. Nem os colaboradores da empresa ROTHENBERGER nem o utilizador poderão
assumir qualquer responsabilidade por danos na estática de edifícios e por danos daí resultantes.
Deverão excluir-se de antemão, tanto quanto possível, eventuais danos por água de refrigeração.
Em consonância com a Direcção da obra deverão tomar-se as necessárias medidas. Nem os
colaboradores da empresa ROTHENBERGER nem o utilizador poderão assumir qualquer
responsabilidade por danos ocultados causados pela água (cavidades, fendas, gretas, tubos não
visíveis, etc.).
Não deixe ferramentas encaixadas durante a montagem do pedestal de perfuração/motor de
perfuração!
Use o seu equipamento de protecção pessoal: Calçado de segurança, luvas de segurança,
protecção auricular, máscara contra pó!
Use vestuário justo, retire jóias e apanhe cabelo comprido ou cubra-o.
Durante a perfuração será ultrapassado o nível de ruído de 90 db. É portanto de importância
essencial a utilização de protecção auricular adequada. O incumprimento pode causar
consideráveis deficiências acústicas!
Durante a perfuração o utilizador deve observar com atenção o aparelho perfurador. Com o
surgimento de primeiros sinais de avaria (por ex. falhos na água de refrigeração, pedestal solto,
bloqueamento da coroa, etc.) deverá desligar imediatamente o motor. Somente após a
eliminação da causa é que poderá continuar com os trabalhos de perfuração.
Perfurações com coroas extractoras em tectos com espaços por debaixo representam um elevado
risco para a segurança. Após a perfuração do tecto existe o perigo de queda dos núcleos
extraídos. Deverão tomar-se medidas adequadas (por ex. proteger e/ou bloquear as áreas, retirar
os núcleos extraídos por cima): PROTEGER A OBRA
2 Dados técnicos
Dimensões (H x B x T) mm.......................... 460 x 305 x 1150
Curso......................................................... 680mm
Diâmetro da perfuração máx ...................... ø 400mm (optional ø 520mm)
Apoio inclinado.......................................... sim
Peso .......................................................... ca. 21,4 kg
Suplemento para bucha ............................. 350mm
3 Função do aparelho
3.1 Vista geral (Imagem A)
1
Placa de base
7
Avanço 1:3
2
Coluna de perfuração
8
Punho
3
Unidade de avanço
9
Cabeça de apoio
4
Alavanca de avanço
10
Tope magnético de profundidade
5
Porca sextavadas
11
Retentor avanço
6
Cavilhas com ilhó
12
Alavanca oscilante de aperto
Visto que o sistema consiste em componentes harmonizados uns com os outros deverá utilizar
exclusivamente peças de substituição, acessórios e coroas de diamante da ROTHENBERGER para
garantir sempre o funcionamento óptimo do aparelho.
48
PORTUGUES

3.2 Arranque
Posicionamento:
Ter cuidado com a posição das cavilhas com olhais (6)! As cavilhas com olhais não
podem sobressair do canto inferior da placa de base!
Î Medir o furo e medir centro do furo. Suplemento para bucha: ver dados técnicos!
Î Ajustar e fixar placa de base (1).
A respectiva possibilidade de fixação óptima depende das condições na obra. (ver
Possibilidades de fixação, pto. 3.3)
Consegue-se o ajuste fino e/ou acerto do pedestal de perfuração com o aperto das quatro
cavilhas com olhais (6).
Antes de cada arranque deve assegurar-se que o pedestal de perfuração esteja
bem fixo e que não abane!
3.3 Possibilidades de fixação (Imagem B)
Fixação com buchas em betão ou muramento (imagem B-1)
Î Medir o furo de fixação para a fixação com bucha e perfurar. Suplemento para bucha: ver
dados técnicos!
Diâmetro em mm Profundidade em mm
Betão (n.° art. FF35120) 15 mm 65mm
Muramento (n.° art. FF35121) 20mm 85mm
Î Limpar cuidadosamente o pó no furo.
Î Inserir a bucha para betão com expansor ou para muramento (utilizável até 5 vezes)
Kit betão:
Enroscar a barra roscada na bucha, colocar o pedestal de perfuração e apertar com
a anilha e a porca.
Kit muramento:
Enroscar a barra roscada com anilha e porca montada na âncora. Apertar a
porca com uma chave de forqueta. Colocar o pedestal de perfuração e apertar com a anilha
e a porca.
Tender a coluna de aperto rápido (imagem B-2, n.° art. FF35015)
Î Ajustar o pedestal e montar a coluna de aperto rápido na placa de base do pedestal.
Î Abrir a coluna de aperto rápido e fixar o pedestal.
Altura mínima do local: aprox 1,7 m
Altura máxima do local: aprox. 3,0 m
Indicação: Para prevenir danos da coluna de aperto rápido em tectos e paredes deve, para
distribuir a pressão por uma área maior, colocar um pedaço de madeira ou parecido entre a
extremidade da coluna e o tecto.
Ler e entender as instruções de serviço da coluna de aperto rápido em anexo!
Tender com a cabeça de apoio
Î Colocar uma peça distanciadora adequada entre a cabeça de apoio (9) e a parede/tecto.
Î Desenroscar a cabeça de apoio e dessa forma fixar o pedestal de perfuração.
Nota: Para prevenir danos pela peça distanciadora em paredes ou em tectos deverá, com a
finalidade de distribuir a pressão, colocar uma área de maior dimensão, como por ex. uma
peça de madeira ou parecido, entre a extremidade da coluna e o tecto.
PORTUGUES
49

3.4 Operação
Ajustar o ângulo de perfuração:
Î Soltar porcas sextavadas SW24 (5) e alavanca oscilante de aperto (12) para o ângulo
desejado (-15 -0- 45°).
Î Apertar novamente as porcas sextavadas e a alavanca oscilante de aperto.
Ao apertar as porcas sextavadas deve ter o cuidado que os dentes da placa de apoio
agarrem bem nos dentes da coluna perfuradora!
Inserir máquina perfurador com diamante (imagem B-3):
Î Soltar retentor (11) e retirar a unidade de avanço (3) da coluna de perfuração (2)
Î Fixar o motor com os parafusos anexados à unidade de avanço (3).
Tenha em consideração a posição correcta da ranhura para a chaveta!
Para a ampliação da área de perfuração para o motor de perfuração RODIADRILL 3000 PD é
possível utilizar opcionalmente placas de distância adicionais:
Placa de distância FF35139
FF35138
20mm
70mm
Coroas de perfuração Ø 420mm 520mm
Î Inserir a unidade de avanço com o motor de perfuração na coluna de perfuração (2) e fixar
através do retentor (11).
Î Para retirar deve proceder na sequência contrária
Ajustar o tope magnético de profundidade (10):
Î Colocar o tope magnético de profundidade (10) nos dentes da coluna de perfuração na
profundidade desejada.
Profundidade = Distância entre canto inferior da engrenagem de avanço e o canto superior
do tope de profundidade.
Perfurar:
Ler e entender as instruções de serviço do motor de perfuração!
Î Abrir a torneira de água e ligar o aspirador de pó, respectivamente.
(Deve existir minimamente tanta pressão que as lamas da perfuração sejam transportadas
para fora do furo (max. 4 bar!))
Î Soltar o encravamento (11) da engrenagem de avanço e rodar a máquina perfuradora para
baixo com a roda de mão (4) até à altura de perfuração desejada.
Î Desligar o motor e rodar para trás até que a coroa esteja visível por completo.
Caso surgir emperramento, deverá ligar o motor de perfuração com rotação reduzida
e com água de arrefecimento e puxar a coroa para trás!
Em caso de emergência deve repetir este processo e/ou rodar na coroa mediante a chave de
forqueta SW 41. Atenção: Desligar o interruptor PRCD!
50
PORTUGUES

4 Conservação e manutenção
Trabalho de reparação, manutenção e conservação somente podem ser efectuados com a
máquina parada.
As melhores medidas de manutenção são a remoção diária de lama, pó e sujidade. Deve prestar
atenção particular à coluna de guia, a guia de deslize bem como a barra dentada e o pinhão de
avanço. O fuso deve ser lubrificado levemente após cada limpeza.
As guias de deslize devem ser controladas regularmente face a folgas e ajustadas quando
necessário.
Não lubrifique a coluna de perfuração e a barra dentada, visto que o lubrificante
juntamente com a sujidade acciona como um abrasivo, o que aumenta o desgaste!
Limpar diariamente os parafusos de ajuste da placa de base e manter o andamento suave.
Importante! Todos os trabalhos de manutenção, conservação e reparação só podem ser
realizados por pessoal técnico formado.
5 Acessório
Informações sobre o acessório adequado e um formulário de encomenda a partir da página 136.
6 Eliminação
Algumas partes do equipamento são materiais valiosos e podem ser reciclados. Para este fim, há
empresas de reciclagem autorizadas e certificadas à sua disposição. Para eliminar as partes não-
recicláveis (p. ex. Sucata electrónica) de modo compatível com o ambiente, por favor, entre em
contacto com a respectiva autoridade de reciclagem local.
Só para países UE:
Não deite ferramentas eléctricas para o lixo doméstico! De acordo com a Directiva
Europeia 2002/96/CE relativa aos resíduos de equipamentos eléctricos e electrónicos
e a sua transposição para Direito nacional é obrigatório recolher separadamente
ferramentas eléctricas fora de uso e conduzi-las à reciclagem.
PORTUGUES
51

Indhold Side
1 Henvisninger til sikkerheden 53
1.1 Korrekt brug 53
1.2 Generelle sikkerhedsinstrukser 53
1.3 Sikkerhedsanvisninger 55
2 Tekniske data 55
3 Apparatets funktion 55
3.1 Oversigt (ill. A) 55
3.2 Ibrugtagning 56
3.3 Monteringsmuligheder (ill. B) 56
3.4 Betjening 57
4 Service og vedligeholdelse 58
5 Tilbehør 58
6 Affaldsbehandling 58
Symboleri denne dokumentation
Fare
Dette tegn advarer mod personskader.
Pas på
Dette tegn advarer mod ting- eller miljøskader.
Î
Opfordrer til handling
52
DANSK

1 Henvisninger til sikkerheden
1.1 Korrekt brug
Borestanderen RODIACUT 400 PRO anvendes udelukkende til boring af huller fra 25 til 400 mm
(optional 520mm) diameter i beton, stålbeton, kunstige - samt natursten og murværk med
diamantborekroner i våd- eller tørboring.
Borestanderne er ikke dimensioneret til arbejde i eller under vand. Al yderligere anvendelse samt
misligholdelse af betjeningsvejledningen og/eller servicebetingelserne anses ikke som tilsigtet.
Producenten påtager sig intet ansvar for skader, som opstår som følge af at aftalen ikke
overholdes.
1.2 Generelle sikkerhedsinstrukser
Vigtigt! Læs alle instrukserne. I tilfælde af manglendeoverholdelse af nedenstående
instrukser erder risiko for elektrisk stød, alvorlige personskader,og der kan opstå
brandfare.
Det benyttede begreb„el-værktøj“ refererer til netdrevne maskiner (medtilslutningsledning) og
batteridrevne maskiner(uden tilslutningsledning).
DISSE INSTRUKSER BØR OPBEVARES FOR SENEREBRUG.
1) Arbejdsplads
a) Sørg for, at arbejdsområdet er rent og ryddeligt. Uorden og uoplyste
arbejdsområder øger faren for uheld.
b) Brug ikke maskinen i eksplosionstruede omgivelser, hvor der er brændbare
væsker, gasser eller støv. El-værktøj kan slå gnister, der kan antænde støv eller dampe.
c) Sørg for, at andre personer og ikke mindst børn holdes væk fra arbejdsområdet,
når maskinen er i brug. Hvis man distraheres, kan man miste kontrollen over maskinen.
2) Elektrisk sikkerhed
a) Maskinens stik skal passe til kontakten. Stikket må under ingen omstændigheder
ændres. Brug ikke adapterstik sammen med jordforbundne maskiner. Uændrede
stik, der passer til kontakterne, nedsætter risikoen for elektrisk stød.
b) Undgå kropskontakt med jordforbundne over- flader som f.eks. rør, radiatorer,
komfurer og køleskabe. Hvis din krop er jordforbundet, øges risikoen for elektrisk stød.
c) Maskinen må ikke udsættes for regn eller fugt. Indtrængning af vand i maskinen
øger risikoen for elektrisk stød.
d) Brug ikke ledningen til formål, den ikke er beregnet til (f.eks. må man aldrig
bære maskinen i ledningen, hænge maskinen op i ledningen eller rykke i
ledningen for at trække stikket ud af kontakten). Beskyt ledningen mod varme,
olie, skarpe kanter eller maskindele, der er i bevægelse. Beskadigede eller
indviklede ledninger øger risikoen for elektrisk stød.
e) Hvis maskinen benyttes i det fri, må der kun benyttes en forlængerledning, der
er godkendt til udendørs brug. Brug af forlængerledning til udendørs brug nedsætter
risikoen for elektrisk stød.
3) Personlig sikkerhed
a) Det er vigtigt at være opmærksom, se, hvad man laver, og bruge maskinen
fornuftigt. Man bør ikke bruge maskinen, hvis man er træt, har nydt alkohol
eller er påvirket af medicin eller euforiserende stoffer. Få sekunders
uopmærksomhed ved brug af maskinen kan føre til alvorlige personskader.
b) Brug beskyttelsesudstyr og hav altid beskyttelsesbriller på. Brug af
sikkerhedsudstyr som f.eks. støvmaske, skridsikkert fodtøj, beskyttelseshjelm eller
høreværn afhængig af maskintype og anvendelse nedsætter risikoen for personskader.
c) Undgå utilsigtet igangsætning. Kontrollér altid, at afbryderen står på OFF, før
stikket sættes i. Undgå at bære maskinen med fingeren på afbryderen og sørg for, at
DANSK
53

maskinen ikke er tændt, når den sluttes til nettet, da dette øger risikoen for
personskader.
d) Fjern indstillingsværktøj eller skruenøgle, inden maskinen tændes. Hvis et stykke
værktøj eller en nøgle sidder i en roterende maskindel, er der risiko for personskader.
e) Overvurder ikke dig selv. Sørg for at stå sikkert, mens der arbejdes, og kom ikke
ud af balance. Det er derved nemmere at kontrollere maskinen, hvis der skulle opstå
uventede situationer.
f) Brug egnet arbejdstøj. Undgå løse beklædningsgenstande eller smykker. Hold
hår, tøj og handsker væk fra dele, der bevæger sig. Dele, der er i bevægelse, kan
gribe fat i løstsiddende tøj, smykker eller langt hår.
g) Hvis støvudsugnings- og opsamlingsudstyr kan monteres, er det vigtigt, at dette
tilsluttes og benyttes korrekt. Brug af dette udstyr nedsætter risikoen for
personskader som følge af støv.
4) Omhyggelig omgang med og brug af el-værktøj
a) Undgå overbelastning af maskinen. Brug altid en maskine, der er beregnet til det
stykke arbejde, der skal udføres. Med den rigtige maskine arbejder man bedst og
mest sikkert inden for det angivne effektområde.
b) Brug ikke en maskine, hvis afbryder er defekt. En maskine, der ikke kan startes og
stoppes, er farlig og skal repareres.
c) Træk stikket ud af stikkontakten, inden maskinen indstilles, der skiftes
tilbehørsdele, eller maskinen lægges fra. Disse sikkerhedsforanstaltninger forhindrer
utilsigtet start af maskinen.
d) Opbevar ubenyttet el-værktøj uden for børns rækkevidde. Lad aldrig personer,
der ikke er fortrolige med maskinen eller ikke har gennemlæst disse instrukser,
benytte maskinen. El-værktøj er farligt, hvis det benyttes af ukyndige personer.
e) Maskinen bør vedligeholdes omhyggeligt. Kontroller, om bevægelige dele
fungerer korrekt og ikke sidder fast, og om delene er brækket eller beskadiget,
således at maskinens funktion påvirkes. Få beskadigede dele repareret, inden
maskinen tages i brug. Mange uheld skyldes dårligt vedligeholdte maskiner.
f) Sørg for, at skæreværktøjer er skarpe og rene. Omhyggeligt vedligeholdte
skæreværktøjer med skarpe skærekanter sætter sig ikke så hurtigt fast og er nemmere at
føre.
g) Brug el-værktøj, tilbehør, indsatsværktøj osv. iht. disse instrukser, og sådan som
det kræves for denne specielle værktøjstype. Tag hensyn til arbejdsforholdene
og det arbejde, der skal udføres. I tilfælde af anvendelse af værktøjet til formål, som
ligger uden for det fastsatte anvendelsesområde, kan der opstå farlige situationer.
5) Service
Sørg for, at maskinen kun repareres af kvalificerede fagfolk, og at der kun benyttes
originale reservedele. Dermed sikres størst mulig maskinsikkerhed.
54
DANSK

1.3 Sikkerhedsanvisninger
Boringer der skal udføres med boremaskinen må kun fastlægges af entreprenøren. Hverken
medarbejdere i firmaet ROTHENBERGER eller brugeren hæfter for skader på bygningers statik
samt følgeskader.
Mulige skader pga. kølevand bør udelukkes så vidt muligt forinden. Forholdsregler skal være
truffet med byggeledelsen. Medarbejderne i firmaet ROTHENBERGER samt brugeren hæfter ikke
for skjulte vandskader (hulrum, fuger, ridser, usynlige rør osv.).
Under borestanderens/boremotorens montering må der ikke sidde værktøj i apparatet!
Brug altid personlige værnemidler: Sikkerhedssko, beskyttelseshandsker, høreværn, støvmaske!
Bær tætsiddende tøj, tag smykker af og bind langt hår op eller dæk det til.
Under boringen overstiger støjniveauet 90 db. Derfor skal der avendes et egnet høreværn.
Misligholdelse kan medføre alvorlige høreskader!
Brugeren skal holde nøje øje med boreapparatet under boringen. Ved første tegn på mulige
forstyrrelser (f.eks. kølevandet svigter, borestanderen løsner sig, borekronen blokeres osv.) skal
motoren standses med det samme. Først når årsagen er fjernet må borearbejdet fortsættes.
Kerneboringer i etagedæk med underliggende rum udgør en høj risiko. Når etagedækket er
boret igennem er der risiko for at borekernen falder ned. Sørg for egnede forholdsregler (f.eks.
afsikring eller afspærring af områderne, tag borekernen ud opefter): AFSIKRING AF
BYGGEPLADSEN.
2 Tekniske data
Mål (L x B x H) i mm ................................... 460 x 305 x 1150
Slaglængde................................................ 680mm
Borediameter maks. ................................... ø 400mm (optional ø 520mm)
Skrå afstivning............................................ ja
Vægt ........................................................ ca. 21,4 kg
Dyvelsætmål............................................... 350mm
3 Apparatets funktion
3.1 Oversigt (ill. A)
1
Fodplade
7
Tilspænding 1:3
2
Boresøjle
8
Greb
3
Tilspændingsmodul
9
Ekspansionshåndtag
4
Spændehåndtag
10
Magnetisk dybdeanslag
5
Sekskantmøtrik
11
Stopmekanisme tilspænding
6
Ringskruer
12
Vippe-klemmehåndtag
Da systemet består af komponenter, der er tilpasset hinanden, må der kun anvendes originale
ROTHENBERGER reservedele, tilbehør samt diamantborekroner, for at sikre at apparatet fungerer
optimalt.
DANSK
55

3.2 Ibrugtagning
Placering:
Vær opmærksom på ringskruernes position (6)! Ringskruerne må ikke rage op over
bundpladens underkant!
Î Mål borehullerne op og marker borehullets midte. Dyvelsætmål se de tekniske data!
Î Juster og fastspænd fodpladen (1).
Den bedste montering afhænger af forholdene på byggepladsen. (se
monteringsmulighederne pkt. 3.3)
Borestanderens afsluttende finindstilling eller finjustering fås ved at spænde de fire
ringskruer (6).
Kontroller før idriftsættelsen, om borestanderen er fastspændt og ikke vipper!
3.3 Monteringsmuligheder (ill. B)
Montering med dyvler i beton eller murværk (ill. B-1)
Î Udmål og bor et monteringshul til dyvelmonteringen. Dyvelsætmål se de tekniske data!
Diameter i mm Dybde i mm
Beton (art. Nr. FF35120) 15 mm 65mm
Murværk (art. Nr. FF35121) 20mm 85mm
Î Rengør omhyggeligt hullet for boresmuld.
Î Skub en betondyvel i med ekspansionskile eller murværksdyvler (kan anvendes op til 5 gange)
Betonsæt:
Skru en gevindstang i dyvlen, sæt borestanderen på og spænd til med
underlagsskive og møtrik.
Murværksæt:
Skru en gevindstang med underlagsskiver og monteret møtrik i ankeret.
Spænd møtrikken med gaffelnøglen. Sæt borestanderen på og spænd til med underlagsskive
og møtrik.
Fastspænding med hurtigopspændingssøjlen (ill. B-2, art. nr. FF35015)
Î Juster borestanderen og sæt søjlen på borestanderens bundplade.
Î Kør søjlen ud og klem borestanderen fast.
Rummets minimale højde: ca. 1,7 m
Rummets maksimale højde: ca. 3,0 m
Bemærk: For at undgå skader på lofter eller vægge pga. søjlen, lægges der et stykke træ
eller lignende mellem søjlens ende og loftet for at fordele fladetrykket til en større flade.
Læs og forstå søjlens betjeningsvejledning!
Fastspænding med ekspansionshåndtag
Î Placer et egnet afstandsstykke mellem ekspansionshåndtaget (9) og væggen/etagedækket.
Î Skru ekspansionshåndtaget ud og klem borestanderen hermed.
Bemærk: For at undgå skader på etagedæk eller vægge pga. afstandsstykket, lægges der et
stykke træ eller lignende mellem søjlens ende og loftet for at fordele fladetrykket til en større
flade.
56
DANSK

3.4 Betjening
Indstil borevinklen:
Î Løsn sekskantmøtrikkerne SV24 (5) og vippe-klemmehåndtaget (12) og indstil borestanderen
(2) i den ønskede vinkel (-15 -0- 45°).
Î Spænd derefter sekskantmøtrikkerne og vippe-klemmehåndtaget til igen.
Under fastspændingen af sekskantmøtrikkerne skal det sikres at støttepladens
fortanding griber formsluttende ind i boresøjlens fortanding!
Isæt diamantboremaskinen (ill. B-3):
Î Løsn stopmekanismen (11) og tag tilspændingsmodulet (3) af boresøjlen (2).
Î Fastgør motoren med de vedlagte skruer på tilspændingsmodulet (3).
Kontroller at pasfjedernoten og hullerne er korrekt placeret!
Skal boremotorens RODIADRILL 3000 PD boreområde udvides, skal der anvendes ekstra
afstandsstykker:
Afstandsstykke FF35139
FF35138
20mm
70mm
Borekroner Ø 420mm 520mm
Î Skub tilspændingsmodulet med boremotoren på boresøjlen (2) og fastgør dem med
stopmekanismen (11).
Î Afmonteringen foretages i modsat rækkefølge
Indstil det magnetiske dybdeanslag (10):
Î Stik det magnetiske dybdeanslag (10) på boresøjlens fortanding i den ønskede boredybde.
Boredybden = afstanden mellem tilspændingsgearets underkant og dybdeanslagets øvre
kant.
Boring:
Læs og forstå boremotorens betjeningsvejledning!
Î Drej op for vandhanen eller tilslut støvsugeren.
(der skal mindst være så meget vandtryk, at det dannede boreslam fjernes fra borehullet
(max. 4 bar!))
Î Løsn tilspændingsgearets lås (11) og drej boremaskinen ned til den ønskede boredybde med
håndhjulet (4).
Î Sluk for motoren og sving tilbage, indtil borekronen kan ses helt.
Klemmer mekanismen, tilkøres boremotoren igen med et lavt omdrejningstal med
kølevand og borekronen trækkes tilbage!
Gentag evt. dette eller drej med en gaffelnøgle SV 41 på borekronen. NB: Sluk for PRCD
afbryderen!
DANSK
57

4 Service og vedligeholdelse
Arbejder såsom istandsættelse, service og pleje må kun udføres når anlægget står stille.
Det bedste istandsættelsesarbejde er en daglig fjernelse af slam, støv og snavs. Vær især
opmærksom på føringssøjle og glideføring samt tandstang og drev. Spindlen bør smøres let ind
efter hver rengøring.
Kontroller glideføringerne regelmæssigt for slør og juster efter behov.
Smør ikke boresøjlen og tandstangen ind, da fedtet virker som slibepasta og derved
forhøjer sliddet hvis der sidder snavs på dem!
Rens fodpladens stilleskruer dagligt og sørg for let gang.
NB! Al vedligeholdelses-, istandsættelses- og reparationsarbejder må kun udføres af uddannet
personale.
5 Tilbehør
Egnet tilbehør og en bestillingsformular findes fra sida 136.
6 Affaldsbehandling
Dele af apparetet er af brugbart materiale og kann genbruges. Hertil står autoriserede og
certificerede genbrugsvirksomheder til rådighed. Til miljøvenlig affaldsbehandling af ikke
brugbart materiale (f.eks. elektronikaffald) vær venlig at spørg den myndighed, hvorunder det
sorterer.
Kun til EU-lande:
Elektrisk værktøj må ikke smides ud med det almindelige affald! I henhold til det
Europæiske Direktiv 2002/96/EF om affald af elektrisk- og. elektronisk udstyr
og
gennemførelsen i national lovgivning skal ikke længere brugbart elektrisk værktøj
indsamles separat og tilføres en recyclingsproces.
58
DANSK