Rothenberger RODIACUT 131 DWS – страница 3
Инструкция к Rothenberger RODIACUT 131 DWS

1 Aanwijzingen betreffende de veiligheid
1.1 Gebruik volgens de voorschriften
De diamantkernboorstander RODIACUT 131 - 202 DWS mag alleen worden gebruikt voor het
boren in gewapend beton, metselwerk, asfalt en andere soorten gesteente met passende
boorkroon. De boorstander RODIACUT 131 DWS is als houder bestemd voor de boormotor
RODIADRILL 1800 DWS, en de boorstander RODIACUT 202 DWS voor de boormotor RODIADRILL
2400 PD.
1.2 Algemene veiligheidsvoorschriften
LET OP! Lees alle voorschriften. Wanneer de volgende voorschriften niet in acht
worden genomen, kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg
hebben.
Het hierna gebruikte begrip „elektrisch gereedschap” heeft betrekking op elektrische
gereedschappen voor gebruik op het stroomnet (met aansluitkabel) en op elektrische
gereedschappen voor gebruik met een accu (zonder aansluitkabel).
BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN GOED.
1) Werkomgeving
a) Houd uw werkomgeving schoon en opgeruimd. Een rommelige of onverlichte
werkomgeving kan tot ongevallen leiden.
b) Werk met het gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich
brandbare vloeistoffen, gassen of stof bevinden. Elektrische gereedschappen
veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen.
c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische
gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het
gereedschap verliezen.
2) Elektrische veiligheid
a) De aansluitstekker van het gereedschap moet in het stopcontact passen. De
stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in
combinatie met geaarde gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende
stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.
b) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld
van buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico
door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.
c) Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van
water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.
d) Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om het gereedschap te dragen of
op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit
de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende gereedschapdelen.
Beschadigde of in de war geraakte kabels vergroten het risico van een elektrische schok.
e) Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen
verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het
gebruik van een voor gebruik buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van
een elektrische schok.
3) Veiligheid van personen
a) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik
van het elektrische gereedschap. Gebruik het gereedschap niet wanneer u moe
bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van
onoplettendheid bij het gebruik van het gereedschap kan tot ernstige verwondingen
leiden.
b) Draag persoonlijke beschermende uitrusting en altijd een veiligheidsbril. Het
dragen van persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmasker, slipvaste
werkschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en
het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico van verwondingen.
NEDERLANDS 37

c) Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer dat de schakelaar in de stand
„UIT“ staat voordat u de stekker in het stopcontact steekt. Wanneer u bij het
dragen van het gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u het
gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen
leiden.
d) Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het gereedschap
inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap
kan tot verwondingen leiden.
e) Overschat uzelf niet. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft.
Daardoor kunt u het gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd
haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshangende
kleding, sieraden en lange haren kunnen door bewegende delen worden meegenomen.
g) Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden
gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist
worden gebruikt. Het gebruik van deze voorzieningen beperkt het gevaar door stof.
4) Gebruik en onderhoud van elektrische gereedschappen
a) Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor
bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u
beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch
gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden
gerepareerd.
c) Trek de stekker uit het stopcontact voordat u het gereedschap instelt,
toebehoren wisselt of het gereedschap weglegt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt
onbedoeld starten van het gereedschap.
d) Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen.
Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd
zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn
gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt.
e) Verzorg het gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende delen van het
gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen zodanig
gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het gereedschap nadelig wordt
beïnvloed. Laat beschadigde delen repareren voordat u het gereedschap
gebruikt. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elektrische
gereedschappen.
f) Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden
snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn
gemakkelijker te geleiden.
g) Gebruik elektrische gereedschappen, toebehoren, inzetgereedschappen en
dergelijke volgens deze aanwijzingen en zoals voor dit speciale
gereedschapstype voorgeschreven. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en
de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor
andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
5) Service
Laat het gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vakkundig personeel en
alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de
veiligheid van het gereedschap in stand blijft.
1.3 Veiligheidsinstructies
De veiligheids- en werkinstructies voor de gebruikte boormotor lezen en begrijpen!
Bij de inbedrijfstelling, bij werkzaamheden en bij het onderhoud van de machine dienen de
desbetreffende voorschriften voor ongevallenpreventie van de ongevallenverzekeringen in acht te
worden genomen.
Stel water-, gas- en stroomleidingen in de omgeving van de borging buiten werking.
38 NEDERLANDS

Controleer of er aan de uittreezijde van de boring geen installaties en apparaten door koelwater
of vallende boorkernen kunnen worden beschadigd of dat personen letsel kunnen oplopen. Dit
geldt in het bijzonder voor bewoonde gebouwen.
Beveilig de kernbooreenheid bij boringen in muren of bovenhoofds extra tegen neerstorten! De
handgreep is niet voor de hoge belasting bij vallen geconstrueerd en mag niet als kabeloog of
voor transport- en veiligheidsdoeleinden worden gebruikt.
2 Technische gegevens
RODIACUT 131 DWS
RODIACUT 202 DWS
Afmetingen (l x b x h ) in mm
430 x 250 x 750mm 620 x 240 x 970mm
Boorslag max.:
450mm 650mm
Boorbereik met boormotor 1800 DWS
Ø10 – Ø 131mm ---
Boorbereik met boormotor 2400 PD
--- Ø30 – Ø 202mm
Boordiepte zonder verlenging:
300 of 400 mm 300 of 400 mm
Motorhouder Ø 56 / 60 mm Zwaluwstaartgeleiding
Gewicht 10 kg 14,5kg
3 Werking van de machine
3.1 Overzicht (afb. A)
1
Arrêtering opschuifmechanisme
11
Steekgreep
2
Motorhouder
12
Instelschroeven geleidingslijsten
3
Geleidingkolom
13
Handgreep
4
Diepteaanslag
14
Stergreep motorhouder
5
Ringschroeven
15
Aanslag motorhouder
6
Middenaanwijzer boorgat
16
Steun
7
Knevelgreef boorhoekinstelling
17
Transportwielen
8
Bodemplaat
18
Waterpassen
9
Ontluchtingsknop
19
Boring voor waterafzuigring
10
Opschuifeenheid
Aangezien het systeem bestaat uit op elkaar afgestemde componenten, mag u uitsluitend
originele ROTHENBERGER onderdelen, toebehoren en diamantboorkronen gebruiken, om steeds
een optimaal functioneren van de machine te kunnen waarborgen.
3.2 Inbedrijfstelling
Positionering:
Let op de positie van de ringschroeven (5)! De ringschroeven mogen niet aan de
onderkant van de bodemplaat uitsteken!
Î Boorgat afmeten en boorgatmidden aantekenen.
Î Middenaanwijzer boorgat (6) uitklappen en bodemplaat (8) afstellen en bevestigen.
De optimale bevestigingsmogelijkheid is afhankelijk van de omstandigheden op de
bouwplaats. (zie bevestigingsmogelijkheden punt 3.3)
De uiteindelijke fijne uitlijning of afstelling van de boorstander bereikt u door vastzetten van de
vier ringschroeven (5), bij gebruik van de beide waterpassen (18).
Vóór elke inbedrijfstelling controleren of de boorstander stevig vaststaat en niet
waggelt!
NEDERLANDS 39

3.3 Bevestigingsmogelijkheden (afb. B)
a) Dookbevestiging in beton of metselwerk (afbeelding B-1)
Î Bevestigingsgat voor dookbevestiging afmeten en boren.
Diameter in mm
Diepte in mm
Beton (art. nr. FF35120) 15 mm 65 mm
Metselwerk (art. nr. FF35121)
20 mm 85 mm
Î Boorgat zorgvuldig van boorgruis reinigen.
Î Betondook met spreidwig of metselwerkdook (tot 5 keer herbruikbaar) plaatsen.
Betonset:
Draadstang in de dook indraaien.
Metselwerkset: Draadstang met onderlegschijf en gemonteerde moer in het anker
inschroeven. Moer met steeksleutel vastdraaien.
Î Bodemplaat (8) aanbrengen en met drukplaat en vleugelmoer bevestigen.
b) Spannen met de snelspannkolom (art. nr. FF35015 afbeelding B-2)
Î De boorstander uitlijnen en de snelspankolom op de bodemplaat van de boorstander
plaatsen.
Î De snelspankolom uitschuiven en de boorstander vastklemmen.
Minimumhoogte van het vertrek: ca. 1,7 m
Maximumhoogte van het vertrek: ca. 3.0 m
Opmerking: Om beschadiging van plafond en muren door de snelspankolom te voorkomen,
plaatst u een stuk hout of dergelijke tussen kolomeinde en plafond, zodat de aandrukkracht
over een groter oppervlak wordt verdeeld.
De bijgevoegde gebruiksaanwijzing van de snelspankolom lezen en begrijpen!
c) Bevestiging door vacuümset (Art. nr. FF35710= 131 DWS; FF35740= 202 DWS;
afbeelding B-3) met vacuümpomp (Art. nr. FF35200)
Î Plaats de sponsrubberring in de ingewerkte groef in de bodemplaat (8) van de boorstander.
Î De vacuümset met behulp van de snelkoppeling aansluiten op de vacuümpomp.
Î De vacuümpomp aansluiten op het stroomnet en inschakelen.
Î De bodemplaat (8) positioneren en het vacuümaansluitstuk met de driewegkogelkraan in het
slobgat van de bodemplaat plaatsen.
Î De handknevel van de kogelkraan stevig aandrukken en omleggen, hierbij de bodemplaat
gelijktijdig tegen de ondergrond drukken.
Voor het verplaatsen van de boorstander op de ondergrond, drukt u op de ontluchtingsknop
(9) in de voetplaat.
Max. boorgebied met vacuümtechniek.
horizontaal Ø 150 mm
verticaal Ø 250 mm
De vacuümtechniek kan slechts worden toegepast op een effen ondergrond, omdat
alleen hier een vacuüm kan worden bereikt dat voldoende is. Nooit op de bepleistering
aanzuigen! De boorstander kan van de muur loskomen.
Ingeval van stroomuitval zorgt er de veiligheidsketel van de vacuümpomp RODIA-VAC voor, dat
de machine nog ca. 1 à 2 minuten op de ondergrond blijft vastgezogen. Deze tijdspanne is echter
heel erg afhankelijk van de dichtheid van het systeem en van de gesteldheid van de ondergrond.
Tijdens het boren permanent de onderdruk controleren. De druk mag niet onder 0,8 bar dalen!
40 NEDERLANDS

De machine dient bij stroomuitval onmiddellijk van de muur te worden
genomen. Gevaar voor neerstorten van de machine! Opheffen van het vacuüm! Alleen
met gering opschuifdruk werken!
De bijgevoegde gebruiksaanwijzing van de vacuümpomp lezen en begrijpen!
3.4 Bediening
Handwiel van zijkant wisselen:
Opschuifmechanisme beveiligen tegen onbedoeld verplaatsen! Met de arrêteerknop
(1) de opschuifeenheid borgen.
Î De zwarte wartelmoer terugtrekken en de steekgreep (11) verwijderen.
Î Op de gewenste zijde steken en opnieuw met de wartelmoer borgen.
Boorhoek instellen:
Î De knevelgreep (7) losdraaien en de geleidingskolom (3) instellen op de gewenste hoek (15°-
30°- 45°).
Î De knevelgreep (7) opnieuw vastzetten.
Diamantboormachine aanbrengen:
Opschuifmechanisme beveiligen tegen onbedoeld verplaatsen! Met de arrêteerknop
(1) de opschuifeenheid borgen.
Î RODIACUT 131 DWS: De motor van de bovenkant in de houder (2) van de boorstander
plaatsen en met behulp van de schroef bevestigen.
Î RODIACUT 202 DWS: De motor van de bovenkant tot de aanslag (15) in de opschuifeenheid
(10) van de boorstander schuiven en met de beide stergrepen (14) bevestigen.
Î Om te verwijderen, in omgekeerde volgorde te werk gaan.
Diepteaanslag instellen:
Î De schroef van de diepteaanslag (4) losmaken en de gewenste boordiepte instellen.
Î De schroef opnieuw goed vastzetten.
Waterafzuiginrichting (toebehoren afbeelding B-4):
Î RODIACUT 131 DWS:
De beide voorste ringschroeven (5) uitdraaien. De wartelmoeren van de
waterafzuiginrichting op de ringschroeven draaien en opnieuw in de bodemplaat plaatsen.
Î RODIACUT 202 DWS: De beide schroeven met wartelmoeren van de waterafzuiginrichting in
de daarvoor bestemde boringen (19) in de bodemplaat indraaien.
Î De waterafzuiginrichting met de klik-in-sluiting via de ringschroeven (5) of schroeven
inklikken en met wartelmoeren vastzetten.
Î Waterzuiger aansluiten en de zuigslang op het aansluitstuk van de waterafzuigring
aanbrengen.
Î Voor de watertoevoer zorgen.
-Slangtoevoer direct op de waterleiding, of
-Dompelpomp met emmer
Let op: Er dient steeds voor voldoende watertoevoer voor de koeling van de boorkroon
te worden gezorgd, omdat de boorkroon anders heel snel te heet wordt en segmenten
kunnen loskomen.
Opmerking: Van het gebruik van "waterdrukvaten" vanaf een boordiameter van 200 mm raden
wij dringend af, omdat hier niet voor een voldoende controle van de watertoevoer kan worden
gezorgd.
NEDERLANDS 41

Î In de rubberplaat een gat snijden in overeenstemming met de boorkroondiameter (luchtspleet
tussen uitgesneden rubberdichting en boorkroon ca. 2 à 3 mm).
Î De rubberplaat op de waterafzuigring plaatsen.
Boren:
De gebruiksaanwijzing van de boormotor lezen en begrijpen!
Î Waterkraan opendraaien of stofzuiger inschakelen.
(Er moet minstens zoveel waterdruk aanwezig zijn, dat de boorsuspensie uit het boorgaat
wordt getransporteerd.)
Î De arrêtering (1) opschuifmechanisme losmaken en met het handwiel (11) de boormachine
tot de gewenste boordiepte naar beneden draaien.
Î De motor uitzetten en terugdraaien tot de boorkroon volledig zichtbaar is.
Mocht de boor komen vast te zitten, moet u de boormotor op een laag toerental
onder koelwater weer aanzetten en de boorkroon terugtrekken!
4 Service en onderhoud
Om beschadigingen van de machine te voorkomen en een storingsvrij werken te kunnen
waarborgen, moeten alle delen regelmatig worden gereinigd en gesmeerd.
Na het boren dient de boorstander met water te worden afgespoeld en grondig van de
boorsuspensie te worden gereinigd. Bijzondere zorg moet hier aan de geleidingskolom en de
opschuifeenheid worden besteed.
De hierna genoemde werkzaamheden dienen minstens wekelijks te worden uitgevoerd. Bij
intensievere werkzaamheden moet dit vaker gebeuren.
Opschuifeenheid: reinigen en oliën, indien nodig de speling met de zeskantschroeven (12)
aan de zijkant afstellen.
Boorstander: tandstang, geleidingskolom en afstelschroeven reinigen en oliën.
Belangrijk! Alle onderhouds-, instandhoudings- en reparatiewerkzaamheden mogen slechts door
geïnstrueerd deskundig personeel worden uitgevoerd.
5 Toebehoren
Geschikt toebehoren en een bestelformulier vindt u vanaf pagina 120.
6 Afvalverwijdering
Delen van het apparaat zijn recyclebare materialen en kunnen dus opnieuw worden gebruikt.
Hiertoe staan geregistreerde en gecertificeerde recyclebedrijven ter beschikking. Voor de
milieuvriendelijke verwerking van de niet-recyclebare delen (bijv. elektronisch schroot) dient u de
plaatselijk bevoegde afvaldiensten te raadplegen.
Alleen voor de EU-landen:
Werp elektrisch gereedschap niet in het huisvuil! Volgens de Europese richtlijn
2002/96/EG betreffende uitgediende elektro- en elektronica-apparatuur en haar
omzetting in nationaal recht moet niet meer bruikbaar elektrisch gereedschap
afzonderlijk worden verzameld en milieuvriendelijk voor recycling beschikbaar
worden gesteld.
42 NEDERLANDS

Índice Página
1 Indicações sobre a segurança 44
1.1 Utilização adequada 44
1.2 Regras gerais de segurança 44
1.3 Indicações de segurança 45
2 Dados técnicos 46
3 Função do aparelho 46
3.1 Vista geral (Imagem A) 46
3.2 Arranque 46
3.3 Possibilidades de fixação (Imagem B) 47
3.4 Operação 48
4 Conservação e manutenção 49
5 Acessório 49
6 Eliminação 49
Identificações neste documento
Perigo
Este símbolo avisa de danos pessoais.
Atenção
Este símbolo avisa de danos materiais ou ambientais.
Î
Incentivo para acções
NEDERLANDS 43

1 Indicações sobre a segurança
1.1 Utilização adequada
O pedestal de perfuração para macho em diamante RODIACUT 131 - 202 DWS deve somente ser
utilizado para a perfuração em betão, muramento, asfalto e outros tipos de pedra com a
correspondente coroa de perfuração. O pedestal RODIACUT 131 DWS destina-se ao motor de
perfuração RODIADRILL 1800 DWS e o pedestal RODIACUT 202 DWS destina-se ao motor de
perfuração RODIADRILL 2400 PD.
1.2 Regras gerais de segurança
ATENÇÃO! Leia todas as instruções. O desrespeito das instruções a seguir podem
cauxar choque eléctrico, incêndio e/ou graves lesões.
O termo “ferramenta eléctrica” utilizado a seguir refere-se a ferramentas eléctricas com conexão a
rede (com cabo) e a ferramentas operadas a pilhas (sem cabo)
GUARDE BEM ESTAS INSTRUÇÕES.
1) Área de trabalho
a) Mantenha a sua área de trabalho limpa e arrumada. Desordem e áreas de trabalho
com fraca iluminação podem causar acidentes.
b) Não trabalhar com a ferramenta eléctrica em áreas com risco de explosão, nas
quais se encontrem líquidos, gases ou pós inflamáveis. Ferramentas eléctricas
produzem faíscas que podem iprovocar a ignição de pó e vapores.
c) Mantenha crianças e outras pessoas afastadas da ferramenta eléctrica durante o
trabalho com a ferramenta. Distrações podem causar a falta de controle sobre o
aparelho.
2) Segurança eléctrica
a) A ficha da ferramentas eléctricas devem caber na tomada. A ficha não deve ser
modificada de modo algum. Não utilize quaisquer fiches de adaptação junto com
ferramentas eléctricas ligadas à terra. Fichas sem modificações e tomadas adequadas
reduzem o risco de choques eléctricos.
b) Evite que o corpo entre em contacto com superficies ligadas à terra, como por
exemplo tubos, radiadores, fogões e geladeiras. Há um risco elevado de choques
eléctricos, caso o corpo for ligado à terra.
c) A ferramenta eléctrica não deve ser exposta à chuva nem humidade. A penetração
de água na ferramenta eléctrica aumenta o risco de choques eléctricos.
d) O cabo do aparelho não deve ser utilizado para o transporte, para pendurar o
aparelho, nem para puxar a ficha da tomada. Mantenha o cabo afastado de calor,
óleo, cantos afiados ou partes em movimento do aparelho. Cabos danificados ou
torcidos aumentam o risco de choques eléctricos.
e) Ao trabalhar com a ferramenta eléctrica ao ar livre, use um cabo de extensão
apropriado para áreas externas. O uso de um cabo apropriado para áreas externas
reduz o risco de choques eléctricos.
3) Segurança de pessoas
a) Esteja alerta, observe o que está a fazer, e tenha prudencia ao trabalhar com a a
ferramenta eléctrica. Não use a ferramenta eléctrica se estiver fatigado ou sob a
influência de drogas, álcool ou medicamentos. Um momento de falta de atenção
durante a operação da ferramenta eléctrica pode causar graves lesões.
b) Usar um equipamento pessoal de protecção. Sempre utilizar um óculos de
protecção. Equipamento de segurança, como por exemplo, máscara de protecção contra
pó, sapatos de segurança anti-derrapantes, capacete de segurança ou protecção
auricular, de acordo com o tipo e aplicação da ferramenta eléctrica, reduzem o risco de
lesões.
c) Evite um accionamento involuntário. Assegure- se de que o interruptor esteja na
posição “desligar”, antes de introduzir a ficha na tomada. Manter o dedo sobre o
interruptor ao transportar a ferramenta eléctrica ou conectar o aparelho já ligado à rede,
pode levar a graves acidentes
44 PORTUGUES

d) Remover chaves de ajustes ou chaves de fenda, antes de ligar a ferramenta
eléctrica. Uma chave de fenda ou chave de ajuste que se encontre numa parte móvel do
aparelho, pode levar a lesões.
e) Não se sobrestime. Mantenha uma posição firme e mantenha sempre o
equilíbrio. Desta forma poderá será mais fácil controlar o aparelho em situações
inesperadas.
f) Use roupa apropriada. Não use roupa larga ou jóias. Mantenha o cabelo, roupa e
luvas afastadas de partes em movimento. Roupas largas, jóias ou cabelos longos
podem ser agarradas por partes em movimento.
g) Se for prevista a montagem de dispositivos de aspiração de pó e de dispositivos
de recolha, assegure-se de que estão conectados e que sejam utilizados de forma
correcta. A utilização destes dispositivos reduz os riscos provocados por pó.
4) Uso e tratamento de ferramentas eléctricas
a) Não sobrecarregue a ferramenta eléctrica. Use para o seu trabalho a ferramenta
eléctrica correcta. A ferramenta correcta realizará o trabalho de forma melhor e mais
segura dentro da faixa de potência indicada.
b) Não utilize a ferramenta eléctrica se o interruptor não puder ser ligado nem
desligado. Qualquer ferramenta eléctrica que não possa ser controlada através do
interruptor de ligar-desligar, é perigosa e deve ser reparada.
c) Puxar a ficha da tomada antes de efectuar ajustes no aparelho, substituir
acessórios ou armazenar a ferramenta eléctrica. Esta medida de segurança evita que
a ferramenta eléctrica seja ligada acidentalmente.
d) Guarde ferramentas eléctricas que não estiverem sendo utilizadas, for a do
alcance de crianças. Não permita que o aparelho seja utilizado por pessoas não
familiarizadas com o mesmo ou que não tenham lido estas instruções.
Ferramentas eléctricas são perigosas nas mãos de pessoas sem treinamento.
e) Trate a sua ferramenta eléctrica com cuidado. Verifique se as partes móveis do
aparelho funcionam perfeitamente e não emperram, se há peças quebradas ou
danificadas, que possam influenciar o funcionamento do aparelho. Peças
danificadas devem ser reparadas antes da utilização do aparelho. Muitos acidentes
tem como causa uma manutenção insuficiente das ferramentas eléctricas.
f) Mantenha as ferramentas de corte sempre afiadas e limpas. Ferramentas de cortes
devidamente tratadas, com cantos afiados travam com menos frequência e podem ser
controladas com maior facilidade.
g) Use a ferramenta eléctrica, os acessórios os bits da ferramenta etc., de acordo
com estas instruções e da maneira determinada para este tipo especial de
ferramenta eléctrica. Considere também as condições de trabalho e o trabalho a
ser efectuado. A utilização da ferramenta eléctrica para outros fins que os previstos,
pode resultar em situações perigosas.
5) Serviço
A sua ferramenta eléctrica só deve ser reparada por pessoal qualificado e só devem ser
colocadas peças sobressalentes originais. Desta forma é assegurada a segurança da
ferramenta eléctrica.
1.3 Indicações de segurança
Ler e entender todas as indicações de segurança e de trabalho para o motor de
perfuração utilizado!
No momento da colocação em serviço, durante o trabalho e na manutenção da máquina deve ter
em consideração as normas de prevenção de acidentes das associações profissionais.
Coloque fora de serviço as linhas de água, de gás e de corrente eléctrica na área de perfuração.
Certifique-se que no lado oposto da perfuração não estejam instalações, aparelhos ou pessoas
que possam ser danificados ou lesadas pela água de arrefecimento ou pelos núcleos em queda.
Isto é sobretudo válido para edifícios habitados.
PORTUGUES 45

Assegure adicionalmente a unidade de perfuração para macho, no caso de perfurações em
parede e sobre a cabeça, contra quedas! O punho não foi concebido para cargas elevadas no caso
de quedas e não pode ser utilizado como ilhó para cordas ou para o transporte e segurança.
2 Dados técnicos
RODIACUT 131 DWS
RODIACUT 202 DWS
Dimensões (H x B x T) em mm
430 x 250 x 750mm 620 x 240 x 970mm
Curso máx. de perfuração:
450mm 650mm
Área de perfuração com motor de
Ø10 – Ø 131mm ---
perfuração 1800 DWS
Área de perfuração com motor de
--- Ø30 – Ø 202mm
perfuração 2400 PD
Profundidade de perfuração sem
300 e 400 mm,
300 e 400 mm,
alongamento:
respectivamente
respectivamente
Guia em cauda de
Porta-motor Ø 56 / 60 mm
andorinha
Peso
10 kg 14,5kg
3 Função do aparelho
3.1 Vista geral (Imagem A)
1
Encravamento engrenagem de avanço
11
Punho de encaixe
2
Porta-motor
12
Parafusos de ajuste calhas de guia
3
Pilar de guia
13
Manípulo
4
Tope de profundidade
14
Punho em estrela porta-motor
5
Cavilhas com olhal
15
Tope porta-motor
6
Indicador central do furo
16
Apoio
7
Manípulo ajuste de ângulo de perfuração
17
Rodas de transporte
8
Placa de base
18
Níveis de bolha
9
Botão de purga
19
Perfuração anel de aspiração de água
10
Unidade de avanço
Visto que o sistema consiste em componentes harmonizados uns com os outros deverá utilizar
exclusivamente peças de substituição, acessórios e coroas de diamante da ROTHENBERGER para
garantir sempre o funcionamento óptimo do aparelho.
3.2 Arranque
Posicionamento:
Ter cuidado com a posição das cavilhas com olhais (5)! As cavilhas com olhais não
podem sobressair do canto inferior da placa de base!
Î Medir o furo e medir centro do furo.
Î Dobrar o indicador central do furo (6) e ajustar e fixar a placa de base (8).
A respectiva possibilidade de fixação óptima depende das condições na obra. (ver
Possibilidades de fixação, pto. 3.3)
Consegue-se o ajuste fino e/ou acerto do pedestal de perfuração com o aperto das quatro
cavilhas com olhais (5), com a ajuda dos dois níveis de bolha (18).
Antes de cada arranque deve assegurar-se que o pedestal de perfuração esteja
bem fixo e que não abane!
46 PORTUGUES

3.3 Possibilidades de fixação (Imagem B)
a) Fixação com buchas em betão ou muramento (Imagem 1)
Î Medir o furo de fixação para a fixação com bucha e perfurar.
Diâmetro em mm
Profundidade em mm
Betão (n.° art. FF35120) 15 mm 65 mm
Muramento (n.° art. FF35121)
20 mm 85 mm
Î Limpar cuidadosamente o pó no furo.
Î Inserir a bucha para betão com expansor ou para muramento (utilizável até 5 vezes).
Kit betão:
Enroscar a barra roscada na bucha.
Kit muramento: Enroscar a barra roscada com anilha e porca montada na âncora. Apertar a
porca com uma chave de forqueta.
Î Assentar a placa de base (8) e fixar com uma anilha e porca de orelhas.
b) Tender a coluna de aperto rápido (n.° art. FF35015 imagem B 2)
Î Ajustar o pedestal e montar a coluna de aperto rápido na placa de base do pedestal.
Î Abrir a coluna de aperto rápido e fixar o pedestal.
Altura mínima do local: aprox. 1,7 m
Altura máxima do local: aprox. 3.0 m
Indicação: Para prevenir danos da coluna de aperto rápido em tectos e paredes deve, para
distribuir a pressão por uma área maior, colocar um pedaço de madeira ou parecido entre a
extremidade da coluna e o tecto.
Ler e entender as instruções de serviço da coluna de aperto rápido em anexo!
c) Fixação mediante kit de vácuo (n.° art. FF35012 = 131 DWS; FF35740 = 202 DWS;
imagem B 3) com bomba de vácuo (n.° art. FF35200)
Î Inserir a borracha de espuma na ranhura existente na placa de base (8) do pedestal de
perfuração.
Î Ligar o kit de vácuo com o engate rápido na bomba de vácuo.
Î Conectar a bomba de vácuo à rede e ligar.
Î Posicionar a placa de base (8) e inserir o tubo de vácuo com a torneira com esfera de 3 vias
na ranhura da placa de base.
Î Apertar com força o manípulo da torneira com esfera e girar, apertar em simultâneo a placa
de base para o subsolo.
Para a deslocação do pedestal de perfuração no subsolo deve accionar o botão de purga (9)
na placa de pé.
Área de perfuração máxima com a técnica
Horizontal
Ø 150 mm
de vácuo:
vertical
Ø 250 mm
A técnica de vácuo só deve ser utilizada em subsolo plano, visto que só aqui é possível
constituir um vácuo suficiente. Nunca criar vácuo em reboco!
O pedestal de perfuração
poderá soltar-se da parede.
No caso de falhos de corrente a caldeira de segurança da bomba de vácuo RODIA-VAC faz com
que a máquina ainda fique colada no subsolo durante 1 a 2 minutos. Contudo, asse espaço de
tempo depende fortemente da estanqueidade do sistema e da estrutura do subsolo.
Durante os trabalhos de perfuração deve verificar constantemente abaixa pressão. A pressão não
pode ser inferior a 0,8 bar!
PORTUGUES 47

No caso de falho de corrente deve tirar a máquina de imediato da parede. Perigo
devido à queda da máquina! Neutralização do vácuo! Trabalhar com pressão de avanço
reduzida!
Ler e entender as instruções de serviço da bomba de vácuo rápida em anexo!
3.4 Operação
Mudar de lado roda de mão:
Assegurar a engrenagem de avanço contra avanço involuntário! Bloquear a unidade
de avanço com o botão de encravamento (1).
Î Puxar a porca de capa para trás e retirar o punho encaixável (11).
Î Inseri-lo no lado desejado e bloquear novamente com a porca de capa.
Ajustar o ângulo de perfuração:
Î Soltar o manípulo (7) e ajustar o pilar de guia (3) no ângulo desejado (15°- 30°- 45°).
Î Apertar novamente o manípulo (7).
Inserir máquina perfurador com diamante:
Assegurar a engrenagem de avanço contra avanço involuntário! Bloquear a unidade
de avanço com o botão de encravamento (1).
Î RODIACUT 131 DWS:
Inserir o motor na recepção (2) do pedestal de perfuração e fixar com
parafuso.
Î RODIACUT 202 DWS: Empurrar o motor de cima na unidade de avanço (10) do pedestal de
perfuração até ao top (15) e fixar com os dois punhos em estrela (14).
Î Para retirar deve proceder na sequência contrária.
Ajustar o tope de profundidade:
Î Soltar o parafuso no tope de profundidade (4) e ajustar a profundidade de perfuração
desejada.
Î Reapertar bem o parafuso.
Dispositivo de aspiração de água (acessório imagem B 4):
Î RODIACUT 131 DWS:
Soltar as duas cavilhas com olhais da frente (5). Enroscar as porcas
estriadas do dispositivo de aspiração de água nas cavilhas com olhais e recolocá-los na placa
de base.
Î RODIACUT 202 DWS: Enroscar os dois parafusos com porcas estriadas do dispositivo de
aspiração de água nos furos previstos (19) na placa de base.
Î Fixar o dispositivo de aspiração de água através do fecho de engate sobre as cavilhas com
olhal (5) e/ou encaixar os parafusos e fixar com porcas estriadas.
Î Ligar o aspirador de água e colocar o tubo de aspiração no tubo do anel de aspiração de
água.
Î Estabelecer o fornecimento de água.
-Tubo directamente na linha de água ou
-bomba submersível com balde
ATENÇÃO: Deve-se garantir uma alimentação suficiente com água para arrefecimento da
coroa de perfuração, visto que de outra forma a coroa aquece excessivamente e os
segmentos podem soltar-se.
48 PORTUGUES

Indicação: Não aconselhamos a utilização de “reservatórios de pressão de água” a partir de
diâmetro de perfuração 200 mm, visto que é limitado o controlo suficiente da alimentação com
água.
Î Cortar na placa de borracha um furo correspondente ao diâmetro da coroa de perfuração
(folga entre a junta de borracha cortada e a coroa de perfuração aprox. 2 a 3 mm).
Î Colocar a placa de borracha no anel de aspiração de água.
Perfurar:
Ler e entender as instruções de serviço do motor de perfuração!
Î Abrir a torneira de água e ligar o aspirador de pó, respectivamente.
(Deve existir minimamente tanta pressão que as lamas da perfuração sejam transportadas
para fora do furo).
Î Soltar o encravamento (1) da engrenagem de avanço e rodar a máquina perfuradora para
baixo com a roda de mão (11) até à altura de perfuração desejada.
Î Desligar o motor e rodar para trás até que a coroa esteja visível por completo.
Caso surgir emperramento, deverá ligar o motor de perfuração com rotação reduzida
e com água de arrefecimento e puxar a coroa para trás!
4 Conservação e manutenção
Para evitar danos do aparelho e para garantir um trabalho sem problemas é imprescindível limpar
e lubrificar todas as peças com regularidade.
Depois de cada utilização deve enxaguar o pedestal de perfuração com água e devem-se eliminar
cuidadosamente as lamas de perfuração. Especial cuidado merecem o pilar de guia e a unidade de
avanço.
Os seguintes trabalhos devem ser efectuados como mínimo semanalmente. Trabalhos mais
intensivos exigem uma frequência maior.
Unidade de avanço: Limpar e olear e ajustar, se necessário, a folga com uma chave
sextavada (12) no lado.
Pedestal de perfuração: Limpar e olear a barra dentada, a fixação excêntrica e os parafusos
de ajuste.
Importante! Todos os trabalhos de manutenção, conservação e reparação só podem ser
realizados por pessoal técnico formado.
5 Acessório
Informações sobre o acessório adequado e um formulário de encomenda a partir da página 120.
6 Eliminação
Algumas partes do equipamento são materiais valiosos e podem ser reciclados. Para este fim, há
empresas de reciclagem autorizadas e certificadas à sua disposição. Para eliminar as partes não-
recicláveis (p. ex. Sucata electrónica) de modo compatível com o ambiente, por favor, entre em
contacto com a respectiva autoridade de reciclagem local.
Só para países UE:
Não deite ferramentas eléctricas para o lixo doméstico! De acordo com a Directiva
Europeia 2002/96/CE relativa aos resíduos de equipamentos eléctricos e electrónicos
e a sua transposição para Direito nacional é obrigatório recolher separadamente
ferramentas eléctricas fora de uso e conduzi-las à reciclagem
PORTUGUES 49

Indhold Side
1 Henvisninger til sikkerheden 51
1.1 Korrekt brug 51
1.2 Generelle sikkerhedsinstrukser 51
1.3 Sikkerhedsanvisninger 52
2. Tekniske data 53
3. Apparatets funktion 53
3.1 Oversigt (ill. A) 53
3.2 Ibrugtagning 53
3.3 Monteringsmuligheder (ill. B) 54
3.4 Betjening 55
4 Service og vedligeholdelse 56
5 Tilbehør 56
6 Affaldsbehandling 56
Symboleri denne dokumentation
Fare
Dette tegn advarer mod personskader.
Pas på
Dette tegn advarer mod ting- eller miljøskader.
Î
Opfordrer til handling
50 DANSK

1 Henvisninger til sikkerheden
1.1 Korrekt brug
Diamantkerneborestanderen FF301 RODIACUT 131 - 202 DWS er kun dimensioneret til boring i
armeret beton, murværk, asfalt og lignende stentyper med en borekrone. Borestanderen
RODIACUT 131 DWS er dimensioneret til montering af boremotoren RODIADRILL 1800 DWS og
borestanderen RODIACUT 202 DWS er dimensioneret til montering af boremotoren RODIADRILL
2400 PD.
1.2 Generelle sikkerhedsinstrukser
Vigtigt! Læs alle instrukserne. I tilfælde af manglendeoverholdelse af nedenstående
instrukser erder risiko for elektrisk stød, alvorlige personskader,og der kan opstå
brandfare.
Det benyttede begreb„el-værktøj“ refererer til netdrevne maskiner (medtilslutningsledning) og
batteridrevne maskiner(uden tilslutningsledning).
DISSE INSTRUKSER BØR OPBEVARES FOR SENEREBRUG.
1) Arbejdsplads
a) Sørg for, at arbejdsområdet er rent og ryddeligt. Uorden og uoplyste
arbejdsområder øger faren for uheld.
b) Brug ikke maskinen i eksplosionstruede omgivelser, hvor der er brændbare
væsker, gasser eller støv. El-værktøj kan slå gnister, der kan antænde støv eller dampe.
c) Sørg for, at andre personer og ikke mindst børn holdes væk fra arbejdsområdet,
når maskinen er i brug. Hvis man distraheres, kan man miste kontrollen over maskinen.
2) Elektrisk sikkerhed
a) Maskinens stik skal passe til kontakten. Stikket må under ingen omstændigheder
ændres. Brug ikke adapterstik sammen med jordforbundne maskiner. Uændrede
stik, der passer til kontakterne, nedsætter risikoen for elektrisk stød.
b) Undgå kropskontakt med jordforbundne over- flader som f.eks. rør, radiatorer,
komfurer og køleskabe. Hvis din krop er jordforbundet, øges risikoen for elektrisk stød.
c) Maskinen må ikke udsættes for regn eller fugt. Indtrængning af vand i maskinen
øger risikoen for elektrisk stød.
d) Brug ikke ledningen til formål, den ikke er beregnet til (f.eks. må man aldrig
bære maskinen i ledningen, hænge maskinen op i ledningen eller rykke i
ledningen for at trække stikket ud af kontakten). Beskyt ledningen mod varme,
olie, skarpe kanter eller maskindele, der er i bevægelse. Beskadigede eller
indviklede ledninger øger risikoen for elektrisk stød.
e) Hvis maskinen benyttes i det fri, må der kun benyttes en forlængerledning, der
er godkendt til udendørs brug. Brug af forlængerledning til udendørs brug nedsætter
risikoen for elektrisk stød.
3) Personlig sikkerhed
a) Det er vigtigt at være opmærksom, se, hvad man laver, og bruge maskinen
fornuftigt. Man bør ikke bruge maskinen, hvis man er træt, har nydt alkohol eller
er påvirket af medicin eller euforiserende stoffer. Få sekunders uopmærksomhed
ved brug af maskinen kan føre til alvorlige personskader.
b) Brug beskyttelsesudstyr og hav altid beskyttelsesbriller på. Brug af
sikkerhedsudstyr som f.eks. støvmaske, skridsikkert fodtøj, beskyttelseshjelm eller
høreværn afhængig af maskintype og anvendelse nedsætter risikoen for personskader.
c) Undgå utilsigtet igangsætning. Kontrollér altid, at afbryderen står på OFF, før
stikket sættes i. Undgå at bære maskinen med fingeren på afbryderen og sørg for, at
maskinen ikke er tændt, når den sluttes til nettet, da dette øger risikoen for personskader.
d) Fjern indstillingsværktøj eller skruenøgle, inden maskinen tændes. Hvis et stykke
værktøj eller en nøgle sidder i en roterende maskindel, er der risiko for personskader.
DANSK 51

e) Overvurder ikke dig selv. Sørg for at stå sikkert, mens der arbejdes, og kom ikke
ud af balance. Det er derved nemmere at kontrollere maskinen, hvis der skulle opstå
uventede situationer.
f) Brug egnet arbejdstøj. Undgå løse beklædningsgenstande eller smykker. Hold
hår, tøj og handsker væk fra dele, der bevæger sig. Dele, der er i bevægelse, kan
gribe fat i løstsiddende tøj, smykker eller langt hår.
g) Hvis støvudsugnings- og opsamlingsudstyr kan monteres, er det vigtigt, at dette
tilsluttes og benyttes korrekt. Brug af dette udstyr nedsætter risikoen for personskader
som følge af støv.
4) Omhyggelig omgang med og brug af el-værktøj
a) Undgå overbelastning af maskinen. Brug altid en maskine, der er beregnet til det
stykke arbejde, der skal udføres. Med den rigtige maskine arbejder man bedst og
mest sikkert inden for det angivne effektområde.
b) Brug ikke en maskine, hvis afbryder er defekt. En maskine, der ikke kan startes og
stoppes, er farlig og skal repareres.
c) Træk stikket ud af stikkontakten, inden maskinen indstilles, der skiftes
tilbehørsdele, eller maskinen lægges fra. Disse sikkerhedsforanstaltninger forhindrer
utilsigtet start af maskinen.
d) Opbevar ubenyttet el-værktøj uden for børns rækkevidde. Lad aldrig personer,
der ikke er fortrolige med maskinen eller ikke har gennemlæst disse instrukser,
benytte maskinen. El-værktøj er farligt, hvis det benyttes af ukyndige personer.
e) Maskinen bør vedligeholdes omhyggeligt. Kontroller, om bevægelige dele
fungerer korrekt og ikke sidder fast, og om delene er brækket eller beskadiget,
således at maskinens funktion påvirkes. Få beskadigede dele repareret, inden
maskinen tages i brug. Mange uheld skyldes dårligt vedligeholdte maskiner.
f) Sørg for, at skæreværktøjer er skarpe og rene. Omhyggeligt vedligeholdte
skæreværktøjer med skarpe skærekanter sætter sig ikke så hurtigt fast og er nemmere at
føre.
g) Brug el-værktøj, tilbehør, indsatsværktøj osv. iht. disse instrukser, og sådan som
det kræves for denne specielle værktøjstype. Tag hensyn til arbejdsforholdene
og det arbejde, der skal udføres. I tilfælde af anvendelse af værktøjet til formål, som
ligger uden for det fastsatte anvendelsesområde, kan der opstå farlige situationer.
5) Service
Sørg for, at maskinen kun repareres af kvalificerede fagfolk, og at der kun benyttes
originale reservedele. Dermed sikres størst mulig maskinsikkerhed.
1.3 Sikkerhedsanvisninger
Overhold sikkerheds- og arbejdshenvisningerne for den anvendte boremotor!
Under idriftsættelsen, arbejdet samt under vedligeholdelsesarbejder på maskinen skal branchens
gældende forskrifter til forebyggelse af ulykker ubetinget overholdes.
Sluk for vand-, gas- og strømledninger omkring boreområdet.
Sørg for at anlæg, apparater eller personer i nærheden af boreåbningen ikke beskadiges eller
kvæstes af kølevand eller den udborede kerne. Dette gælder særligt for beboelser.
Sørg for at kerneboremodulet ikke kan falde ned ved boringer i vægge eller over hovedet!
Håndgrebet er ikke dimensioneret til belastninger i forbindelser med fald og må ikke anvendes
som tovøje eller til transport og sikring.
52 DANSK

2. Tekniske data
RODIACUT 131 DWS
RODIACUT 202 DWS
Mål (L x B x H) i mm
430 x 250 x 750mm 620 x 240 x 970mm
Boreslag maks.:
450mm 650mm
Boreområde med boremotor 1800 DWS
Ø10 – Ø 131mm ---
Boreområde med boremotor 2400 DWS
--- Ø30 – Ø 202mm
Boredybde uden forlænger:
300 eller 400 mm 300 eller 400 mm
Motorholder Ø 56 / 60mm Svalehaleføring
Vægt 10 kg 14,5kg
3. Apparatets funktion
3.1 Oversigt (ill. A)
1
Fastspænding tilspændingsgear
11
Indstiksgreb
2
Motorholder
12
Indstillingsskruer føringslister
3
Føringssøjle
13
Håndgreb
4
Dybdeanslag
14
Stjernegreb motorholder
5
Ringskruer
15
Anslag motorholder
6
Borehul-midteindikator
16
Stiver
7
Knebelgreb borevinkeljustering
17
Transporthjul
8
Bundplade
18
Libeller
9
Udluftningsknap
19
Hul til vandudsugningsring
10
Tilspændingsmodul
Da systemet består af komponenter, der er tilpasset hinanden, må der kun anvendes originale
ROTHENBERGER reservedele, tilbehør samt diamantborekroner, for at sikre at apparatet fungerer
optimalt.
3.2 Ibrugtagning
Placering:
Vær opmærksom på ringskruernes position (5)! Ringskruerne må ikke rage op over
bundpladens underkant!
Î Mål borehullerne op og marker borehullets midte.
Î Klap borehulsindikatoren (6) ud og juster og fastgør bundpladen (8).
Den bedste montering afhænger af forholdene på byggepladsen. (se
monteringsmulighederne pkt. 3.3)
Borestanderens afsluttende finindstilling eller finjustering fås ved at spænde de fire ringskruer (5)
ved hjælp af vaterpas (18).
Kontroller før idriftsættelsen, om borestanderen er fastspændt og ikke vipper!
DANSK 53

3.3 Monteringsmuligheder (ill. B)
a) Montering med dyvler i beton eller murværk (illustration B-1)
Î Udmål og bor et monteringshul til dyvelmonteringen.
Diameter i mm
Dybde i mm
Beton (art. nr. FF35120) 15 mm 65mm
Murværk (art. nr. FF35120)
20mm 85mm
Î Rengør omhyggeligt hullet for boresmuld.
Î Skub en betondyvel i med ekspansionskile eller murværksdyvler (kan anvendes op til 5 gange).
Betonsæt:
Skru en gevindstang i dyvlen.
Murværksæt: Skru en gevindstang med underlagsskiver og monteret møtrik i ankeret. Spænd
møtrikken med gaffelnøglen.
Î Sæt bundpladen (8) på og fastgør med underlagsskiver og vingemøtrik.
b) Fastspænding med hurtigopspændingssøjlen art. nr. FF35120 illustration B-2)
Î Juster borestanderen og sæt søjlen på borestanderens bundplade.
Î Kør søjlen ud og klem borestanderen fast.
Rummets minimale højde: ca. 1,7 m
Rummets maksimale højde: ca. 3.0 m
Bemærk: For at undgå skader på lofter eller vægge pga. søjlen, lægges der et stykke træ eller
lignende mellem søjlens ende og loftet for at fordele fladetrykket til en større flade.
Læs og forstå søjlens betjeningsvejledning!
c) Montering med vakuumsæt (Art. nr. FF35710 = 131 DWS; FF35740 = 202 DWS;
illustration B-3) med vakuumpumpe (Art. nr. FF35200)
Î Læg en ring af ekspanderet gummi i den udborede not i bundpladen (8) på borestanderen.
Î Tilslut vakuumsættet med en lynkobling på vakuumpumpen.
Î Tilslut vakuumpumpen til lysnettet og tænd for den.
Î Positioner bundpladen (8) og sæt vakuum - studserne med en 3-trins kuglehane ind i
bundpladens lange hul.
Î Tryk kuglehanens pind ned og drej den, tryk samtidig bundpladen ned mod underlaget.
Skal borestanderen flyttes et andet sted hen på underlaget trykkes der på udluftningsknappen
(9) i fodpladen.
Maks. boreområde med
Horisontal
Ø 150 mm
vakuumteknik:
Vertikal
Ø 250 mm
Vakuumteknikken kan kun anvendes på glatte underlag, da der kun kan oprettes
tilstrækkeligt vakuum på sådanne underlag. Anvend aldrig apparatet med
fastsugning på puds! Borestanderen kan løsne sig fra væggen.
Ved strømsvigt sørger RODIA-VAC vakuumpumpens sikkerhedskedel for at maskinen stadig suges
fast på underlaget i ca. 1-2 minutter. Dette tidsrum afhænger dog meget af systemets tæthed og
underlagets beskaffenhed.
54 DANSK

Kontroller derfor konstant undertrykket under boringen. Trykket må ikke falde ned under 0,8 bar!
Tag straks maskinen af væggen under strømsvigt. Maskinen kan falde ned og
forårsage kvæstelser! Vakuumet fjernes! Arbejd kun med et ringe tilspændingstryk!
Læs og forstå vakuumpumpens betjeningsvejledning!
3.4 Betjening
Skift håndhjulsside:
Tilspændingsgearet skal sikres mod utilsigtet opstart! Tilspændingsmodulet skal
sikres med låsesplitten (1).
Î Træk den sorte omløbermøtrik tilbage og tag indstiksgrebet (11) ud.
Î Sæt det på den ønskede side og spænd det igen med omløbermøtrikken.
Indstil borevinklen:
Î Løsn knebelgrebet (7) og indstil føringssøjlen (3) i den ønskede vinkel (15°- 30°- 45°).
Î Spænd knebelgrebet (7) til igen.
Isæt diamantboremaskinen:
Tilspændingsgearet skal sikres mod utilsigtet opstart! Tilspændingsmodulet skal
sikres med låsesplitten (1).
Î RODIACUT 131 DWS: Sæt motoren oppefra i holderen (2) på borestanderen og fastgør med
en skrue.
Î RODIACUT 202 DWS: Skub motoren oppefra helt ind (15) i borestanderens
tilspændingsmodul (10) og fastgør med de to stjerneskruer (14).
Î Afmonteringen foretages i modsat rækkefølge.
Dybdeanslagsindstilling:
Î Løsn skruen (4) på dybdeanslaget og indstil den ønskede boredybde.
Î Spænd skruen godt til igen.
Isæt vandudsugningen (tilbehør, illustration B-4):
Î RODIACUT 131 DWS:
Skru de to forreste ringskruer (5) ud. Skru vandudsugningens
fingermøtrikker på ringskruerne og sæt den igen i bundpladen.
Î RODIACUT 202 DWS: Skru de to skruer med fingermøtrikkerne i de tilhørende huller på
vandudsugningen (19) i bundpladen.
Î Vandudsugningen skal ved hjælp af snaplåsen gå i hak over ringskruerne (5) eller skruerne og
fastgøres med fingermøtrikker.
Î Tilslut vandsugeren og placer en sugeslange på vandudsugningsringens studser.
Î Tilslut vandtilførslen.
-Slangetilførsel direkte til vandledningen eller
-dykpumpe med spand
BEMÆRK: Der skal altid være en tilstrækkelig vandforsyning for at afkøle borekronen
under arbejdet, ellers bliver den for hurtigt for varm og segmenter kan løsne sig.
DANSK 55

Bemærk: Det anbefales kraftigt at der ikke anvendes "vandtryksbeholdere" fra en borediameter
på 200 mm, da vandforsyningen her kun kan kontrolleres i begrænset omfang.
Î Skær et hul i gummipladen iht. borekronens diameter (luftspalte mellem udskåret
gummipakning og borekrone ca. 2-3 mm).
Î Læg gummipladen på vandudsugningsringen.
Boring:
Læs og forstå boremotorens betjeningsvejledning!
Î Drej op for vandhanen eller tilslut støvsugeren.
(der skal mindst være så meget vandtryk, at det dannede boreslam fjernes fra borehullet)
Î Løsn tilspændingsgearets lås (1) og drej boremaskinen ned til den ønskede boredybde med
håndhjulet (11).
Î Sluk for motoren og sving tilbage, indtil borekronen kan ses helt.
Klemmer mekanismen, tilkøres boremotoren igen med et lavt omdrejningstal med
kølevand og borekronen trækkes tilbage!
4 Service og vedligeholdelse
For at undgå skader på apparatet samt sikre en problemfrit arbejde, skal samtlige komponenter
rengøres og smøres med jævne mellemrum.
Efter hver boring skal borestanderen skylles af med vand og rengøres grundigt for boreslam. Vær
især omhyggelig med føringssøjlen og tilspændingsmodulet.
De nedenstående opstillede arbejder bør mindst udføres én gang om ugen. Ved intensivt arbejde
noget hyppigere.
Tilspændingsmodul: Skal rengøres og smøres, efter behov justeres spillet ved hjælp af
sekskantskruerne (12) på siden.
Borestander: Rengør og smør tandstang, føringssøjle og justeringsskruerne
NB! Al vedligeholdelses-, istandsættelses- og reparationsarbejder må kun udføres af uddannet
personale.
5 Tilbehør
Egnet tilbehør og en bestillingsformular findes fra sida 120.
6 Affaldsbehandling
Dele af apparetet er af brugbart materiale og kann genbruges. Hertil står autoriserede og
certificerede genbrugsvirksomheder til rådighed. Til miljøvenlig affaldsbehandling af ikke brugbart
materiale (f.eks. elektronikaffald) vær venlig at spørg den myndighed, hvorunder det sorterer.
Kun til EU-lande:
Elektrisk værktøj må ikke smides ud med det almindelige affald! I henhold til det
Europæiske Direktiv 2002/96/EF om affald af elektrisk- og. elektronisk udstyr og
gennemførelsen i national lovgivning skal ikke længere brugbart elektrisk værktøj
indsamles separat og tilføres en recyclingsproces.
56 DANSK