Mitsubishi Electric MDT421S: Problemen oplossen

Problemen oplossen: Mitsubishi Electric MDT421S

background image

Nederlands-38

Problemen oplossen

Geen beeld

•   De signaalkabel moet goed en volledig zijn aangesloten op de poort van de videokaart/computer.

•   Zorg dat de videokaart correct in de computer is geplaatst.

•   Zorg dat de aan/uit-knop van de computer en de aan/uit-knop aan de voorkant van de monitor zijn ingeschakeld.

•   Controleer of op de videokaart of het systeem wel degelijk een ondersteunde modus is geselecteerd. (Raadpleeg de docu-

mentatie bij de gra

fi

 sche kaart of het systeem als u de gra

fi

 sche modus wilt wijzigen.)

•   Controleer of de monitor en videokaart met elkaar compatibel zijn en aan de aanbevolen instellingen beantwoorden.

•  Controleer of de connector van de signaalkabel geen gebogen of ingedrukte pinnen heeft.

•  Als er geen beeld is met een aangekoppeld HDCP-apparaat, schakel het apparaat dan uit en terug in.

De aan/uit-knop reageert niet

•   Haal de stekker van de voedingskabel van de monitor uit het stopcontact om de monitor uit te schakelen en opnieuw de fab-

rieksinstellingen te laden.

Ingebrand beeld

•   Bij de LCD-technologie kan een fenomeen optreden dat bekend staat als een “inbranding”. Een inbranding of ingebrand 

beeld wordt duidelijk wanneer de “geest” van een vorig beeld op het scherm zichtbaar blijft. In tegenstelling tot CRT-

monitoren is een inbranding op een LCD-monitor niet van blijvende aard, maar de weergave van niet-veranderende beelden 

gedurende langere tijd moet worden vermeden. U maakt de inbranding ongedaan door de monitor net zo lang uitgeschakeld 

te laten als het vorige beeld op het scherm is weergegeven. Als een beeld bijvoorbeeld gedurende één uur is weergegeven 

en de “geest” van dat beeld blijft achter, schakelt u de monitor één uur uit om het ingebrande beeld ongedaan te maken.

OPMERKING: 

Zoals bij alle andere persoonlijke weergaveapparaten raadt MITSUBISHI ELECTRIC u aan regelmatig gebruik te maken van be-

wegende beelden en een bewegende schermbeveiliging wanneer het scherm inactief is of de monitor uit te schakelen als u deze 

niet gebruikt.

Het beeld is onstabiel, onscherp of er zijn golven op het scherm

•   De signaalkabel moet goed en volledig zijn aangesloten op de poort van de computer.

•   Gebruik de OSD-besturingselementen van Image Adjust om het beeld scherp te stellen en stel het beeld juist af met het 

besturingselement Fine. Wanneer u van weergavemodus verandert, dient u de OSD-instellingen van Image Adjust mogelijk 

opnieuw aan te passen.

•   Controleer of de monitor en videokaart met elkaar compatibel zijn en aan de aanbevolen signaaltimings beantwoorden.

•  Als uw tekst als een reeks betekenisloze tekens verschijnt, stelt u de beeldmodus in op non-interlaced en gebruikt u een 

beeldverversingsfrequentie van 60 Hz.

Beeld van componentsignaal is enigszins groen

•   Controleer of de DVD/HD-ingangsconnector is geselecteerd.

Het lampje van de monitor brandt niet (geen groene of rode kleur zichtbaar)

•   De aan/uit-schakelaar moet zijn ingeschakeld en de voedingskabel moet zijn aangesloten.

•   Controleer of de computer niet in een energiebesparende stand staat (druk op een toets op het toetsenbord of verschuif de muis 

even).

RODE LED op monitor knippert

•   Mogelijk heeft zich een storing voorgedaan. Neem contact op met het dichtstbijzijnde geautoriseerde Display-servicecentrum 

van MITSUBISHI ELECTRIC.

Het weergegeven beeld heeft verkeerde afmetingen

•   Gebruik de OSD-besturingselementen van Image Adjust om de afmetingen van het beeld te wijzigen.

•   Controleer of op de videokaart of het systeem wel degelijk een ondersteunde modus is geselecteerd. 

(Raadpleeg de documentatie bij de gra

fi

 sche kaart of het systeem als u de gra

fi

 sche modus wilt wijzigen.)

De geselecteerde resolutie wordt niet goed weergegeven

•   Gebruik het OSD om het menu Information te openen en controleer of de juiste resolutie is geselecteerd. Als dat niet het 

geval is, selecteert u de juiste resolutie.

background image

Nederlands

Nederlands-39

Geen geluid

•  Controleer of de kabel van de luidspreker correct is aangesloten.

•   Controleer of de geluidsdemping is ingeschakeld.

•  Controleer of het volume op de minimumwaarde is ingesteld.

De afstandsbediening is niet beschikbaar

•   Controleer de status van de batterijen van de afstandsbediening.

•   Controleer of de batterijen goed in de afstandsbediening zijn geplaatst.

•   Controleer of de afstandsbediening op de sensor voor de afstandsbediening van de monitor is gericht.

“SCHEDULE”/“OFF TIMER” functie werkt niet goed

•   De “SCHEDULE” functie wordt uitgeschakeld wanneer de functie “OFF TIMER” wordt ingesteld.

•   Als de functie “OFF TIMER” is ingeschakeld en de LCD-monitor is uitgeschakeld door onverwachte onderbreking van de 

stroomtoevoer, wordt de instelling “OFF TIMER” gereset.

Ruisstrepen 

Er kunnen lichte verticale of horizontale strepen verschijnen, afhankelijk van het speci

fi

 eke weergavepatroon. Dit is geen defect 

of verslechtering van het product.

“NO SIGNAL” verschijnt op het scherm 

Het is mogelijk dat het beeld niet onmiddellijk verschijnt na het aankoppelen van een HDCP-apparaat.

Оглавление