Stiebel Eltron PSH Universal EL с 05.12.2011: inStallatie

inStallatie: Stiebel Eltron PSH Universal EL с 05.12.2011

background image

www.Stiebel-eltron.CoM 

PSH UniverSal el| 

59

N

ed

er

la

N

d

s

inStallatie  

veiligHeid

inStallatie

7.  Veiligheid

Installatie, ingebruikname, evenals onderhoud en reparatie van 

het toestel mogen alleen door een gekwalificeerde installateur 

worden uitgevoerd.

7.1  algemene veiligheidsaanwijzingen

Wij waarborgen de goede werking en de bedrijfsveiligheid uit-

sluitend bij gebruik van originele accessoires en vervangingson-

derdelen voor het toestel.

7.2  Voorschriften, normen en bepalingen

Info

Neem alle nationale en regionale voorschriften en be-

palingen in acht.

8.  toestelbeschrijving

8.1  leveringstoebehoren

Bij het toestel wordt het volgende geleverd:

- 2 gemonteerde wandbevestigingen.

- veiligheidsklep (SYR) met terugslagklep.

9.  Voorbereidingen

9.1  montageplaats

Het toestel is uitsluitend bestemd voor vaste montage aan de 

wand. Zorg ervoor dat de wand voldoende draagvermogen heeft.

Voor het afvoeren van het expansiewater dient een passende af-

voer in de buurt van het toestel te zitten.

26

�0

2�

09

�0

13

5

f

f

Monteer het toestel verticaal of horizontaal in de afge-

beelde stand in een vorstvrije ruimte en in de buurt van het 

aftappunt.

10.  montage

10.1  montage van het toestel

De aan het toestel bevestigde wandbevestigingen zijn voorzien 

van slobgaten voor haken, waardoor montage op reeds bestaande 

ophangbouten van vorige toestellen meestal mogelijk is.

f

f

Breng anders de afmetingen voor de boorgaten over op 

de wand (zie hoofdstuk “Technische gegevens/maten en 

aansluitingen”).

f

f

Boor, indien noodzakelijk, de gaten en bevestig de wandbe-

vestigingen met schroeven en pluggen. Kies bevestigingsma-

teriaal dat past bij de sterkte van de wand.

f

f

Hang het toestel met de wandbevestigingen aan de schroe-

ven of bouten. Houd daarbij rekening met het lege gewicht 

van het toestel (zie hoofdstuk “Technische gegevens/gege-

venstabel”) en voer de werkzaamheden eventueel met twee 

personen uit.

f

f

Lijn het toestel verticaal of horizontaal uit.

10.2  wateraansluiting

!

Toestel- en milieuschade

Voer alle werkzaamheden voor wateraansluiting en in-

stallatie uit conform de voorschriften.

Koudwaterleiding

Als materiaal zijn stalen of koperen buizen of kunststofbuizen 

toegestaan.

warmwaterleiding

Als materiaal zijn koperen of kunststof buizen toegestaan.

!

Toestel- en milieuschade

Neem het hoofdstuk “Technische gegevens/storingssitu-

aties” in acht bij het gebruik van kunststof buizen.

Info

Als de waterdruk hoger is dan 0,6 MPa, moet in de “Koud-

watertoevoer” een reduceerventiel worden ingebouwd.

Het toestel moet met drukkranen worden gebruikt.

f

f

Spoel de koudwaterleiding grondig door vóór aansluiting 

van het toestel op de waterleiding, zodat er geen vreemde 

voorwerpen in de boiler of de veiligheidsklep terecht kunnen 

komen.

f

f

Leid de afvoerleiding van de veiligheidsklep naar een vorst-

bestendige afvoerbuis met een onafgebroken afwaartse hel-

ling, zodat een onbelemmerde waterafloop wordt verzekerd. 

De afblaasopening van de veiligheidsklep moet geopend 

blijven in de richting van de atmosfeer.

background image

60

 | PSH UniverSal el www.Stiebel-eltron.CoM

inStallatie  

Montage

10.3  elektrische aansluiting

GEVAAR Elektrische schok

Scheid alle polen van het toestel van het elektriciteitsnet 

voor aanvang van alle werkzaamheden.

GEVAAR Elektrische schok

Voer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaansluitin-

gen en montage uit conform de voorschriften.

GEVAAR Elektrische schok

Aansluiting op het stroomnet is alleen als vaste aanslui-

ting toegestaan. Het toestel moet op alle polen met een 

afstand van minstens 3 mm van de aansluiting op het net 

kunnen worden losgekoppeld.

Info

Neem de gegevens op het typeplaatje in acht. De aan-

gegeven spanning moet overeenkomen met de netspan-

ning.

Info

Zorg ervoor dat het toestel is aangesloten op de aard-

leiding.

1

2

3

26

�0

2�

07

�0

28

6

1  Elektronische module Regeling, positie X2

2  Aansluitkabel elektronische modules

3  Elektronische module Bediening

onderste kap afnemen

f

f

Draai de 4 schroeven eruit.

f

f

Verwijder de onderste kap.

f

f

Trek de aansluitkabel van de elektronische module Bedie-

ning, positie X2 eraf.

Daarnaast in tweekringboilerwerking:

f

f

trek de kabeldoorvoer er aan de onderkant uit. Druk daar-

voor op de vergrendelhaakjes.

f

f

Schuif de kabeldoorvoer over de elektriciteitskabel en ver-

grendel de kabeldoorvoer opnieuw.

werkwijze kiezen

!

Toestel- en milieuschade

Schakel de werkwijze alleen om, wanneer het toestel van 

het stroomnet is ontkoppeld.

26

�0

2�

07

�0

28

5

E  Eénkringboilerwerking

Z  Tweekringboilerwerking

B  Boilerwerking

f

f

Selecteer de werkwijze met de schakelaar op de elektroni-

sche module Regeling en kies de gewenste aansluiting (zie 

hoofdstuk “Technische gegevens/elektriciteitsschema’s en 

aansluitingen”).

f

f

Steek de aansluitkabel op de elektronische module, positie 

X2 (zie hoofdstuk “Technische gegevens/elektriciteitssche-

ma’s en aansluitingen”).

f

f

Bevestig de onderste kap met de 4 schroeven.

elektriciteitskabel

GEVAAR Elektrische schok

De elektriciteitskabel mag bij beschadiging of vervan-

ging alleen worden vervangen door een installateur die 

daartoe door de fabrikant is gemachtigd.

Het toestel wordt geleverd met een voorbereide aansluitkabel met 

adereindhulzen zonder stekkers.

f

f

Indien de kabellengte onvoldoende is, dient u de aansluit-

kabel in het toestel af te klemmen. Gebruik een geschikte 

installatiekabel.

f

f

Let er bij het leggen van de nieuwe elektriciteitskabel op dat 

deze waterdicht door de aanwezige kabeldoorvoer wordt ge-

leid en sluit deze in het toestel op vakkundige wijze aan.

background image

www.Stiebel-eltron.CoM 

PSH UniverSal el| 

61

N

ed

er

la

N

d

s

inStallatie  

ingebrUiKnaMe

11.  ingebruikname

11.1  eerste ingebruikname

f

f

Open de afsluitklep in de koudwateraanvoerleiding.

f

f

Open een tappunt tot het toestel is gevuld en het leidingnet 

luchtvrij is.

f

f

Let op het maximaal toegelaten doorstroomvolume bij 

een volledig geopende kraan (zie hoofdstuk “Technische 

gegevens/gegevenstabel”).

f

f

Schakel de netspanning in. Het toestel voert een zelftest uit.

f

f

Controleer de werkmodus van het toestel. 

f

f

Controleer de goede werking van de veiligheidsklep.

11.1.1  overdracht van het toestel

f

f

Leg aan de gebruiker de werking van het toestel uit en maak 

hem vertrouwd met het gebruik ervan.

f

f

Wijs de gebruiker op de veiligheidsklep, de betekenis daar-

van en de bedieningsinstructies.

f

f

Wijs de gebruiker op mogelijk gevaar, met name 

verschroeiingsgevaar.

f

f

Overhandig deze handleiding.

11.2  opnieuw in gebruik nemen

Zie hoofdstuk “Eerste ingebruikname”.

12.  instellingen

12.1  commerciële modus inschakelen

26

�0

2�

07

�0

29

6

S  Jumper ECO (energiebesparingmodus)

E  ECO Aan (fabrieksinstelling)

A  ECO Uit (commerciële modus)

f

f

Steek de jumper om om de commerciële modus in te 

schakelen.

12.2  regeling achteruit inschakelen

26

�0

2�

07

�0

29

6

R  Jumper regeling Achteruit

E  Regeling Achteruit Aan

A  Regeling Achteruit Uit (fabrieksinstelling)

f

f

Steek de jumper om om de regeling Achteruit in te 

schakelen.

13.  Buitendienststelling

f

f

Verbreek de verbinding tussen het toestel met de zekering in 

de huisinstallatie en de netspanning.

f

f

Tap het toestel af. Zie hoofdstuk “Onderhoud/toestel 

aftappen”.

background image

62

 | PSH UniverSal el www.Stiebel-eltron.CoM

inStallatie  

onderHoUd

14.  onderhoud

GEVAAR Elektrische schok

Scheid alle polen van het toestel van de netspanning voor 

aanvang van alle werkzaamheden.

GEVAAR Elektrische schok

Voer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaansluitin-

gen en montage uit conform de voorschriften.

Wanneer het toestel bovendien moet worden afgetapt, raadpleeg 

dan het hoofdstuk “Toestel aftappen”.

14.1  Veiligheidsgroep en -klep testen

f

f

Het is verplicht de veiligheidsgroep en de veiligheidsklep re-

gelmatig te testen.

14.2  Het toestel aftappen.

GEVAAR voor verschroeiing

Tijdens het aftappen kan er heet water uitlopen.

Indien het toestel voor onderhoudswerkzaamheden of bij vorstge-

vaar moet worden afgetapt voor de bescherming van de volledige 

installatie, gaat u als volgt te werk:

f

f

sluit de afsluitklep in de koudwateraanvoerleiding. 

f

f

open de warmwaterklep van alle aftappunten;

26

�0

2�

07

�0

28

8

1

1  Kap van de aftapkraan

f

f

Schroef de kap van de aftapkraan eraf.

14.3  de signaalanode controleren

f

f

Controleer de veiligheidsanode voor het eerst na één jaar en 

vervang deze, indien nodig.

f

f

Neem daarna de beslissing in welke tijdsintervallen de ver-

dere tests moeten worden uitgevoerd.

14.4  ontkalken

f

f

Verwijder de losse kalkafzettingen uit de boiler.

f

f

Ontkalk, indien noodzakelijk, het binnenreservoir met in de 

handel verkrijgbare ontkalkingmiddelen.

f

f

Ontkalk de flens pas wanneer deze is gedemonteerd en be-

handel de oppervlakte van de boiler en de veiligheidsanode 

niet met ontkalkingmiddelen.

14.5  temperatuurbegrenzer monteren

26

�0

2�

07

�0

30

5

1

1  Begrenzersensor

f

f

Steek de begrenzersensor tot tegen de aanslag in de 

sensorhuls.

14.6  Verwarmingselementen vervangen

Het verwarmingselement zit in een schermpijp. Hierdoor is een 

droge vervanging van het verwarmingselement mogelijk. Het is 

niet nodig het toestel voor het vervangen af te tappen.

2

1

26

�0

2�

07

�0

30

6

1  Keramisch verwarmingselement in geëmailleerde schermpijp

2  Bevestiging verwarmingselement

background image

www.Stiebel-eltron.CoM 

PSH UniverSal el| 

63

N

ed

er

la

N

d

s

inStallatie  

Storingen verHelPen

15.  storingen verhelpen

Info

Bij temperaturen lager dan -15 °C kan de veiligheidstem-

peratuurbegrenzer worden geactiveerd. Het toestel kan 

al bij opslag of bij het transport aan deze temperaturen 

zijn blootgesteld.

f

f

Laat de storingscode weergeven (zie hoofdstuk “Instellingen/

menufuncties/storingscode weergeven”).

f

f

De stekkers worden beschreven in hoofdstuk “Technische ge-

gevens/elektriciteitsschema’s en aansluitingen”.

Storing

Code oorzaak

f

f

oplossing

De opwarmtijd duurt erg lang en het 

symbool Verwarmen is verlicht.

De verwarmingsflens is verkalkt. 

Ontkalk de verwarmingsflens. 

De veiligheidsklep druppelt en het sym-

bool Verwarmen is niet verlicht.

De klepzitting is vuil. 

Reinig de klepzitting. 

Het display knippert.

E2

De temperatuursensor heeft een storing.

Controleer of stekker X10 er op de juiste wijze is inge-

stoken.

E4

Controleer de temperatuursensor.

E128

De communicatie tussen de elektronische modules Re-

geling en Bediening heeft een storing. 

Controleer of stekker X2 op de juiste wijze is ingestoken 

in beide modules. Controleer de modules en de aan-

sluitkabel.

Het water wordt niet warm. 

Het symbool Verwarmen wordt niet 

getoond. 

Het display knippert.

E8

De veiligheidstemperatuurbegrenzer is geactiveerd. 

Controleer het toestel en verhelp de oorzaak. Druk op de 

resettoets (zie afbeelding). 

De veiligheidstemperatuurbegrenzer is geactiveerd, 

omdat de regelaar defect is.

Los de oorzaak van de storing op. Vervang de veilig-

heidstemperatuurbegrenzer.

De veiligheidstemperatuurbegrenzer is geactiveerd, 

omdat de temperatuur lager is dan -15 °C.

Druk op de resettoets (zie afbeelding). 

De snelopwarming schakelt niet in.

Controleer de toets.

De verwarmingsflens is defect.

Vervang de verwarmingsflens.

Het water wordt niet warm. 

Het display knippert.

E6

De temperatuursensor is defect. 

Controleer of stekker X10 er op de juiste wijze is ingesto-

ken. Controleer de temperatuursensor.

resettoets veiligheidstemperatuurbegrenzer

f

f

Ontkoppel het toestel van de stroomvoorziening.

f

f

Draai de schroeven eruit en verwijder de onderste kap.

f

f

Trek de aansluitkabel van de elektronische module Bedie-

ning, positie X2 eraf.

1

26

�0

2�

07

�0

28

7

1  Resettoets van de veiligheidstemperatuurbegrenzer

background image

64

 | PSH UniverSal el www.Stiebel-eltron.CoM

inStallatie  

teCHniSCHe gegevenS

16.  technische gegevens

16.1  afmetingen en aansluitingen

100

a20

a30

a10

c01

c06

b01

i14 

i15 

D

00000

18

70

5

PSH 30 

Universal el

PSH 50 

Universal el

PSH 80 

Universal el

PSH 100 

Universal el

PSH 120 

Universal el

PSH 150 

Universal el

a10  Toestel

Hoogte

mm

676

931

893

1045

1200

1435

a20  Toestel

Breedte

mm

380

380

475

475

475

475

a30  Toestel

Diepte

mm

380

380

475

475

475

475

b01  Doorvoer elektr.kabels  Hoogte

mm

78,5

78,5

78,5

78,5

78,5

78,5

c01  Koudwatertoevoer

Buitendraad

G ½ A

G ½ A

G ½ A

G ½ A

G ½ A

G ½ A

Afstand aan de achterzijde mm

80

80

85

85

85

85

c06  Warmwateruitloop

Buitendraad

G ½ A

G ½ A

G ½ A

G ½ A

G ½ A

G ½ A

Afstand aan de achterzijde mm

80

80

85

85

85

85

i14  Wandbevestiging 1

Hoogte

mm

445

705

592

735

870

1090

i15  Wandbevestiging 2

Hoogte

mm

210

270

270

300

300

300

wandbevestiging

30 - 50 l

184

265

300

360

80

�0

2�

07

�0

00

5

80 - 150 l

450

415

360

350

300

265

80

�0

2�

07

�0

00

6

background image

www.Stiebel-eltron.CoM 

PSH UniverSal el| 

65

N

ed

er

la

N

d

s

inStallatie  

teCHniSCHe gegevenS

16.2  elektriciteitsschakelschema en aansluitingen

FB

L1

CB

L3

N

L2

L1

L3

N

L2

PE

5

6

LF

X6

ws

vi

S

E Z B

X2

X12

X10

X7

A

E

A

E

X2

X1

5

5

3

3

X9

R

3

1

12

13

2

5

6

7

9 10

11

8

85

�0

2�

07

�0

02

3

4

1  Anode

2  Boilervat

3  Netaansluitklem

4  Keramisch verwarmingselement in geëmailleerde schermpijp

5  Verwarmingsvermogen 

PSH 30 Universal EL: 1,6 kW ~ 230 V 

PSH 50-150 Universal EL: 2 kW ~ 230 V

6  Extra verwarmingsvermogen, 1 kW ~ 230 V

7  Veiligheidstemperatuurbegrenzer

8  Schakelaar voor werkwijze

9  Jumper ECO

10 Jumper regeling Achteruit

11 Elektronische module Regeling

12 Elektronische module Bediening

13 Temperatuursensor

background image

66

 | PSH UniverSal el www.Stiebel-eltron.CoM

inStallatie  

teCHniSCHe gegevenS

16.2.1  tweekringboilerwerking

Het vermogen van de snelopwarming wordt na de schuine streep 

getoond.

eén-teller-meting met energiemaatschappijcontact

PSH 30 Universal el

PSH 50-150 Universal el

kW

1,6 / 2,6

2 / 3

L1

L3

N

L2

PE

5

6

85

�0

2�

07

�0

02

0

1

PSH 30 Universal el

PSH 50-150 Universal el

kW

2,6 / 2,6

3 / 3

L1

L3

N

L2

PE

5

6

85

�0

2�

07

�0

02

1

1

1  Contact van de stroomregeling

16.2.2  eénkringboilerwerking

Het vermogen van de snelopwarming wordt na de schuine streep 

getoond.

PSH 30 Universal el

PSH 50-150 Universal el

kW

1,6 / 2,6

2 / 3

L1

L3

N

L2

PE

5

6

85

�0

2�

07

�0

01

8

PSH 30 Universal el

PSH 50-150 Universal el

kW

2,6 / 2,6

3 / 3

L1

L3

N

L2

PE

5

6

85

�0

2�

07

�0

01

9

16.2.3  Boilerwerking

PSH 30 Universal el

PSH 50-150 Universal el

kW

2,6

3

L1

L3

N

L2

PE

5

6

85

�0

2�

07

�0

02

4

16.3  storingssituaties

Bij een storing kunnen er temperaturen tot 95 °C bij 0,6 MPa 

voorkomen. 

background image

www.Stiebel-eltron.CoM 

PSH UniverSal el| 

67

N

ed

er

la

N

d

s

inStallatie  

teCHniSCHe gegevenS

16.4  gegevenstabel

  

  

PSH 30 

Universal el

PSH 50 

Universal el

PSH 80 

Universal el

PSH 100 

Universal el

PSH 120 

Universal el

PSH 150 

Universal el

231150

231151

231152

231153

231649

231154

Hydraulische gegevens

Nominale inhoud

l

30

50

80

100

120

150

Mengwatervolume van 40 °C (15 °C/60 °C) verticaal

l

53

92

136

183

217

273

Mengwatervolume van 40 °C (15 °C/60 °C) horizontaal

l

42

76

111

153

173

194

Elektrische gegevens

Aansluitvermogen ~ 230 V

kW

2,6

3

3

3

3

3

Nominale spanning

V

230

230

230

230

230

230

Fasen

1/N/PE

1/N/PE

1/N/PE

1/N/PE

1/N/PE

1/N/PE

Frequentie

Hz

50

50

50

50

50

50

Werkwijze Eenkring

X

X

X

X

X

X

Werkwijze Tweekring

X

X

X

X

X

X

Werkwijze boiler

X

X

X

X

X

X

Opwarmtijd 2,6 kW (15 °C/60 °C)

h

0,61

Opwarmtijd 3,0 kW (15°C/60°C)

h

0,88

1,42

1,77

2,13

2,66

Werkingsgebied

Temperatuurinstelbereik

°C

7-85

7-85

7-85

7-85

7-85

7-85

Max. toegelaten druk

MPa

0,6

0,6

0,6

0,6

0,6

0,6

Max. doorstroomvolume

l/min

23,5

23,5

23,5

23,5

23,5

23,5

Energiegegevens

Energieverbruik in stand-by/24 u bij 65 °C verticaal

kWh

0,57

0,78

0,88

1,05

1,19

1,29

Energieverbruik in stand-by/24 u bij 65 °C horizontaal

kWh

0,83

0,94

1

1,26

1,43

1,57

Uitvoeringen

Beschermingsgraad (IP) verticaal

IP25

IP25

IP25

IP25

IP25

IP25

Beschermingsgraad (IP) horizontaal

IP24

IP24

IP24

IP24

IP24

IP24

Uitvoering gesloten

X

X

X

X

X

X

Elektriciteitskabel

X

X

X

X

X

X

Lengte elektriciteitskabel

mm

1000

1000

1000

1000

1000

1000

Kleur

wit

wit

wit

wit

wit

wit

Afmetingen

Hoogte

mm

676

931

893

1045

1200

1435

Breedte

mm

380

380

475

475

475

475

Diepte

mm

380

380

475

475

475

475

Gewichten

Gevuld gewicht

kg

52

78

114

138

163

202

Leeg gewicht

kg

22

28

34

38

43

52

Garantie

Voor toestellen die buiten Duitsland zijn gekocht, gelden de 

garantievoorwaarden van onze Duitse ondernemingen niet. 

Bovendien kan in landen waar één van onze dochtermaat-

schappijen verantwoordelijk is voor de verkoop van onze 

producten, alleen garantie worden verleend door deze doch-

termaatschappij. Een dergelijk garantie wordt alleen verstrekt, 

wanneer de dochtermaatschappij eigen garantievoorwaarden 

heeft gepubliceerd. In andere situaties wordt er geen garantie 

verleend.

Voor toestellen die in landen worden gekocht waar wij geen 

dochtermaatschappijen hebben die onze producten verkopen, 

verlenen wij geen garantie. Een eventueel door de importeur 

verzekerde garantie blijft onverminderd van kracht.

Milieu en recycling

Wij verzoeken u ons te helpen ons milieu te beschermen. Doe 

de materialen na het gebruik weg overeenkomstig de natio-

nale voorschriften.

garantie

MilieU en reCyCling