Xylem L4C: −

−: Xylem L4C

background image

29 

de spanning en de frequentie van de stroomtoevoerlijn overeenstemmen met de gegevens die op het typeplaatje 

van de motor staan 

de as van de motor en de pomp zonder belemmeringen draaien.

Neem voor meer informatie contact op met onze verkoop- en servicedienst. 

3.1.9 

Motor gevoed d.m.v. een frequentieomzetter 

Alleen speciaal bestelde motoren kunnen door middel van een frequentieomzetter gevoed worden.

Neem voor meer informatie contact op met onze verkoop- en servicedienst. 

Als de motor met een frequentieomzetter gecombineerd is moet het vermogen 10% gedeclasseerd worden en moet 

er op toegezien worden dat de nominale voedingsfrequentie van de motor nooit overschreden wordt. 

Op de minimum gebruiksfrequentie moet een zodanige stroom water gegarandeerd worden dat de minimum snelheid 

die in de vorige punten aangegeven is verkregen wordt om zo de juiste koeling van de motor te verzekeren. 

Neem voor meer informatie contact op met onze verkoop- en servicedienst. 

3.1.10 

Motor gevoed d.m.v. een generatoraggregaat 

Neem voor informatie contact op met onze verkoop- en servicedienst. 

3.1.11 

Bijzondere gebruiksdoeleinden 

Neem voor elke situatie die vanwege de aard van de vloeistof en/of de aard van de installatie afwijkt van datgene wat 

beschreven is contact op met onze verkoop- en servicedienst.

3.1.12 

Oneigenlijk gebruik 

Als u de motor op een onjuiste manier gebruikt dan kunt u gevaarlijke situaties of letsel aan personen of schade aan 

voorwerpen veroorzaken. 

Enkele voorbeelden van onjuist gebruik: 

-

met een andere vloeistof dan water werken 

-

met een hogere watertemperatuur dan 35°C werken zonder de motor te declasseren 

-

met een koelstroom met een lagere snelheid dan 0,3 m/s werken 

-

het toegestane aantal starts per uur overschrijden.

3.2 

Technische gegevens 

Voor de technische prestatiegegevens van de motor zie het typeplaatje van de motor. 

Voor al uw vragen kunt u terecht bij onze verkoop- en servicedienst. 

3.3 

Garantie 

Raadpleeg voor alle informatie de contractuele verkoopdocumentatie. 

4. 

Transport en opslag 

Informatie voor de transporteur en de installateur 

De motoren worden geleverd in kartonnen dozen in verschillende maten en vormen. 

Het verpakte product moet op een omgevingstemperatuur tussen de -5° en +40°C opgeslagen worden. 

De verpakkingen moeten in horizontale stand getransporteerd, verplaatst en opgeslagen worden. 

Bescherm het product tegen vocht, warmtebronnen en eventuele mechanische schade (stoten, vallen enz.). 

Leg geen zware voorwerpen boven op de kartonnen dozen.

Hijs en verplaats het product voorzichtig met behulp van geschikte hef- en hijswerktuigen. De veiligheidsvoorschriften 

moeten in acht genomen worden. De elektrische voedingskabel mag niet gebruikt worden om de motor hieraan op te 

tillen en te vervoeren. 

Controleer bij ontvangst van de motor of de doos aan de buitenkant geen zichtbare beschadigingen vertoont. Indien het product beschadigingen 

vertoont, moet onze dealer hier binnen 8 dagen na levering van op de hoogte gesteld worden. 

Als u het verpakkingsmateriaal niet voor andere doeleinden kunt gebruiken gooi het dan volgens de plaatselijke wettelijke voorschriften die van 

toepassing zijn op de gescheiden afvalverwerking weg. Om het product op te heffen c.q. op te hijsen moet het product op een veilige manier 

vastgesjord worden. Voor nadere informatie 

 par. 3.1. 

5.  

Installatie 

             Informatie voor de installateur 

Lees voor de installatie deze gebruiksaanwijzing en de handleiding van de pomp of elektropomp waar de motor op 

aangesloten zal worden. Bewaar de handleidingen goed.

Indien het product duidelijke tekenen van beschadiging vertoont dan mag het product in geen geval geïnstalleerd worden en moet er contact 

opgenomen met de servicedienst. 

De installatiewerkzaamheden mogen uitsluitend door vakbekwaam en geschoold personeel uitgevoerd worden. 

Er  moet  geschikt  gereedschap  en  geschikte  beschermingsmiddelen  gebruikt  worden.  De  veiligheidsvoorschriften 

moeten in acht genomen worden.

De grenzen met betrekking tot de installatie die in par. 3.1 aangegeven zijn moeten aandachtig gelezen worden. 

Voor wat betreft de installatie en de hydraulische en elektrische aansluitingen moeten de plaatselijke en/of landelijke reglementen, wettelijke 

voorschriften en normen altijd in acht genomen worden.

5.1  

Keuze van de schakelkast 

De motoren moeten goed beschermd zijn tegen overbelasting en kortsluiting. 

De aanloopsystemen die gebruikt kunnen worden zijn: rechtstreeks, impedanties, spaartransformator, soft-start.

Controleer of de elektrische gegevens van de schakelkast overeenstemmen met die van de elektropomp. Als dit niet 

het geval is kunnen er storingen optreden en kan de beveiliging van de elektromotor niet gewaarborgd worden.

De gebruiksbeperkingen die in par. 3.1 aangegeven zijn moeten gecontroleerd worden.

Vóór installatie moeten de aanwijzingen die bij de schakelkast verstrekt zijn aandachtig gelezen worden.

Neem voor meer informatie contact op met onze verkoop- en servicedienst. 

5.2  

Controle van het vloeistofniveau van de motor 

De installatiewerkzaamheden mogen uitsluitend door vakbekwaam en geschoold personeel uitgevoerd worden. 

Er  moet  geschikt  gereedschap  en  geschikte  beschermingsmiddelen  gebruikt  worden.  De  veiligheidsvoorschriften 

moeten in acht genomen worden.

LET OP 

LET OP 

LET OP 

LET OP 

LET OP   

 nl 

background image

30 

De motor moet in verticale positie geplaatst worden en de stop die op de bovenste steun aangebracht is moet eraf gedraaid worden. Er moet 

met een spuit schoon (niet gedistilleerd) water aan toegevoegd worden totdat u ziet dat het water uit de opening komt, daarna moet de stop er 

weer op gedraaid worden.

5.3  

Aansluiting op de pomp 

Lees voor de aansluiting deze gebruiksaanwijzing en de handleiding van de pomp of elektropomp waar de motor op 

aangesloten zal worden. Bewaar de handleidingen goed.

Neem voor meer informatie contact op met onze verkoop- en servicedienst. 

5.4 

Plaatsing in de put of in de bak 

De aanwijzingen die in de gebruiksaanwijzing van de pomp of de elektropomp staan moeten opgevolgd worden.

Als u de elektropomp in verticale positie installeert moet u erop letten dat de motor niet op de bodem van de put of de bak steunt. 

Als u de elektropomp in horizontale positie installeert moet u erop letten dat de motor van de bodem van de bak opgeheven is. 

Neem voor meer informatie contact op met onze verkoop- en servicedienst. 

6.  

Inwerkingstelling 

             Informatie voor de installateur 

De aanwijzingen die in de gebruiksaanwijzing van de pomp of de elektropomp staan moeten opgevolgd worden.

6.1 

Elektrische aansluiting van de elektropomp 

De  elektrische  aansluitingen  moeten  tot  stand  gebracht  worden  door  een  vakbekwame  installateur,  waarbij  de 

geldende voorschriften in acht genomen moeten worden.

Er  moet  gecontroleerd  worden  of  het  type  net,  de  voedingsspanning  en  -frequentie  overeenstemmen  met  de 

eigenschappen  van de motor en de schakelkast. De gegevens kunt u op de typeplaatjes van de motoren en in  de 

documentatie  die  bij  de  schakelkast  verstrekt  wordt  vinden.  Er  moet  voor  een  geschikte  bescherming  van  de 

elektrische lijn tegen kortsluiting gezorgd worden.

Alvorens  aan  het  werk  te  gaan  moet  gecontroleerd  worden  of  alle  aansluitingen  (en  dit  geldt  ook  voor  de 

potentiaalvrije aansluitingen) spanningsvrij zijn. 

Op  de  voedingslijn  moet,  tenzij  de  geldende  plaatselijke  voorschriften  andere  bepalingen  opleggen,  het  volgende 

geïnstalleerd worden: 

  een beveiliging tegen kortsluiting 

  een  aardlekbeveiliging  (“aardlekschakelaar”)  met  een  hoge  gevoeligheid  (30  mA)  als  extra  beveiliging  tegen 

elektrische schokken voor het geval de aarding niet deugdelijk is 

  een scheidingssysteem van het net met een opening tussen de contacten van minimaal 3 millimeter. 

De installatie moet in overeenstemming met de plaatselijke voorschriften geaard worden.

Monofase model 

De  elektropomp  moet  door  middel  van  een  geschikte  besturingskast  waar  de  overbelastingsbeveiliging  en  de  condensator  (voor  de 

modellen zonder inwendige condensator) in aangebracht zijn op de voedingslijn aangesloten worden. 

Zie het elektrische aansluitschema dat op de buitenmantel van de motor en op figuur 1 en 2 staat en de documentatie 

die bij de schakelkast verstrekt wordt. 

Voor wat de capaciteit van de condensator betreft zie het typeplaatje van de motor. 

De schakelkast moet op een beschutte plaats tegen ongunstige weersinvloeden geïnstalleerd worden.

Driefase model 

De elektropomp moet door middel van een geschikte besturingskast op de voedingslijn aangesloten worden. 

De schakelkast moet op een beschutte plaats tegen ongunstige weersinvloeden geïnstalleerd worden. 

Zie de documentatie die bij de schakelkast verstrekt wordt.

Voor  de  eventuele  aansluiting  op  externe  besturingssystemen  (bijv.  drukregelaar,  vlotter)  moeten  de  aanwijzingen  die  bij  deze  systemen 

verstrekt worden aangehouden worden. 

7.  

Onderhoud, service en reserveonderdelen 

                Informatie voor de onderhoudsmonteur

Voordat er onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd worden moet er eerst gecontroleerd worden of er geen spanning 

op de motor staat. 

Onderhoudswerkzaamheden  mogen  alleen  door  vakkundig  en  daartoe  opgeleid  personeel  uitgevoerd  worden.  Er 

moet geschikt gereedschap en geschikte beschermingsmiddelen gebruikt worden. De veiligheidsvoorschriften moeten 

in acht genomen worden.

Er mag niet geprobeerd worden om de stekker van de kabel van het motorblok los te maken. 

Dit mag alleen door bevoegd personeel gedaan worden.

Er mogen alleen originele reserveonderdelen gebruikt worden om eventuele defecte onderdelen te vervangen.

De motor vergt geen routineonderhoud. 

Als  de  gebruiker  een  gepland  routineonderhoudsplan  wil  opstellen  dan  moet  hij  er  rekening  mee  houden  dat  de  termijnen  afhangen  van  de 

gebruiksomstandigheden. 

Voor al uw vragen kunt u terecht bij onze verkoop- en servicedienst. 

7.1  

Reserveonderdelen 

Geef  bij  het  aanvragen  van  technische  informatie  of  bij  het  bestellen  van  reserveonderdelen  bij  onze  verkoop-  en 

serviceafdeling altijd het juiste type motor en de code door.

Gebruik  om  eventuele  onderdelen  te  vervangen  alleen  originele  reserveonderdelen.  Het  gebruik  van 

reserveonderdelen  die  niet  geschikt  zijn  kan  een  abnormale  werking  en  gevaren  voor  personen  en  voorwerpen  tot 

gevolg hebben.

Neem voor meer informatie contact op met onze verkoop- en servicedienst. 

8. 

Garantie 

Informatie voor de gebruiker en de onderhoudsmonteur 

Voor alle informatie moet de contractuele verkoopdocumentatie geraadpleegd worden. 

LET OP 

LET OP 

LET OP 

ATTENZIONE 

ATTENZIONE 

 nl 

background image

31 

1.  

Generelle oplysninger 

Denne manual har til formål at give alle de uundværlige oplysninger vedrørende installation, brug og vedligeholdelse af motorerne. Indholdet i 

denne  manual  refererer  til  standardproduktet  som  beskrevet  i  salgsdokumentationen.  Eventuelle  specialversioner  kan  leveres  med  ekstra 

instruktioner.  Vedrørende  varianterne  og  specialversionernes  karakteristika  henvises  til  salgsdokumentationen.  Oplys  altid  den  nøjagtige 

motortype  og  den  tilhørende  kode  ved  anmodning  om  tekniske  informationer  eller  bestilling  af  reservedele  hos  servicecenteret.  Kontakt  det 

nærmeste  servicecenter  i  tilfælde  af  instruktioner,  situationer  eller  begivenheder,  som  ikke  er  omfattet  af  denne  manual  eller  af 

salgsdokumentationen.

Læs denne manual inden installation og brug af produktet.

Forkert brug kan medføre situationer med fare for kvæstelser af personer og materielle skader. Endvidere bortfalder 

garantien.

2. 

Beskrivelse af produktet  

              Information til installatøren og brugeren 

Serie L4C omfatter 4” dykmotorer med stator monteret i hylster og rotor i bad med smørevæske i form af demineraliseret vand og frostvæske. 

Motorerne kan kombineres med 4” og 6” dykpumper med forbindelsesflange og -samling med en størrelse, som opfylder kravene i standarden 

NEMA. 

Metaldelene, som er i kontakt med vand, er fremstillet af rustfrit stål og støbejern. 

Motorerne leveres med kabel med aftagelig konnektor og med Kingsbury aksialleje med glideblokke. 

3. 

Anvendelsesområder                                                                                                   Information til installatøren og brugeren 

Motorerne  i  serie  L4C  er  egnede  til  at  drive  dykpumper  med  overholdelse  af  betingelserne  i  standarden  EN  60034-1  (IEC  60034-1)  samt 

mærkespændingen og -frekvensen, der fremgår af typeskiltet. 

Motorerne i serie L4C har akselfremspring og forbindelsesflange med en størrelse, som opfylder kravene i standarden NEMA MG1:1987. 

Effekten i pumpen, som skal sammenkobles med motoren, skal være mindre end eller højest lig med motoreffekten.

3.1 

Anvendelsesbegrænsninger 

3.1.1 

Egnede væsker til motoren 

Denne motor kan benyttes i koldt vand. 

Benyt ikke denne motor i ætsende og eksplosive væsker samt i meget snavset eller hårdt vand (risiko for aflejringer 

på hylsteret på motorens yderside). 

3.1.2 

Vandtemperatur 

Min. vandtemperaturen er 0 °C. 

Den maks. tilladte vandtemperatur er 35 °C, forudsat at motoren rammes af et flow af vand med en hastighed på min. 

0,3 m/sek. 

Ved temperaturer over 35 °C er det nødvendigt at reducere motoreffekten for at sikre en korrekt afkøling af motoren.

Kontakt servicecenteret for yderligere oplysninger. 

3.1.3 

Afkøling af motor 

Anbring motoren i brønden eller bassinet således, at der sikres et flow af vand med en hastighed på min. 0,3 m/sek. 

omkring  det  udvendige  hylster.  Herved  sikres  en  korrekt  afkøling  af  motoren.  Hvis  hastigheden  er  lavere  end  0,3 

m/sek., er det nødvendigt at montere et afkølingshylster.

Kontakt servicecenteret for yderligere oplysninger. 

3.1.4 

Installationsposition 

Mulighed for lodret installation. Dette gælder alle effekter. 

Mulighed for vandret installation. Dette gælder alle effekter, forudsat at pumpens aksiale tryk aldrig er lavere end 100 N i forbindelse med brug. 

Kontakt servicecenteret i tilfælde af særlige behov. 

3.1.5 

Nedsænkningsdybde 

Den maks. tilladte nedsænkningsdybde for motoren er 300 m. 

3.1.6 

Forsyningsspænding og -frekvens 

Kontrollér, at forsyningsspændingen og -frekvensen svarer til oplysningerne på motorens typeskilt.

Kontakt servicecenteret for yderligere oplysninger. 

Generelt kan motorerne fungere med en forsyningsspænding, der kan variere inden for følgende værdier: 

f

UN

f

UN

Hz

~

V

± % 

Hz

~

V

± % 

50 

220-240 

60 

220-230 

50 

230/400 

60 

220/380 

50 

400/690 

60 

380/660 

3.1.7 

Antal starter pr. time 

Det maks. tilladte antal starter pr. time er 40 ved direkte start og 20 ved start med impedans. 

3.1.8 

Sammenkobling med pumpe 

Kontrollér,  at  sammenkoblingen  mellem  motoren  og  pumpen  er  korrekt.  En  forkert  sammenkobling  kan  medføre 

problemer.

Inden sammenkoblingen med pumpen er det vigtigt at kontrollere følgende: 

Effekten i pumpen, som skal sammenkobles med motoren, er mindre end eller højest lig med motoreffekten. 

Strømforsyningens spænding og frekvens svarer til oplysningerne på motorens typeskilt. 

Motorens og pumpens aksel kan dreje frit.

Kontakt servicecenteret for yderligere oplysninger. 

ADVARSEL 

ADVARSEL 

ADVARSEL 

ADVARSEL 

ADVARSEL 

 Dansk                                                                                                                                                                                                               da 

Оглавление