Xylem MIDIBOX SINGLEBOX PLUS DOUBLEBOX PLUS – страница 4
Инструкция к Насосу Xylem MIDIBOX SINGLEBOX PLUS DOUBLEBOX PLUS

Nederlands
Nederlands
Nederlands
Nederlands
nl
nl
nl
nl
61
1. Algemene informatie Algemene informatie Algemene informatie Algemene informatie
Deze handleiding is bedoeld om de informatie te verstrekken die onmisbaar is voor de installatie, het gebruik en het onderhoud van
de hefstations van de serie MIDIBOX / SINGLEBOX PLUS / DOUBLEBOX PLUS. Datgene wat in deze handleiding staat is gebaseerd op
het standaard model zoals gepresenteerd in de verkoopdocumentatie. Eventuele speciale modellen kunnen met aparte
instructiebladen geleverd worden. Voor wat betreft de varianten en de kenmerken van speciale modellen moet de contractuele
verkoopdocumentatie geraadpleegd worden. Bij het aanvragen van technische informatie of bij het bestellen van reserveonderdelen
bij onze verkoop- en serviceafdeling moet altijd het juiste type hefstation en de code doorgegeven worden. Ten aanzien van
aanwijzingen, situaties en gebeurtenissen die niet in deze handleiding en niet in de verkoopdocumentatie aan de orde komen moet
contact opgenomen worden met onze dichtstbijzijnde servicedienst.
Deze handleiding moet aandachtig gelezen worden voordat het product geïnstalleerd en in gebruik
genomen wordt.
Door onjuist gebruik kunnen er gevaarlijke situaties ontstaan met letsel aan personen en schade aan
voorwerpen en dit kan eveneens tot het verlies van het recht op garantie leiden.
Zie de specifieke handleidingen voor informatie met betrekking tot de elektropompen en de schakelkasten.
2. Beschrijving van Beschrijving van Beschrijving van Beschrijving van het product het product het product het product Informatie voor de installateur en de gebruiker Informatie voor de installateur en de gebruiker Informatie voor de installateur en de gebruiker Informatie voor de installateur en de gebruiker
Het assortiment Midibox / Singlebox Plus / Doublebox Plus bestaat uit hefstations die bestemd zijn voor het transport vanuit
gebouwen of terreinen onder het niveau van het rioolstelsel. Zij bestaan uit een tank, 1 of 2 elektropompen, inwendige leidingen,
één of meer vlotterschakelaars en een schakelkast (indien aanwezig). De elektropomp kan uit het station verwijderd worden door
middel van een schroefring (in geval van stations met vaste verbindingen) of met een hefset (indien aanwezig).
De stations kunnen zowel binnen als buiten een gebouw geïnstalleerd worden.
Afhankelijk van het model kunnen de hefstations van het assortiment Midbox / Singlebox Plus / Doublebox Plus overeenstemmen
met de normen EN 12050-1 of EN 12050-2 (zie par. 11.1 en 11.2).
3. Gebruiksdoeleinden Gebruiksdoeleinden Gebruiksdoeleinden Gebruiksdoeleinden Informatie voor de installateur en de gebruiker Informatie voor de installateur en de gebruiker Informatie voor de installateur en de gebruiker Informatie voor de installateur en de gebruiker
De hefstations van de serie gamma Midibox / Singlebox Plus / Doublebox Plus maken het mogelijk, na de installatie en de aanleg van
hydraulische en elektrische aansluitingen mogelijk om helder water, rioolwater zonder fecaliën (grijs water) en rioolwater met
fecaliën (zwart water) te verzamelen en te verpompen voor de afvoer van verzamelpunten in gebouwen die zich onder het niveau
van het openbare / particuliere rioolstelsel bevinden waar zij op aangesloten moeten worden.
3.1
3.1
3.1
3.1
Gebruiksbeperkingen
Gebruiksbeperkingen
Gebruiksbeperkingen
Gebruiksbeperkingen
3.1.1
3.1.1
3.1.1
3.1.1
Wijze waarop het typeplaatje van het station gelezen moet worden
Wijze waarop het typeplaatje van het station gelezen moet worden
Wijze waarop het typeplaatje van het station gelezen moet worden
Wijze waarop het typeplaatje van het station gelezen moet worden
Aan de hand van de aanwijzingen die in par. 11.3 vermeld zijn kunt u de belangrijkste gegevens die op het typeplaatje staan
herkennen.
3.1.2
3.1.2
3.1.2
3.1.2
Verpompte vloeistoffen, druk, temperatuur
Verpompte vloeistoffen, druk, temperatuur
Verpompte vloeistoffen, druk, temperatuur
Verpompte vloeistoffen, druk, temperatuur
Gebruik dit station niet voor het verpompen van gevaarlijke, ontvlambare en/of explosieve vloeistoffen.
Gebruik dit station niet voor het verpompen van water dat stoffen en materiaal bevat die schadelijk kunnen
zijn voor de goede werking van de elektropomp en de andere onderdelen van de installatie (zie de
betreffende gebruiksaanwijzingen).
Het is raadzaam om vóór het station een ontvettingsbak te plaatsen als er rioolwater met vette stoffen
geproduceerd wordt.
De maximum werkdruk is variabel al naargelang het model elektropomp dat geïnstalleerd is. Zie de documentatie van de
elektropomp voor nadere informatie.
3.1.3
3.1.3
3.1.3
3.1.3
Gebruiksbeperkingen voor de opslag
Gebruiksbeperkingen voor de opslag
Gebruiksbeperkingen voor de opslag
Gebruiksbeperkingen voor de opslag
Omgevingstemperatuur: Minimum -5°C / Maximum +40°C
3.1.4
3.1.4
3.1.4
3.1.4
Gebruiksbeperkingen voor het gebruik
Gebruiksbeperkingen voor het gebruik
Gebruiksbeperkingen voor het gebruik
Gebruiksbeperkingen voor het gebruik
Zie de specifieke handleidingen voor informatie met betrekking tot de elektropompen en de schakelkasten.
Het station mag niet in explosieve of stoffige omgevingen gebruikt worden waar zuren, corrosieve en/of
ontvlambare gassen enz. voorhanden zijn.
Gebruik het station niet voor het verpompen van gevaarlijke, ontvlambare en/of explosieve vloeistoffen.
Controleer of de prestaties van het hefstation geschikt zijn voor de behoefte van de installatie waar het
station op aangesloten is.
•
Omgevingstemperatuur: Minimum +0 °C / Maximum +40°C
•
Maximum hoogte boven de zeespiegel: 1000 meter
LET OP

nl
nl
nl
nl
62
•
Temperatuur van de verpompte
vloeistof:
Minimum +1°C / Maximum +35°C voor pompen van de serie
DOC, DOMO, DOMO-GRI
Minimum +1°C / maximum +25°C voor alle andere pompen
•
Aard van de verpompte vloeistof:
o
Modellen met één- of tweekanaals waaier: schoon water, vuil/rioolwater met zwevende vaste delen
maar zonder chemisch agressieve bestanddelen en zand (par. 11.1).
o
Modellen met Vortex waaier: schoon water, vuil/rioolwater met zwevende vaste en vezelige delen
maar zonder chemisch agressieve bestanddelen en zand (par. 11.2).
•
Mogelijkheid van installatie binnen (souterrains, kelders enz.) of buiten (boven- of ondergronds).
•
De spanning en de frequentie van het elektrische voedingsnet moeten overeenstemmen met de
gegevens die op het plaatje van de elektropomp en de schakelkast staan.
•
Maximaal aantal keer starten per uur, op gelijk verdeelde wijze: zie de gebruiksaanwijzing van de
elektropomp.
3.1.5
3.1.5
3.1.5
3.1.5
Hefstations met schakelkast en/of elektropompen met externe condensatorhouder (extra eisen ten opzichte van wat
Hefstations met schakelkast en/of elektropompen met externe condensatorhouder (extra eisen ten opzichte van wat
Hefstations met schakelkast en/of elektropompen met externe condensatorhouder (extra eisen ten opzichte van wat
Hefstations met schakelkast en/of elektropompen met externe condensatorhouder (extra eisen ten opzichte van wat
hierboven vermeld is)
hierboven vermeld is)
hierboven vermeld is)
hierboven vermeld is)
•
Omgevingstemperatuur: Minimum +0 °C / Maximum +40°C
•
Maximum relatieve luchtvochtigheid: 50% bij +40°C mits er geen condensatieverschijnselen zijn
•
Maximum hoogte boven de zeespiegel: 1000 meter
•
Beschermingsgraad: zie de specifieke documentatie van de schakelkast.
Neem in geval van andere omgevingscondities contact op met onze verkoop- en servicedienst.
In de motor van sommige elektropompen zit niet giftige olie om de koeling ervan te vergemakkelijken.
Eventuele lekken uit de mechanische dichting kunnen in de verpompte vloeistof terechtkomen.
Neem in geval van speciale eisen contact op met onze verkoop- en servicedienst.
3.1.6
3.1.6
3.1.6
3.1.6
Bijzondere gebruiksdoeleinden
Bijzondere gebruiksdoeleinden
Bijzondere gebruiksdoeleinden
Bijzondere gebruiksdoeleinden
Neem voor elke situatie die vanwege de aard van de vloeistof en/of de aard van de installatie afwijkt van
datgene wat beschreven is contact op met onze verkoop- en servicedienst.
3.1.7
3.1.7
3.1.7
3.1.7
Oneigenlijk gebruik
Oneigenlijk gebruik
Oneigenlijk gebruik
Oneigenlijk gebruik
Als u het station op een onjuiste manier gebruikt dan kunt u gevaarlijke situaties of letsel aan personen of
schade aan voorwerpen veroorzaken. Enkele voorbeelden van onjuist gebruik:
-
vloeistoffen erin doen die niet geschikt zijn voor de materialen van het station
-
materialen erin doen waardoor de leidingen verstopt kunnen raken en/of waardoor de elektropomp kan
vastlopen
-
gevaarlijke vloeistoffen verpompen (schadelijke, irriterende, giftige, explosieve, corrosieve of ontvlambare
vloeistoffen)
-
het station in explosieve of stoffige omgevingen laten functioneren waar zuren, corrosieve en/of
ontvlambare gassen enz. voorhanden zijn
-
met een hogere watertemperatuur werken dan de in de vorige punten vermelde grenzen.
Voor wat betreft de keuze van de installatieplaats en de hydraulische en elektrische aansluitingen moeten de plaatselijke en/of
landelijke reglementen, wettelijke voorschriften en normen altijd in acht genomen worden.
Lees deze gebruiksaanwijzing, die van de elektropomp, die van de eventuele schakelkast en die van
eventuele accessoires vóór de installatie. Bewaar de handleidingen goed.
4. Transport en opslag Transport en opslag Transport en opslag Transport en opslag
Informatie voor de transporteur Informatie voor de transporteur Informatie voor de transporteur Informatie voor de transporteur
4.1
4.1
4.1
4.1
Transport, verplaatsing en opslag van het verpakte product en het pro
Transport, verplaatsing en opslag van het verpakte product en het pro
Transport, verplaatsing en opslag van het verpakte product en het pro
Transport, verplaatsing en opslag van het verpakte product en het product uit de verpakking halen
duct uit de verpakking halen
duct uit de verpakking halen
duct uit de verpakking halen
Afhankelijk van het type kunnen de stations geleverd worden in dozen in verschillende maten en vormen.
De verpakkingen moeten in verticale stand getransporteerd, verplaatst en opgeslagen worden.
Bescherm het product tegen vocht, warmtebronnen en eventuele mechanische schade (stoten, vallen enz.).
Leg geen zware voorwerpen boven op de verpakkingen en zet geen verpakkingen boven op elkaar.
Alvorens het station op te heffen moet het water dat eventueel in de tank achtergebleven is uit de tank
verwijderd worden.
Voor het ophijsen van het station moeten de speciale handvatten die op de tank aangebracht zijn gebruikt
worden.
Hijs en verplaats het product voorzichtig met behulp van geschikte hef- en hijswerktuigen. De
veiligheidsvoorschriften moeten in acht genomen worden. Het station en de elektropomp mogen nooit aan
de kabel van de motor van de elektropomp of de kabel van de vlotterschakelaar opgehesen worden.
Bij ontvangst van het station moet gecontroleerd worden of de doos aan de buitenkant geen zichtbare beschadigingen vertoont.
Indien het product beschadigingen vertoont, moet de dealer hier binnen 8 dagen na levering van op de hoogte gesteld worden.
LET OP LET OP

nl
nl
nl
nl
63
4.2
4.2
4.2
4.2
Weggooien van het verpakkingsmateriaal
Weggooien van het verpakkingsmateriaal
Weggooien van het verpakkingsmateriaal
Weggooien van het verpakkingsmateriaal
Als u het verpakkingsmateriaal niet voor andere doeleinden kunt gebruiken gooi het dan volgens de plaatselijke wettelijke
voorschriften die van toepassing zijn op de gescheiden afvalverwerking weg.
5. Installatie Installatie Installatie Installatie
Informatie voor de installateur Informatie voor de installateur Informatie voor de installateur Informatie voor de installateur
De installatiewerkzaamheden mogen uitsluitend door vakbekwaam en geschoold personeel uitgevoerd
worden.
Er moet geschikt gereedschap en geschikte beschermingsmiddelen gebruikt worden. De
veiligheidsvoorschriften moeten in acht genomen worden.
Voor wat betreft de keuze van de installatieplaats en de hydraulische en elektrische aansluitingen moeten de
plaatselijke en/of landelijke reglementen, wettelijke voorschriften en normen altijd in acht genomen worden.
Lees deze gebruiksaanwijzing, die van de elektropomp, die van de eventuele schakelkast en die van
eventuele accessoires vóór de installatie.
Indien het product duidelijke tekenen van beschadiging vertoont dan mag het product in geen geval geïnstalleerd worden en moet
er contact opgenomen met de servicedienst.
5.1
5.1
5.1
5.1
Keuze van de
Keuze van de
Keuze van de
Keuze van de installatieplaats
installatieplaats
installatieplaats
installatieplaats
5.1.1
5.1.1
5.1.1
5.1.1
Installatie van het station binnen in een gebouw
Installatie van het station binnen in een gebouw
Installatie van het station binnen in een gebouw
Installatie van het station binnen in een gebouw
Het hefstation moet op een horizontale en vlakke ondergrond geplaatst worden die geschikt is om het
gewicht van het station tijdens de werking te verdragen.
Laat minimaal 60 cm ruimte vrij rondom en boven het station voor de installatie en het onderhoud.
Het hefstation moet vastgezet worden zodat het niet kan draaien.
Het hefstation moet beschut worden voor vorst en geventileerd worden om de vorming van giftige en/of
ontvlambare mengsels te voorkomen.
De eventuele condensatorhouder en/of de schakelkast moet op een beschutte plaats voor ongunstige
weersinvloeden geplaatst worden waarbij de in paragraaf 3.1 bepaalde beperkingen in acht genomen
moeten worden.
5.1.2
5.1.2
5.1.2
5.1.2
Installatie van
Installatie van
Installatie van
Installatie van het station buiten een gebouw
het station buiten een gebouw
het station buiten een gebouw
het station buiten een gebouw
Het hefstation mag niet rechtstreeks op de grond geplaatst worden. De gekozen plaats mag niet overspoeld
zijn met grondwater en mag niet onderhevig zijn aan andere overstromingen. Het station moet goed
vastgezet worden zodat het niet kan draaien of zweven. Hiervoor kunnen de ogen die aan de onderkant van
de tank aangebracht zijn gebruikt worden.
Voorwaarde voor de installatie is dat de ondergrond horizontaal moet zijn en geschikt moet zijn om het
gewicht van het hefstation tijdens de werking te verdragen. Al naargelang de bodemgesteldheid kan het
noodzakelijk zijn om muren van bakstenen of betonnen of andere prefab delen te maken. De ruimte tussen
de kuil en het station moet met zand opgevuld worden en het zand moet goed aangedrukt worden.
Het station moet op geschikte wijze tegen vorst beschermd worden.
Er mag niet met motorvoertuigen over de deksel heen gereden worden.
Singlebox Plus / Doublebox Plus: het reservoir kan in geval van ondergrondse installatie een
doorgangsbelasting van 100 kg verdragen.
De kuil kan met een deksel (klep) of iets anders afgesloten worden zodat alle voorkomende onderhoudswerkzaamheden naderhand
makkelijk uitgevoerd kunnen worden. Er moeten geschikte voorzieningen gemaakt worden om op de aanwezigheid van het station
te attenderen om het gevaar van onvoorziene schade uit te sluiten. Er moet gewaarborgd worden dat er voldoende ruimte rondom
en boven het hefstation is voor de installatie en het onderhoud.
De eventuele condensatorhouder en/of de schakelkast moet op een beschutte plaats voor ongunstige
weersinvloeden geplaatst worden waarbij de in paragraaf 3.1 bepaalde beperkingen in acht genomen
moeten worden.
Nadat de hydraulische en elektrische aansluiting voltooid is wordt geadviseerd om de ruimte rondom het reservoir met schoon zand
op te vullen om eventuele bewegingen die door de installatie zelf en/of door de grond erom heen veroorzaakt worden te beperken.
5.1.3
5.1.3
5.1.3
5.1.3
Keuze van de schakelkast
Keuze van de schakelkast
Keuze van de schakelkast
Keuze van de schakelkast
Het station moet goed beschermd zijn tegen overbelasting en kortsluiting.
Controleer of de elektrische gegevens van de schakelkast overeenstemmen met die van de elektropomp. Als
dit niet het geval is kunnen er storingen optreden en kan de beveiliging van de elektromotor niet
gewaarborgd worden.
Raadpleeg altijd de handleiding van de elektropomp en de aanwijzingen die bij de schakelkast verstrekt
worden.

nl
nl
nl
nl
64
6. Inwerkingstelling Inwerkingstelling Inwerkingstelling Inwerkingstelling
Informatie voor de installateur Informatie voor de installateur Informatie voor de installateur Informatie voor de installateur
Lees alvorens het station in werking te stellen eerst deze gebruiksaanwijzing, die van de elektropomp en die
van de schakelkast. Bewaar de handleidingen goed.
De werkzaamheden met het oog op de inwerkingstelling mogen uitsluitend door vakbekwaam en geschoold
personeel uitgevoerd worden.
Hierbij moeten altijd de plaatselijke en/of landelijke reglementen, wettelijke voorschriften en normen in acht genomen worden.
Er wordt geadviseerd om zich tot de Servicedienst van Lowara te wenden om de installatie in werking te stellen.
6.1
6.1
6.1
6.1
Hydraulische aansluiting
Hydraulische aansluiting
Hydraulische aansluiting
Hydraulische aansluiting
De hydraulische aansluitingen mogen uitsluitend tot stand gebracht worden door vakbekwaam personeel,
waarbij de geldende voorschriften in acht genomen moeten worden.
De hefstations van de serie Midibox / Singlebox Plus / Doublebox Plus hebben verschillende mogelijkheden voor wat betreft de in- en
uitlaatleidingen. Afhankelijk van het type installatie en de plaatselijke normen die van toepassing zijn kan het noodzakelijk zijn om
een hevel, een terugslagklep en/of een kraan op de verbindingsslang met het openbare of particuliere rioolstelsel of andere leidingen
te installeren. Hierbij moeten altijd de plaatselijke en/of landelijke reglementen, wettelijke voorschriften en normen in acht genomen
worden. Er wordt in ieder geval geadviseerd om terugslagkleppen en afsluitkleppen vóór en na het station te plaatsen. In paragraaf
11.6 wordt een installatievoorbeeld gegeven.
Alle leidingen moeten zodanig geïnstalleerd worden dat zij niet belast worden. De leidingen mogen het
station niet belasten. Controleer of de elektropomp goed aan de leidingen bevestigd is en of alle
hydraulische aansluitingen goed vastgedraaid en waterdicht zijn.
Indien nodig moeten er geschikte voorzieningen gemaakt worden om te voorkomen dat er trillingen ontstaan en de leidingen
moeten beschermd worden ten aanzien van de vorming van ijs.
6.1.1
6.1.1
6.1.1
6.1.1
Openen en voorbereiden van de verbindingen van de leidingen
Openen en voorbereiden van de verbindingen van de leidingen
Openen en voorbereiden van de verbindingen van de leidingen
Openen en voorbereiden van de verbindingen van de leidingen
6.1.1.1
6.1.1.1
6.1.1.1
6.1.1.1
Midibox
Midibox
Midibox
Midibox
Zoek de verbinding voor de leiding op die u wilt openmaken. Zaag het uiteinde van de leiding ongeveer 20 mm af en verwijder
bramen en achtergebleven materiaal.
6.1.1.2
6.1.1.2
6.1.1.2
6.1.1.2
Singlebox Plus / Doublebox Plus
Singlebox Plus / Doublebox Plus
Singlebox Plus / Doublebox Plus
Singlebox Plus / Doublebox Plus
Zoek de verbinding voor de leiding op die u wilt openmaken. Verwijder de bodem van de verbinding en verwijder eventuele bramen.
Doe de betreffende dichting erin totdat de rand ervan tegen de buitenwand van de tank aan zit.
6.1.2
6.1.2
6.1.2
6.1.2
Aansluiting op de inlaatleiding
Aansluiting op de inlaatleiding
Aansluiting op de inlaatleiding
Aansluiting op de inlaatleiding
Zoek op het station de plaats op voor de inlaatleiding die gemarkeerd is met het symbool
. Maak de leiding open en sluit de
inlaatslang erop aan zodat deze alleen leeg kan lopen en zodat als de vloeistof eraan komt de werking van de vlotterschakelaars niet
verstoort. Controleer of de verbinding waterdicht is.
Singlebox Plus / Doublebox Plus: er zijn meerdere inlaatleidingen aangebracht.
6.1.3
6.1.3
6.1.3
6.1.3
Aansluiting op de persleiding
Aansluiting op de persleiding
Aansluiting op de persleiding
Aansluiting op de persleiding
De stations worden geleverd met de persleiding reeds aangesloten op de pomp. De persopening is gemarkeerd met het symbool
.
Controleer of de verbindingen goed vastgezet en waterdicht zijn. Sluit de persleiding aan op de koppelingen die op de buitenwand
van het station aangebracht zijn. Controleer of de verbinding waterdicht is. Zie tabel 1.1.1 voor informatie over de koppeling van de
persleiding. De persslang moet op de verbindingsleiding met het openbare of particuliere rioolstelsel aangesloten worden. Controleer
of er in de persleiding een terugslagklep is die aan de norm EN 12056-4 voldoet.
6.1.4
6.1.4
6.1.4
6.1.4
Aansluiting op de ventilatieleiding
Aansluiting op de ventilatieleiding
Aansluiting op de ventilatieleiding
Aansluiting op de ventilatieleiding
Er moet aan gedacht worden om een ventilatieleiding te plaatsen om de vorming van ontvlambare, explosieve en giftige mengsels te
voorkomen.
Zoek op het station de plaats op voor de ventilatieleiding die gemarkeerd is met het symbool
. Aprite il condotto e collegate il
tubo di ventilazione in modo che possa evacuare l’eventuale condensato nella stazione. Controleer of de verbinding waterdicht is.
De landelijke voorschriften die in het land waar het hefstation geïnstalleerd wordt gelden kunnen verschillende verhoudingen tussen
de diameters van de uitlaatpijp en die van de ontluchtingspijp vereisen.
Er moet gecontroleerd worden of de opening van deze leiding zich buiten bevindt (bijvoorbeeld op het dak als het station in een
gebouw geïnstalleerd is) en of de afvoergassen niet op andere plaatsen kunnen binnendringen zoals in gebouwen, kamers e.d.
6.1.5
6.1.5
6.1.5
6.1.5
Aansluiting van de noodlegingsleiding
Aansluiting van de noodlegingsleiding
Aansluiting van de noodlegingsleiding
Aansluiting van de noodlegingsleiding
Op de bodem van het station is een aansluiting voor een noodlegingssysteem aangebracht, die gemarkeerd is met het symbool
.
U kunt deze aansluiting gebruiken om er een tweede pomp op aan te sluiten (bijvoorbeeld een handmembraanpomp), waarvan de
uitlaatleiding onafhankelijk moet zijn van de elektropomp in het station. De handpomp is leverbaar als accessoire.

nl
nl
nl
nl
65
Zoek op de bodem van het station de plaats voor de leiding op, maak de leiding open en sluit de slang voor het legen in geval van
nood aan. Controleer of de verbinding waterdicht is.
6.1.6
6.1.6
6.1.6
6.1.6
Terugslagklep
Terugslagklep
Terugslagklep
Terugslagklep
Er moet een terugslagklep (balkeerklep) op de verbindingsleiding met het openbare of particuliere rioolstelsel geïnstalleerd worden.
Op die manier wordt vermeden dat de vloeistof terugstroomt. Als er voor een kogelkraan gekozen wordt moet gecontroleerd
worden of deze kraan met een "zinkende (zware)" of "drijvende (lichte)" kogel uitgerust is. De keuze van de ene of de andere
oplossing heeft zijn uitwerking op de installatie en het gebruik ervan.
De klep moet (afgezien van andersluidende aanwijzingen van de fabrikant) minimaal op één meter afstand van het hefstation
geplaatst worden zodat de afsluiter van de klep door de stroming van de door de pomp verpompte vloeistof geopend kan worden.
Hierbij moeten altijd de plaatselijke en/of landelijke reglementen, wettelijke voorschriften en normen in acht genomen worden.
6.1.7
6.1.7
6.1.7
6.1.7
Afsluitklep
Afsluitklep
Afsluitklep
Afsluitklep
Er moet een afsluiter zowel op de in- als de persleiding geïnstalleerd worden (aansluiting op het openbare of particuliere rioolstelsel).
Op die manier kunnen er onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd worden zonder dat de hele installatie geleegd hoeft te worden.
Naar keuze kunnen er afsluitkleppen of kogelkranen gebruikt worden.
6.1.8
6.1.8
6.1.8
6.1.8
Montage van de pomp
Montage van de pomp
Montage van de pomp
Montage van de pomp
De elektropomp wordt reeds gemonteerd in het station geleverd. Controleer of de elektropomp niet beschadigd is. Vóór het in
werking stellen moeten de bevestigingsbanden van de elektropomp die eventueel aanwezig zijn verwijderd worden.
6.1.9
6.1.9
6.1.9
6.1.9
Vlotterschakelaar
Vlotterschakelaar
Vlotterschakelaar
Vlotterschakelaar
Afhankelijk van het type pomp dat erin geïnstalleerd is kunnen er één of meer vlotterschakelaars aanwezig zijn. De vlotterschakelaars
zijn reeds geïnstalleerd en afgesteld.
Er kan nog een vlotterschakelaar voorhanden zijn die hoger geplaatst is dan de andere in het pompstation. Deze vlotterschakelaar
dient om te signaleren dat het vloeistofniveau in de tank te hoog is. In dit geval moet er een bedienings- en schakelkast geïnstalleerd
worden.
6.1.10
6.1.10
6.1.10
6.1.10
Montage van de deksel
Montage van de deksel
Montage van de deksel
Montage van de deksel
Controleer of de dichting van de deksel op de bodem van de betreffende plaats ligt alvorens de deksel op de tank te draaien.
Controleer of de dichting tijdens het aandraaien niet in de schroefdraad verschuift.
In geval van installatie in gebouwen moet de deksel helemaal aangedraaid worden om de waterdichte afdichting van het station
voor vloeistoffen en gassen te waarborgen.
Om het ongeoorloofde openen van de deksel te verhinderen wordt geadviseerd om de deksel met de meegeleverde schroef en
onderlegring aan het station te bevestigen. U moet de schroef door het sleufgat in de buitenste rand van de deksel laten lopen en
hem op de daarvoor bestemde plaats in de tank vastdraaien. De onderlegring moet tussen de kop van de schroef en het bovenste
oppervlak van de deksel zitten. Er kan een slot voorhanden zijn dat rechtstreeks aan de deksel bevestigd is. In dat geval moet u de
speciale meegeleverde sleutel gebruiken om de deksel open en dicht te maken.
6.1.11
6.1.11
6.1.11
6.1.11
Montage van de verlenging
Montage van de verlenging
Montage van de verlenging
Montage van de verlenging
In geval van installatie buiten een gebouw is het mogelijk om een 300 mm hoge verlenging te installeren.
Op de verlenging is een dichting toegepast die hetzelfde is als die op de deksel. Zie de paragraaf over de montage van de deksel voor
het vastdraaien van de dichting.
Nadat de verlenging erop gedraaid is wordt geadviseerd om te voorkomen dat hij los- of vast kan draaien. Gebruik de schroef die bij
de verlenging geleverd is. Boor een gat van Ø 3 mm op het punt van de draad van de verlenging en draai hem er daarna op.
Er kunnen maximaal 2 verlengingen geïnstalleerd worden.
6.1.12
6.1.12
6.1.12
6.1.12
Elektrische aansluiting
Elektrische aansluiting
Elektrische aansluiting
Elektrische aansluiting
De elektrische aansluitingen moeten tot stand gebracht worden door een vakbekwame installateur, waarbij
de geldende voorschriften in acht genomen moeten worden.
Er moet gecontroleerd worden of het type net, de voedingsspanning en -frequentie overeenstemmen met
de nominale gegevens van de elektropomp en de schakelkast die op de typeplaat staan. Er moet voor een
geschikte bescherming van de elektrische lijn tegen kortsluiting gezorgd worden.
Alvorens de elektrische aansluiting tot stand te brengen moet u de handleiding van de elektropomp en de
eventuele schakelkast, de aanwijzingen en de eventuele elektrische schema’s lezen.
Alvorens welke werkzaamheden dan ook uit te voeren moet gecontroleerd worden of alle aansluitingen (en
dit geldt ook voor de potentiaalvrije aansluitingen) spanningsvrij zijn.
De elektropompen kunnen uitgerust zijn met een thermische beveiliging die in de motor ingebouwd is
(motorbeveiliging). Er moet opgelet worden omdat de elektropomp plotseling weer kan starten als de
wikkeling van de motor afgekoeld is.
LET OP

nl
nl
nl
nl
66
Op de voedingslijn moet, tenzij de geldende plaatselijke voorschriften andere bepalingen opleggen, het volgende geïnstalleerd
worden:
•
een beveiliging tegen kortsluiting
•
een aardlekbeveiliging (“aardlekschakelaar”) met een hoge gevoeligheid (30 mA) als extra beveiliging tegen elektrische schokken
voor het geval de aarding niet deugdelijk is
•
een scheidingssysteem van het net met een opening tussen de contacten van minimaal 3 mm.
De installatie moet in overeenstemming met de plaatselijke voorschriften geaard worden.
De stations worden geleverd met een elektrische kabel. Sluit de kabel aan op het elektrische voedingsnet.
In geval van installatie in een gebouw moeten de kabels door de kabelklemmen op de tank lopen. In geval van ondergrondse
installatie is het mogelijk om de extra doorvoer voor de kabel te gebruiken. Zoek op het station de plaats op voor de leiding voor de
kabel die gemarkeerd is met het symbool
. Maak de leiding open, sluit de leiding aan en laat de kabels aan de binnenkant lopen.
Controleer of de leiding waterdicht is.
Controleer of er in de tank voldoende kabel is om de pomp eruit te kunnen nemen.
Breng de aansluiting op het elektriciteitsnet tot stand.
6.2
6.2
6.2
6.2
Opstarten
Opstarten
Opstarten
Opstarten
Alvorens het station en de elektropomp op te starten moet gecontroleerd worden of er in de installatie en de
tank geen restanten of ander materiaal zijn die schadelijk kunnen zijn voor de goede werking van de
installatie.
Tijdens deze fase kan de afsluitklep die op de inlaatleiding geplaatst is gesloten blijven en moet het hefstation met schoon water
gevuld worden. Draai de afsluitklep die op de persleiding geplaatst is open en controleer of de leidingen goed vastzitten en goed
afdichten en controleer of de elektropomp goed functioneert. Controleer bovendien of de elektropomp aanzuigt.
Draai de afsluitklep die op de inlaatleiding geplaatst is open en controleer of het station goed functioneert.
De vloeistofstroom die van de diverse verbruikers afkomstig is mag de juiste werking van de
vlotterschakelaars die in het reservoir gemonteerd zijn niet belemmeren.
Bij een driefase elektropomp moet gecontroleerd worden of de draairichting van de waaier juist is. Controleer ook de handleiding
van de elektropomp.
Controleer of de inschakelniveaus van de vlotterschakelaars juist zijn en stel deze eventueel op basis van de werkelijke behoefte van
de installatie af.
Als er twee elektropompen voorhanden zijn dan worden de vlotterschakelaars zodanig afgesteld dat de tweede elektropomp na de
eerste start en alleen als deze niet in staat is om net zoveel vloeistof als van de verschillende verbruikers afkomstig is in het rioolstelsel
af te voeren.
Controleer of de elektropomp tijdens de werking niet kan droogdraaien. Controleer het aantal starts per uur overeenstemt met de
kenmerken van de onderdelen van de installatie.
Controleer of de installatie goed functioneert en stel hem in werking.
Doe de deksel of de deksels van het station dicht door ze op hun plaats erop te draaien. Bevestig indien nodig de deksel op zijn
plaats om niet toegestane openingen ervan te voorkomen.
6.2.1
6.2.1
6.2.1
6.2.1
Werkings
Werkings
Werkings
Werkingscapaciteit
capaciteit
capaciteit
capaciteit
Er moet gewaarborgd worden dat de snelheid van de vloeistof in de persleiding minimaal 0,7 m/s is en lager dan 2,3 m/s.
6.3
6.3
6.3
6.3
Werking
Werking
Werking
Werking
Als de vloeistof in de tank het niveau bereikt dat overeenstemt met het sluiten van het contact van de bedieningsvlotterschakelaar
van de elektropomp start deze later en wordt het reservoir geleidelijk geleegd. De elektropomp stopt vervolgens weer als de vloeistof
het minimum niveau bereikt heeft waarop het contact van de vlotterschakelaar opengaat.
Als er twee elektropompen voorhanden zijn dan start de tweede elektropomp na de eerste en alleen als deze niet in staat is om net
zoveel vloeistof als van de verschillende verbruikers afkomstig is in het rioolstelsel af te voeren.
Er kan een vlotterschakelaar zijn die hoger dan de andere in het pompstation geplaatst is, die dient om te signaleren dat het niveau
van de vloeistof in de tank abnormaal hoog is.
7. Onderhoud, service en reserveonderdelen Onderhoud, service en reserveonderdelen Onderhoud, service en reserveonderdelen Onderhoud, service en reserveonderdelen
Informatie voor de onderhoudsmonteur Informatie voor de onderhoudsmonteur Informatie voor de onderhoudsmonteur Informatie voor de onderhoudsmonteur
Bij alle voorkomende werkzaamheden moeten de volgende voorschriften in acht genomen worden.
Alvorens met welke onderhoudswerkzaamheden dan ook beginnen moet gecontroleerd worden of alle
aansluitingen (en dit geldt ook voor de potentiaalvrije aansluitingen) spanningsvrij zijn.
Onderhoudswerkzaamheden mogen alleen door vakkundig en daartoe opgeleid personeel uitgevoerd
worden.
Er moet geschikt gereedschap en geschikte beschermingsmiddelen gebruikt worden. De
veiligheidsvoorschriften moeten in acht genomen worden. De stations en de elektropompen moeten
voorzichtig opgehesen en verplaatst worden waarbij gebruik gemaakt moet worden van geschikte hijs- en
hefwerktuigen.
De gebruiksaanwijzing van de elektropompen en van de eventuele schakelkast moet aandachtig gelezen
worden.
Hierbij moeten altijd de plaatselijke en/of landelijke reglementen, wettelijke voorschriften en normen in acht genomen worden.

nl
nl
nl
nl
67
7.1
7.1
7.1
7.1
Gewoon onderhoud
Gewoon onderhoud
Gewoon onderhoud
Gewoon onderhoud
De inwendige toestand van het reservoir moet regelmatig via de afneembare deksel (schroefsysteem) gecontroleerd worden.
Minimaal één keer per jaar moet het reservoir schoongemaakt worden, met name op de punten waar de vlotterschakelaars
geïnstalleerd zijn.
7.2
7.2
7.2
7.2
Buitengewoon onderhoud
Buitengewoon onderhoud
Buitengewoon onderhoud
Buitengewoon onderhoud
Bij de hefstations die met PVC verbindingen uitgerust zijn is het mogelijk om de elektropomp eruit te trekken nadat de klemring die
onder de deksel van het station aangebracht is losgedraaid is.
Bij hefstations die met een neerlaatsysteem uitgerust zijn is het mogelijk om de elektropomp door middel van het handvat eruit te
trekken waar een kabel of een ketting aan vastgemaakt moet worden.
De elektrische voedingskabel of de kabel van de vlotterschakelaar mag niet gebruikt worden om de
elektropomp hieraan op te tillen en te vervoeren.
7.3
7.3
7.3
7.3
Reserveonderdelen
Reserveonderdelen
Reserveonderdelen
Reserveonderdelen
Geef bij het aanvragen van technische informatie of bij het bestellen van reserveonderdelen bij onze
verkoop- en serviceafdeling altijd de juiste identificatieafkorting van het type hefstation en de betreffende
code door.
Gebruik om eventuele onderdelen te vervangen alleen originele reserveonderdelen. Het gebruik van
reserveonderdelen die niet geschikt zijn kan een abnormale werking en gevaren voor personen en
voorwerpen tot gevolg hebben.
8. Lokaliseren van storingen Lokaliseren van storingen Lokaliseren van storingen Lokaliseren van storingen
Informatie voor de g Informatie voor de g Informatie voor de g Informatie voor de gebruiker en de onderhoudsmonteur ebruiker en de onderhoudsmonteur ebruiker en de onderhoudsmonteur ebruiker en de onderhoudsmonteur
De aanwijzingen die in de gebruiksaanwijzing van de elektropomp en de eventuele schakelkast staan
moeten opgevolgd worden.
Voor nadere informatie zie hoofdstuk 7.
STORING
STORING
STORING
STORING
MOGELIJKE OORZAAK
MOGELIJKE OORZAAK
MOGELIJKE OORZAAK
MOGELIJKE OORZAAK
MOGELIJKE OPLOSSINGEN
MOGELIJKE OPLOSSINGEN
MOGELIJKE OPLOSSINGEN
MOGELIJKE OPLOSSINGEN
Geen spanning voorhanden.
De elektrische voeding weer inschakelen.
Thermische beveiliging van de
elektropomp ingeschakeld.
Wachten totdat de motor van de
elektropomp afgekoeld is.
Thermisch relais of motorbeveiliging in de
schakelkast ingeschakeld.
De thermische beveiliging resetten.
Smeltveiligheden van de pomp of de
hulpcircuits doorgebrand.
De smeltveiligheden vervangen.
De elektropomp start niet.
De hoofdschakelaar is ingeschakeld.
Problemen met eventueel extern
bedieningssysteem (vlotterschakelaar).
Het bedieningssysteem en de betreffende
aansluitkabels controleren.
Overbelasting van de motor.
De werkomstandigheden van de
elektropomp controleren en de beveiliging
resetten.
Voedingskabel beschadigd.
De elektropomp start maar de thermische
beveiliging schakelt meteen in of de
smeltveiligheden branden door.
Thermische beveiliging of
smeltveiligheden niet geschikt voor
stroom van de motor.
Controleren en de onderdelen eventueel
vervangen.
Fase van de netstroom uitgevallen.
De elektrische voeding controleren.
Voedingsspanning niet binnen de grenzen
van de motor.
De werkomstandigheden van de
elektropomp controleren.
De elektropomp start maar na korte tijd
schakelt de thermische beveiliging in of
branden de smeltveiligheden door.
Schakelkast op een te warme plaats
geïnstalleerd of blootgesteld aan
rechtstreeks zonlicht.
De schakelkast tegen warmtebronnen en
de zon beschermen.
Temperatuur van de aangezogen vloeistof
te hoog.
De werkomstandigheden van de
elektropomp controleren.
Aanwezigheid van te grote vaste delen die
de waaier blokkeren.
De elektropomp start maar na een min of
meer lange tijd schakelt de thermische
beveiliging in.
Aanwezigheid van vezelige deeltjes die de
waaier blokkeren (voor de modellen die
niet uitgerust zijn met een waaier van het
"Vortex" type).
De elektropomp verwijderen en
schoonmaken. Als het probleem
voortduurt de werkomstandigheden van
de elektropomp controleren.
Waterlekken uit de terugslagklep of in de
installatie.
De installatie controleren om lekken te
lokaliseren. De onderdelen repareren of
vervangen.
De elektropomp schakelt te vaak in.
Regeling van de vlotterschakelaar niet
juist.
De vlotterschakelaar controleren.
LET OP

nl
nl
nl
nl
68
Draairichting onjuist.
De draairichting controleren en indien
nodig twee fases in de schakelkast
verwisselen als het een driefase model is
of alle aansluitingen controleren als het
een monofase model is.
Persleiding verstopt, terugslagklep vuil of
lucht in de leidingen.
De installatie controleren.
De elektropomp schakelt in maar de
prestaties zijn niet voldoende.
Elektropomp beschadigd of inwendige
delen ervan verstopt.
Zie de speciale aanwijzingen in de
gebruiksaanwijzing van de elektropomp.
De hoofdbeveiliging van de installatie
schakelt in.
Kortsluiting.
De elektrische installatie controleren.
De aardlekbeveiliging van de installatie
schakelt in.
Aardlekken.
De isolatie van de elektropomp en van de
kabels controleren.
9. Buiten bedrijf stellen Informatie voor de installateur en de o Buiten bedrijf stellen Informatie voor de installateur en de o Buiten bedrijf stellen Informatie voor de installateur en de o Buiten bedrijf stellen Informatie voor de installateur en de onderhoudsmonteur nderhoudsmonteur nderhoudsmonteur nderhoudsmonteur
De geldende plaatselijke wettelijke bepalingen en voorschriften voor de gescheiden afvalverwerking moeten
in acht genomen worden. Indien mogelijk moet de verpakking weer voor andere doeleinden gebruikt
worden.
10. Garantie Garantie Garantie Garantie
Raadpleeg voor alle informatie de contractuele verkoopdocumentatie.

SSSSvenska
venska
venska
venska
sv
sv
sv
sv
69
1. Allmänna data Allmänna data Allmänna data Allmänna data
I
denna bruksanvisning hittar du all information som krävs för att installera, använda och utföra underhåll på pumpstationerna i
produktserien MIDIBOX/SINGLEBOX PLUS/DOUBLEBOX PLUS. Denna bruksanvisning gäller för apparaten i standardutförande såsom
är specificerat i försäljningsdokumenten. Till eventuella specialversioner kan det medfölja informationsblad med tilläggsanvisningar.
Se försäljningsdokumenten beträffande varianter och egenskaper hos dessa specialversioner. Uppge alltid pumpstationens modell
och kod om du kontaktar teknisk service för information eller beställning av reservdelar. Kontakta närmaste teknisk service för
anvisningar, situationer och händelser som inte behandlas i vare sig bruksanvisningen eller försäljningsdokumenten.
Läs bruksanvisningen noggrant innan apparaten installeras och tas i drift.
Vid felaktig användning kan det uppstå farliga situationer som kan förorsaka person- och materialskador
samt medföra att garantin bortfaller.
Se specifika bruksanvisningar för information om elpumparna och manöverpanelerna.
2. Beskrivning av apparaten Beskrivning av apparaten Beskrivning av apparaten Beskrivning av apparaten
Information till installatören och användaren Information till installatören och användaren Information till installatören och användaren Information till installatören och användaren
Produktserien Midibox/Singlebox Plus/Doublebox Plus omfattar pumpstationer avsedda för pumpning av vatten från fastigheter eller
mark som ligger under avloppssystemets nivå. De består av en tank, en eller två elpumpar, invändiga rör, en eller flera flottörer och
manöverpanel (vissa modeller). Elpumpen kan tas bort från pumpstationen genom att man skruvar loss en ringmutter (om
pumpstationen ifråga har fasta kopplingar) eller med hjälp av en nedsänkningsanordning (vissa modeller).
Pumpstationerna kan installeras såväl inomhus som utomhus.
Pumpstationerna i produktserien Midibox/Singlebox Plus/Doublebox Plus kan, beroende på modell, överensstämma med standard EN
12050-1 eller EN 12050-2 (se avsnitt 11.1 och 11.2).
3. Användningsområden Användningsområden Användningsområden Användningsområden
Information till installatören och användaren Information till installatören och användaren Information till installatören och användaren Information till installatören och användaren
Pumpstationerna i produktserien Midibox/Singlebox Plus/Doublebox Plus används för uppsamling och pumpning av rent vatten,
avloppsvatten som inte innehåller fekalier (gråvatten) och avloppsvatten som innehåller fekalier (svartvatten) från
vattenuppsamlingspunkter i fastigheter och mark som ligger under det allmänna/privata avloppssystemets nivå till vilket de måste
anslutas. Pumpstationerna kräver el- och vattenanslutning.
3.1
3.1
3.1
3.1
Användningsbegränsningar
Användningsbegränsningar
Användningsbegränsningar
Användningsbegränsningar
3.1.1
3.1.1
3.1.1
3.1.1
Pumpstationens märkplåt
Pumpstationens märkplåt
Pumpstationens märkplåt
Pumpstationens märkplåt
Uppgifterna i avsnitt 11.3 ger en beskrivning av märkplåtens data.
3.1.2
3.1.2
3.1.2
3.1.2
Pumpvätskor, tryck och temperaturer
Pumpvätskor, tryck och temperaturer
Pumpvätskor, tryck och temperaturer
Pumpvätskor, tryck och temperaturer
Använd inte pumpstationen för pumpning av farliga, lättantändliga och/eller explosiva vätskor.
Använd inte pumpstationen för pumpning av vatten som innehåller ämnen eller partiklar som kan skada
elpumpen och andra delar i systemet (se respektive instruktionsanvisning) så att dessa inte fungerar korrekt.
Det är lämpligt att placera ett avfettningskar före pumpstationen om det pumpade avloppsvattnet
innehåller feta partiklar.
Max. drifttryck varierar beroende på vilken modell av elpump som är installerad. Se elpumpens dokumentation för ytterligare
information.
3.1.3
3.1.3
3.1.3
3.1.3
Begränsningar vid förvaring
Begränsningar vid förvaring
Begränsningar vid förvaring
Begränsningar vid förvaring
Omgivningstemperatur: Min. -5 °C / Max. +40 °C.
3.1.4
3.1.4
3.1.4
3.1.4
Begränsningar vid användning
Begränsningar vid användning
Begränsningar vid användning
Begränsningar vid användning
Se specifika bruksanvisningar för information om elpumparna och manöverpanelerna.
Använd inte pumpstationen i explosiva miljöer eller i utrymmen med frätande och/eller lättantändliga gaser,
syror, damm o.s.v.
Använd inte pumpstationen för pumpning av farliga, lättantändliga och/eller explosiva vätskor.
Kontrollera att pumpstationens prestanda och behoven hos systemet som pumpstationen är ansluten till
överensstämmer med varandra.
•
Omgivningstemperatur: Min. +0 °C / Max. +40 °C.
•
Max. höjd över havet: 1 000 meter.
•
Pumpvätskans temperatur:
Min. +1 °C / Max. +35 °C för pumpar i produktserien DOC,
DOMO och DOMO-GRI.
Min. +1 °C / Max. +25 °C för övriga pumpar.
VARNING

sv
sv
sv
sv
70
•
Pumpvätskans typ:
o
Versioner med en- eller tvåkanals pumphjul: Rent vatten, smutsigt avloppsvatten med fasta partiklar
i suspension men utan frätande kemikalier eller sand (avsnitt 11.1).
o
Versioner med Vortex-pumphjul: Rent vatten, smutsigt avloppsvatten med fasta partiklar och fibrer i
suspension men utan frätande kemikalier eller sand (avsnitt 11.2).
•
Kan installeras såväl inomhus (suterrängvåning, källare o.s.v.) som utomhus (över eller under markytan).
•
Elnätets spänning och frekvens måste överensstämma med värdena på elpumpens respektive
manöverpanelens märkplåt.
•
Max. antal starter per timme, jämnt fördelade: Se elpumpens bruksanvisning.
3.1.5
3.1.5
3.1.5
3.1.5
Pumpstationer med manöverpanel och/eller elpumpar med extern kondensatorhållare (ytterligare krav utöver de som anges
Pumpstationer med manöverpanel och/eller elpumpar med extern kondensatorhållare (ytterligare krav utöver de som anges
Pumpstationer med manöverpanel och/eller elpumpar med extern kondensatorhållare (ytterligare krav utöver de som anges
Pumpstationer med manöverpanel och/eller elpumpar med extern kondensatorhållare (ytterligare krav utöver de som anges
ovan)
ovan)
ovan)
ovan)
•
Omgivningstemperatur: Min. +0 °C / Max. +40 °C.
•
Max. relativ fuktighet: 50 % vid +40 °C förutsatt att det inte bildas kondens.
•
Max. höjd över havet: 1 000 meter.
•
Skyddsklass: Se specifik dokumentation för manöverpanelen.
Vid speciella användningsförhållanden, kontakta teknisk service.
Inuti motorn hos vissa elpumpar finns en giftfri olja för att underlätta motorkylningen. Eventuellt läckage
från den mekaniska tätningen kan rinna in i pumpvätskan.
Vid speciella användningsförhållanden, kontakta teknisk service.
3.1.6
3.1.6
3.1.6
3.1.6
Speciella användningsområden
Speciella användningsområden
Speciella användningsområden
Speciella användningsområden
Kontakta teknisk service vid förhållanden som inte beskrivs i bruksanvisningen med avseende på vätsketyp
och/eller installation.
3.1.7
3.1.7
3.1.7
3.1.7
Felaktig användning
Felaktig användning
Felaktig användning
Felaktig användning
Om pumpstationen används på fel sätt kan farliga situationer uppstå som kan förorsaka person- och
materialskador. Exempel på felaktig användning:
-
Påfyllning och pumpning av vätskor som inte är kompatibla med pumpstationens material.
-
Påfyllning och pumpning av ämnen som kan sätta igen rören och/eller blockera elpumpen.
-
Påfyllning och pumpning av farliga vätskor (skadliga, retande, giftiga, explosiva, frätande, lättantändliga).
-
Användning av pumpstationen i explosiva miljöer eller i utrymmen med frätande och/eller lättantändliga
gaser, syror, damm o.s.v.
-
Pumpning av vatten vars temperatur överstiger ovan angivna gränsvärden.
Följ alltid gällande lokala och/eller nationella föreskrifter, lagar och bestämmelser med avseende på valet av installationsplats samt el-
och vattenanslutningen.
Läs denna bruksanvisning, bruksanvisningen för elpumpen, manöverpanelen (vissa modeller) och eventuella
tillbehör före installationen. Förvara bruksanvisningarna med omsorg.
4. Transport och förvaring Transport och förvaring Transport och förvaring Transport och förvaring
Information till transportören Information till transportören Information till transportören Information till transportören
4.1
4.1
4.1
4.1
Transport, flytt och förvaring av apparat med emballage
Transport, flytt och förvaring av apparat med emballage
Transport, flytt och förvaring av apparat med emballage
Transport, flytt och förvaring av apparat med emballage ---- uppackning
uppackning
uppackning
uppackning
Pumpstationerna levereras beroende på typ i emballage med olika mått och form.
Emballagen kräver att transport, flytt och förvaring sker vertikalt.
Skydda apparaten mot fukt, värmekällor och ev. mekaniska skador (slag, fall o.s.v.).
Placera inga tunga föremål på emballagen och stapla inte heller emballagen ovanpå varandra.
Töm tanken på ev. vatten innan du lyfter pumpstationen.
Använd de avsedda handtagen på tanken för att lyfta pumpstationen.
Lyft och flytta apparaten försiktigt med hjälp av lämpliga lyftanordningar. Respektera gällande
säkerhetsbestämmelser. Lyft aldrig pumpstationen och elpumpen med hjälp av elpumpens motorkabel eller
flottörens kabel.
Kontrollera vid leveransen att emballaget inte är skadat. Om apparaten uppvisar skador ska återförsäljaren kontaktas inom 8 dagar
från leveransdatum.
4.2
4.2
4.2
4.2
Kassering av emballage
Kassering av emballage
Kassering av emballage
Kassering av emballage
Om emballaget inte kan användas för andra ändamål ska det kasseras enligt gällande lagar för källsortering av avfall.
VARNING VARNING

sv
sv
sv
sv
71
5. Installation Installation Installation Installation
Information till installatören Information till installatören Information till installatören Information till installatören
Installationen ska endast ombesörjas av behörig fackpersonal.
Använd lämplig utrustning och skydd. Respektera gällande säkerhetsbestämmelser.
Följ alltid gällande lokala och/eller nationella föreskrifter, lagar och bestämmelser med avseende på valet av
installationsplats samt el- och vattenanslutningen.
Läs denna bruksanvisning, bruksanvisningen för elpumpen, manöverpanelen (vissa modeller) och eventuella
tillbehör före installationen.
Installera inte apparaten om den uppvisar tydliga tecken på skador utan kontakta då teknisk service.
5.1
5.1
5.1
5.1
Val av installationsplats
Val av installationsplats
Val av installationsplats
Val av installationsplats
5.1.1
5.1.1
5.1.1
5.1.1
Installation av pumpstationen inomhus
Installation av pumpstationen inomhus
Installation av pumpstationen inomhus
Installation av pumpstationen inomhus
Placera pumpstationen på ett horisontellt och plant golv som klarar pumpstationens vikt när denna är i drift.
Lämna ett fritt utrymme på minst 60 cm runt och ovanför pumpstationen för installation och underhåll.
Förankra pumpstationen så att den inte kan rotera.
Skydda pumpstationen mot frost och se till att ha god ventilation för att förebygga ansamlingar av giftiga
och/eller lättantändliga gaser.
Placera kondensatorhållaren (vissa modeller) och/eller manöverpanelen så att de är skyddade mot väder och
vind och enligt begränsningarna i avsnitt 3.1.
5.1.2
5.1.2
5.1.2
5.1.2
Installation av pumpstationen utomhus
Installation av pumpstationen utomhus
Installation av pumpstationen utomhus
Installation av pumpstationen utomhus
Placera inte pumpstationen direkt på marken. Den valda marken får inte innehålla grundvatten eller vara
utsatt för översvämningar. Förankra pumpstationen så att den inte kan rotera eller flyta upp. Använd
lyftöglorna på tankens bas.
Det krävs ett lämpligt horisontellt fundament som klarar pumpstationens vikt när denna är i drift. Det kan
beroende på markegenskaperna vara nödvändigt att bygga upp väggar av tegel eller prefabricerade element
eller betong. Fyll utrymmet mellan gropens väggar och pumpstationen med sand och packa ordentligt.
Skydda pumpstationen mot frost på lämpligt sätt.
Kör inte över locket med motorfordon.
Singlebox Plus / Doublebox Plus: pumpstationen kan klara belastningar på max. 100 kg vid installation under
markytan.
Det går att lägga ett brunnslock (manlucka) över gropen eller något annat för att underlätta vid underhåll. Sätt upp lämpliga
varningsskyltar som talar om var pumpstationen finns så att den inte kan skadas av en olyckshändelse. Lämna ett tillräckligt stort
utrymme runt och ovanför pumpstationen med tanke på installation och underhåll.
Placera kondensatorhållaren (vissa modeller) och/eller manöverpanelen så att de är skyddade mot väder och
vind och enligt begränsningarna i avsnitt 3.1.
Gör vatten- och elanslutningen och lägg sedan ren sand runt pumpstationen för att reducera överföring av eventuella rörelser från
systemet och/eller den omgivande marken.
5.1.3
5.1.3
5.1.3
5.1.3
Val av manöverpanel
Val av manöverpanel
Val av manöverpanel
Val av manöverpanel
Pumpstationen måste vara utrustad med lämpliga skydd mot överbelastning och kortslutning.
Kontrollera att manöverpanelens och elpumpens elektriska data överensstämmer med varandra. En felaktig
kombination kan förorsaka problem och kan inte garantera ett skydd av elmotorn.
Se alltid elpumpens bruksanvisning och anvisningarna som medföljer manöverpanelen.
6. Idrifttagande Idrifttagande Idrifttagande Idrifttagande
Information till installatören Information till installatören Information till installatören Information till installatören
Läs denna bruksanvisning samt elpumpens respektive manöverpanelens bruksanvisning före idrifttagandet.
Förvara bruksanvisningarna med omsorg.
Idrifttagandet ska endast ombesörjas av behörig fackpersonal i enlighet med gällande bestämmelser.
Följ alltid gällande lokala och/eller nationella föreskrifter, lagar och bestämmelser.
Kontakta teknisk service hos Lowara angående idrifttagande av systemet.
6.1
6.1
6.1
6.1
Vattenanslutning
Vattenanslutning
Vattenanslutning
Vattenanslutning
Vattenanslutningen får endast ombesörjas av en behörig VVS-installatör i enlighet med gällande
bestämmelser.

sv
sv
sv
sv
72
Pumpstationerna i produktserien Midibox/Singlebox Plus/Doublebox Plus har olika in- och utloppsmöjligheter för rören. Det kan
beroende på installationstypen och gällande lokala bestämmelser behöva installeras ett vattenlås, en backventil och/eller en kran på
anslutningsröret till det allmänna/privata avloppssystemet eller till andra rör. Följ alltid gällande lokala och/eller nationella föreskrifter,
lagar och bestämmelser. Det rekommenderas att installera backventiler och avstängningsventiler före och efter pumpstationen. I
avsnitt 11.6 finns ett installationsexempel.
Samtliga rör ska installeras så att de inte utsätts för belastning. Rören får inte utöva någon belastning på
pumpstationen. Kontrollera att elpumpen är ordentligt fäst till rören och att samtliga vattenanslutningar är
korrekt åtdragna och täta.
Installera vid behov lämpliga anordningar som förhindrar överföring av vibrationer och skydda rören mot frost.
6.1.1
6.1.1
6.1.1
6.1.1
Öppning och förberedelse av rören
Öppning och förberedelse av rören
Öppning och förberedelse av rören
Öppning och förberedelse av rören
6.1.1.1
6.1.1.1
6.1.1.1
6.1.1.1
Midibox
Midibox
Midibox
Midibox
Lokalisera rörkopplingen som du vill öppna. Såga av ca. 20 mm i änden på röret och ta bort skägg och restmaterial.
6.1.1.2
6.1.1.2
6.1.1.2
6.1.1.2
Singlebox Plus/Doublebox Plus
Singlebox Plus/Doublebox Plus
Singlebox Plus/Doublebox Plus
Singlebox Plus/Doublebox Plus
Lokalisera rörkopplingen som du vill öppna. Ta bort kopplingens botten och ta bort skägg. Sätt i motsvarande packning och placera
dess krage så att denna ligger an mot tankens yttervägg.
6.1.2
6.1.2
6.1.2
6.1.2
Anslutning till inloppsröret
Anslutning till inloppsröret
Anslutning till inloppsröret
Anslutning till inloppsröret
Lokalisera var inloppsröret ska anslutas på pumpstationen. Kopplingen är märkt med symbolen
. Öppna rörkopplingen och anslut
inloppsröret så att det kan tömmas av sig självt och att vätskeflödet inte stör flottörernas funktion. Kontrollera att kopplingen är tät.
Singlebox Plus/Doublebox Plus: Det finns flera rörkopplingar för inloppsröret.
6.1.3
6.1.3
6.1.3
6.1.3
Anslutning till tryckröret
Anslutning till tryckröret
Anslutning till tryckröret
Anslutning till tryckröret
Pumpstationen levereras med tryckröret redan anslutet till pumpen. Tryckröret är märkt med symbolen
.
Kontrollera att kopplingarna är korrekt åtdragna och täta. Anslut tryckröret till kopplingarna på pumpstationens yttervägg.
Kontrollera att kopplingen är tät. Se tabell 11.1 för information om kopplingen för tryckröret. Anslut tryckröret till anslutningsröret
till det allmänna/privata avloppssystemet. Kontrollera att det finns en backventil i tryckröret som överensstämmer med standard EN
12056-4.
6.1.4
6.1.4
6.1.4
6.1.4
Anslutning till avluftningsröret
Anslutning till avluftningsröret
Anslutning till avluftningsröret
Anslutning till avluftningsröret
Kom ihåg att installera ett avluftningsrör för att undvika att det bildas lättantändliga, explosiva eller giftiga gaser.
Lokalisera var avluftningsröret ska anslutas på pumpstationen. Kopplingen är märkt med symbolen
. Öppna rörkopplingen och
anslut avluftningsröret så att eventuellt kondensat kan föras till pumpstationen. Kontrollera att kopplingen är tät.
Kravet på förhållandet mellan tryckrörets respektive avluftningsrörets diameter kan variera mellan olika nationella bestämmelser.
Kontrollera att röret mynnar ut utomhus (t.ex. ovanför takåsen om pumpstationen är installerad inomhus) och att gaserna som förs
ut inte kan tränga in i andra byggnader, rum eller liknande.
6.1.5
6.1.5
6.1.5
6.1.5
Anslutning till nödtömningsröret
Anslutning till nödtömningsröret
Anslutning till nödtömningsröret
Anslutning till nödtömningsröret
På botten av pumpstationen finns en koppling för ett nödtömningssystem. Kopplingen är märkt med symbolen
. Kopplingen kan
användas för att ansluta en ytterligare pump (t.ex. en handpump med membran), vars tömningsrör måste vara fristående i
förhållande till elpumpen i pumpstationen. Handpumpen finns som tillbehörssats.
Lokalisera kopplingen på pumpstationens botten, öppna rörkopplingen och anslut nödtömningsröret. Kontrollera att kopplingen är
tät.
6.1.6
6.1.6
6.1.6
6.1.6
Backventil
Backventil
Backventil
Backventil
Installera en backventil i anslutningsröret till det allmänna/privata avloppssystemet. Detta hindrar vätskan från att flöda tillbaka. Om
du väljer att installera en kulventil, ska du kontrollera om det är en kulventil med nedsänkt kula (tung) eller med flytande kula (lätt),
eftersom detta påverkar installations- och användningsförhållandena.
Installera ventilen minst en meter från pumpstationen så att pumpvätskan kan öppna ventilens klaff (såvida tillverkaren inte har gett
andra anvisningar).
Följ alltid gällande lokala och/eller nationella föreskrifter, lagar och bestämmelser.
6.1.7
6.1.7
6.1.7
6.1.7
Avstängningsventil
Avstängningsventil
Avstängningsventil
Avstängningsventil
Installera en avstängningsventil både i inloppsröret och i tryckröret (anslutning till det allmänna/privata avloppssystemet). På så sätt
går det att utföra underhåll utan att behöva tömma hela systemet. Du kan använda slussventiler eller kulventiler.
6.1.8
6.1.8
6.1.8
6.1.8
Installation av pumpen
Installation av pumpen
Installation av pumpen
Installation av pumpen
Elpumpen levereras redan färdigmonterad i pumpstationen. Kontrollera att den inte är skadad. Ta bort elpumpens eventuella
bandklammor för fastsättning innan den tas i drift.

sv
sv
sv
sv
73
6.1.9
6.1.9
6.1.9
6.1.9
Flottör
Flottör
Flottör
Flottör
Det kan beroende på vilken typ av pump som är installerad i pumpstationen finnas en eller flera flottörer. Flottörerna är redan
installerade och kalibrerade.
En av flottörerna kan vara placerad högre än de övriga i pumpstationen. Denna flottör signalerar om vätskenivån är för hög i tanken.
I detta fall krävs en manöverpanel.
6.1.10
6.1.10
6.1.10
6.1.10
Montering av l
Montering av l
Montering av l
Montering av locket
ocket
ocket
ocket
Kontrollera att lockets packning ligger an mot botten av sitt säte innan du skruvar fast locket på tanken.
Kontrollera att packningen inte glider in i gängan under fastskruvningen.
Vid installation inomhus ska locket skruvas fast helt för att säkerställa att pumpstationen är tät för vätskor och gas.
För att förhindra att obehöriga öppnar locket rekommenderas det att fästa locket i pumpstationen med den medföljande skruven
och brickan. Skruven ska sättas i hålet på lockets ytterkant och skruvas fast på avsedd plats i tanken. Brickan ska placeras mellan
skruvskallen och lockets toppyta. Locket kan även vara försett med ett lås som är fäst direkt på locket. Använd i så fall den
medföljande nyckeln för att låsa upp och låsa locket.
6.1.11
6.1.11
6.1.11
6.1.11
Installation av förläng
Installation av förläng
Installation av förläng
Installation av förlängningsdel
ningsdel
ningsdel
ningsdel
Vid installation utomhus går det att installera en förlängningsdel med en höjd på 300 mm.
Förlängningsdelen använder en likadan packning som används för locket. Se avsnitt Montering av locket för fastskruvning med
packningen.
Se till att förlängningsdelen inte kan lossna när du väl har skruvat fast den. Använd skruven som medföljer förlängningsdelen. Borra
ett Ø 3 mm hål i området för förlängningsdelens gänga och skruva sedan fast förlängningsdelen.
Max. två förlängningsdelar kan installeras.
6.1.12
6.1.12
6.1.12
6.1.12
Elanslutning
Elanslutning
Elanslutning
Elanslutning
Elanslutningen får endast ombesörjas av en behörig elektriker i enlighet med gällande bestämmelser.
Kontrollera att elnätets typ, spänning och frekvens överensstämmer med elpumpens och manöverpanelens
märkdata som anges på deras respektive märkplåt. Se till att elnätet förses med ett lämpligt skydd mot
kortslutning.
Läs elpumpens bruksanvisning, manöverpanelens (vissa modeller) bruksanvisning, anvisningarna och
eventuella elscheman innan elanslutningen görs.
Försäkra dig om att samtliga anslutningar (även de som är potentialfria) är spänningslösa innan arbetet
utförs.
Elpumparna kan vara försedda med ett överhettningsskydd som är inbyggt i motorn (motorskydd). Var
uppmärksam eftersom elpumpen plötsligt kan starta om när motorns lindning har svalnat.
Se till att följande skydd installeras för elnätet, såvida inget annat föreskrivs av gällande nationella bestämmelser:
•
ett skydd mot kortslutning
•
en jordfelsbrytare med hög känslighet (30 mA) som extraskydd mot elektrisk stöt vid bristfällig jordning
•
en frånskiljare med ett kontaktavstånd på minst 3 mm.
Jordanslut systemet i enlighet med gällande bestämmelser.
Pumpstationerna levereras med elkabel. Anslut elkabeln till elnätet.
Vid installation inomhus ska kablarna dras genom kabelklämmorna på tanken. Vid installation under marknivå går det att använda
den extra kabelgenomföringen. Lokalisera var kabelgenomföringen finns på pumpstationen. Kabelgenomföringen är märkt med
symbolen. Öppna rörkopplingen, anslut röret och för in kablarna på insidan. Kontrollera att röret är tätt.
Kontrollera att en tillräcklig mängd elkabel är kvar i tanken så att pumpen kan dras ut.
Gör anslutningen till elnätet.
6.2
6.2
6.2
6.2
Första start
Första start
Första start
Första start
Kontrollera innan pumpstationen och elpumpen startas att det inte finns rester eller andra ämnen i systemet
eller tanken som kan skada systemet så att det inte fungerar korrekt.
Låt avstängningsventilen i inloppsröret vara stängd under denna fas och fyll pumpstationen med rent vatten. Öppna
avstängningsventilen i tryckröret. Kontrollera att rören är korrekt åtdragna och täta och att elpumpen fungerar korrekt. Kontrollera
dessutom att elpumpen fylls med vätska.
Öppna avstängningsventilen i inloppsröret och kontrollera att pumpstationen fungerar korrekt.
Vätskeflödet från de olika förbrukarna får inte hindra flottörerna i pumpstationen från att fungera korrekt.
Vid trefaselpump ska du kontrollera att pumphjulets rotationsriktning är korrekt. Kontrollera även i elpumpens bruksanvisning.
Kontrollera att flottörernas ingreppsnivå är korrekt och ställ in dem vid behov utifrån systemets faktiska behov.
När det finns två elpumpar ska flottörerna ställas in så att den andra elpumpen startar efter den första elpumpen och endast om den
första elpumpen inte klarar av att skicka lika mycket vätska som kommer från de olika förbrukarna till avloppssystemet.
VARNING

sv
sv
sv
sv
74
Kontrollera att elpumpen fylls konstant med vatten när den är i funktion. Kontrollera att antalet starter per timme överensstämmer
med egenskaperna hos systemets delar.
Kontrollera att systemet fungerar korrekt och starta det.
Stäng locket eller locken på pumpstationen och skruva fast det/dem. Fäst locket vid behov för att förhindra att det öppnas av
obehöriga.
6.2.1
6.2.1
6.2.1
6.2.1
Driftkapacitet
Driftkapacitet
Driftkapacitet
Driftkapacitet
Det måste garanteras ett vätskeflöde på minst 0,7 m/s och max. 2,3 m/s i tryckröret.
6.3
6.3
6.3
6.3
Funktion
Funktion
Funktion
Funktion
När vätskan i tanken når nivån där kontakten hos elpumpens styrflottör sluts startar elpumpen varpå pumpstationen töms gradvis.
Elpumpen stannar när vätskan når min. nivån där flottörens kontakt öppnas.
När det finns två elpumpar startar den andra elpumpen efter den första elpumpen och endast om den första elpumpen inte klarar av
att skicka lika mycket vätska som kommer från de olika förbrukarna till avloppssystemet.
En av flottörerna kan vara placerad högre än de övriga i pumpstationen. Denna flottör signalerar om vätskenivån är för hög i tanken.
7. Underhåll, service och reservdelar Underhåll, service och reservdelar Underhåll, service och reservdelar Underhåll, service och reservdelar
Information till underhållsteknikern Information till underhållsteknikern Information till underhållsteknikern Information till underhållsteknikern
Iaktta följande regler om det är nödvändigt att göra ingrepp i apparaten.
Försäkra dig om att samtliga anslutningar (även de som är potentialfria) är spänningslösa innan någon typ av
underhåll utförs.
Underhåll får endast ombesörjas av behörig fackpersonal.
Använd lämplig utrustning och skydd. Respektera gällande säkerhetsbestämmelser. Lyft och flytta
pumpstationerna och elpumparna försiktigt med hjälp av lämpliga lyftanordningar.
Läs elpumparnas bruksanvisningar och manöverpanelens (vissa modeller) bruksanvisning.
Följ alltid gällande lokala och/eller nationella föreskrifter, lagar och bestämmelser.
7.1
7.1
7.1
7.1
Rutinunderhåll
Rutinunderhåll
Rutinunderhåll
Rutinunderhåll
Kontrollera regelbundet pumpstationens invändiga skick genom att skruva av locket. Rengör tanken minst en gång om året, speciellt
områdena där flottörerna sitter.
7.2
7.2
7.2
7.2
Extra underhåll
Extra underhåll
Extra underhåll
Extra underhåll
I pumpstationer försedda med PVC-kopplingar går det att dra ut elpumpen när ringmuttern under pumpstationens lock har skruvats
loss.
I pumpstationer försedda med nedsänkningsanordning går det att dra ut elpumpen genom att haka fast en vajer eller kedja i
handtaget.
Använd inte elkabeln eller flottörens kabel för att lyfta eller flytta elpumpen.
7.3
7.3
7.3
7.3
Reservdelar
Reservdelar
Reservdelar
Reservdelar
Uppge alltid pumpstationens beteckning och kod om du kontaktar teknisk service för information eller
beställning av reservdelar.
Använd endast originalreservdelar vid byte av eventuella delar. Användning av icke-originalreservdelar kan
förorsaka driftstörningar samt person- och materialskador.
8. Felsökning Felsökning Felsökning Felsökning
Information till användare Information till användare Information till användare Information till användaren och underhållsteknikern n och underhållsteknikern n och underhållsteknikern n och underhållsteknikern
Följ anvisningarna i elpumpens och manöverpanelens (vissa modeller) bruksanvisning.
Se kapitel 7 för ytterligare information.
PROBLEM
PROBLEM
PROBLEM
PROBLEM
TROLIG ORSAK
TROLIG ORSAK
TROLIG ORSAK
TROLIG ORSAK
MÖJLIGA ÅTGÄRDER
MÖJLIGA ÅTGÄRDER
MÖJLIGA ÅTGÄRDER
MÖJLIGA ÅTGÄRDER
Spänningstillförsel saknas.
Slå på spänningstillförseln.
Elpumpens överhettningsskydd har löst
ut.
Vänta tills elpumpens motor har svalnat.
Termoreläet eller motorns
överhettningsskydd i manöverpanelen har
löst ut.
Återställ överhettningsskyddet.
Pumpens eller hjälpkretsarnas säkringar
har bränt.
Byt säkringarna.
Elpumpen startar inte.
Huvudströmbrytaren är tillslagen.
Problem hos eventuell extern
styranordning (flottör).
Kontrollera anordningen och motsvarande
anslutningskablar.
Elpumpen startar men
överhettningsskyddet löser ut eller
Överbelastning av motorn.
Kontrollera elpumpens driftförhållanden
och återställ skyddet.
VARNING

sv
sv
sv
sv
75
Elkabeln är skadad.
säkringarna bränner genast.
Överhettningsskyddet eller säkringarna
överensstämmer inte med motorns ström.
Kontrollera delarna och byt ut dem om
det behövs.
En fas saknas i spänningstillförseln.
Kontrollera spänningstillförseln.
Matningsspänningen ligger inte inom
motorns spänningsintervall.
Kontrollera elpumpens driftförhållanden.
Elpumpen startar men
överhettningsskyddet löser ut eller
säkringarna bränner efter en kort stund.
Manöverpanelen är placerad på en alltför
varm plats eller utsätts för direkt solljus.
Skydda manöverpanelen mot värmekällor
och direkt solljus.
Pumpvätskan har för hög temperatur.
Kontrollera elpumpens driftförhållanden.
Pumphjulet blockeras av fasta större
partiklar.
Elpumpen startar men
överhettningsskyddet löser ut efter en
kortare eller längre stund.
Pumphjulet blockeras av trådformiga
fibrer (versioner utan Vortex-pumphjul).
Ta upp och rengör elpumpen. Kontrollera
elpumpens driftförhållanden om
problemet kvarstår.
Vattenläckage från backventilen eller i
systemet.
Lokalisera läckagen. Reparera eller byt ut
delarna.
Elpumpen startar för ofta.
Flottören är inte korrekt inställd.
Kontrollera flottören.
Fel rotationsriktning.
Kontrollera rotationsriktningen och skifta
två faser på manöverpanelen om motorn
är av trefasversion eller kontrollera
samtliga anslutningar om motorn är av
enfasversion.
Tryckröret är igensatt eller backventilen är
smutsig eller det finns luft i röret.
Kontrollera installationen.
Elpumpen startar men uppnår inte den
begärda prestandan.
Elpumpen är skadad eller dess inre delar
är igensatta.
Se elpumpens bruksanvisning.
Systemets huvudsäkring löser ut.
Kortslutning.
Kontrollera elsystemet.
Systemets termomagnetiska
jordfelsbrytare löser ut.
Läckström till jord.
Kontrollera elpumpens och kablarnas
isolering.
9. Skrotning Skrotning Skrotning Skrotning
Information till installatören och underhållsteknikern Information till installatören och underhållsteknikern Information till installatören och underhållsteknikern Information till installatören och underhållsteknikern
Respektera gällande lagar och lokala bestämmelser för källsortering av avfall. Återanvänd om möjligt
emballaget för andra ändamål.
10. Garanti Garanti Garanti Garanti
Se försäljningsdokumenten för ytterligare information.

fifififi
SSSSuomi
uomi
uomi
uomi
76
1. Yleistä Yleistä Yleistä Yleistä
Käyttöoppaan tarkoituksena on antaa MIDIBOX/SINGLEBOX PLUS/DOUBLEBOX PLUS -sarjan nostoasemien asennukseen, käyttöön ja
huoltoon tarvittavat tiedot. Käyttöoppaan sisältö viittaa myyntisopimuksessa ilmoitettuun standardituotteeseen. Erikoisversioille
voidaan toimittaa lisäohjesivuja. Ks. myyntisopimuksesta muunnoksia ja erikoismallien ominaisuuksia koskevat tiedot. Ilmoita aina
nostoaseman tarkka tyyppi ja koodi pyytäessäsi teknisiä tietoja tai varaosia myynti- ja huoltopalvelustamme. Jos käyttöoppaassa tai
myyntisopimuksessa ei käsitellä tarvitsemiasi ohjeita, tilanteita tai tapauksia, ota yhteys lähimpään huoltopalveluumme.
Lue käyttöopas ennen tuotteen asennusta ja käyttöä.
Virheellisestä käytöstä saattaa olla seurauksena henkilö- ja materiaalivahinkoja aiheuttavia vaaratilanteita.
Lisäksi se aiheuttaa takuun mitätöitymisen.
Ks. aihekohtaisista käyttöoppaista tietoja sähköpumpuista ja -tauluista.
2. Tuotteen kuvaus Tuotteen kuvaus Tuotteen kuvaus Tuotteen kuvaus
Tietoja asentajalle ja käyttäjälle Tietoja asentajalle ja käyttäjälle Tietoja asentajalle ja käyttäjälle Tietoja asentajalle ja käyttäjälle
Midibox/Singlebox Plus/Doublebox Plus -sarjaan kuuluu nostoasemia, jotka on tarkoitettu rakennuksista tai viemäriverkon alapuolella
olevasta maaperästä peräisin olevan veden liikutukseen. Ne muodostuvat säiliöstä, 1 - 2 sähköpumpusta, sisäputkista, yhdestä tai
useammasta uimurista ja sähkötaulusta (mallista riippuen). Sähköpumppu voidaan irrottaa nostoasemasta ruuviliitoksen (jos
nostoasemassa on kiinteät liittimet) tai laskulaitteen (mallista riippuen) avulla.
Nostoasemat voidaan asentaa sekä rakennuksen sisä- että ulkopuolelle.
Mallista riippuen Midibox/Singlebox Plus/Doublebox Plus -sarjan nostoasemat voivat olla EN 12050-1 tai EN 12050-2 -standardin
mukaisia (ks. lukua 11.1 ja 11.2).
3. Käyttötavat Käyttötavat Käyttötavat Käyttötavat
Tietoja asentajalle ja käyttäjälle Tietoja asentajalle ja käyttäjälle Tietoja asentajalle ja käyttäjälle Tietoja asentajalle ja käyttäjälle
Kun Midibox/Singlebox Plus/Doublebox Plus -sarjan nostoasema on otettu käyttöön ja vesi- ja sähköliitännät on suoritettu, sillä
voidaan kerätä ja liikuttaa puhtaita vesiä, ei kiinteitä aineita sisältäviä (harmaat vedet) ja kiinteitä aineita sisältäviä (mustat vedet)
jätevesiä ja siten tyhjentää rakennuksissa ja nostoasemaan liitettävän julkisen/yksityisen viemäriverkon alapuolella olevia keräyspisteitä.
3.1
3.1
3.1
3.1
Käyttörajoitukset
Käyttörajoitukset
Käyttörajoitukset
Käyttörajoitukset
3.1.1
3.1.1
3.1.1
3.1.1
Nostoaseman arvokilven tulkinta
Nostoaseman arvokilven tulkinta
Nostoaseman arvokilven tulkinta
Nostoaseman arvokilven tulkinta
Luvun 11.3 ohjeet auttavat sinua lukemaan arvokilvessä olevat keskeiset tiedot.
3.1.2
3.1.2
3.1.2
3.1.2
Pumpatut nesteet, paineet, lämpöt
Pumpatut nesteet, paineet, lämpöt
Pumpatut nesteet, paineet, lämpöt
Pumpatut nesteet, paineet, lämpötilat
ilat
ilat
ilat
Älä pumppaa nostoasemalla vaarallisia, syttyviä ja/tai räjähdysvaarallisia nesteitä.
Älä pumppaa nostoasemalla vettä, joka sisältää sähköpumpun ja muiden järjestelmän osien toimintaa
heikentäviä aineita tai materiaaleja (ks. aihekohtaisia käyttöoppaita).
Jos jätevesi sisältää rasvaisia aineita, ennen nostoasemaa on suositeltavaa asentaa rasvanpoistoallas.
Maksimikäyttöpaine vaihtelee asennetun sähköpumpun mallista riippuen. Ks. lisätietoja sähköpumpun käyttöoppaasta.
3.1.3
3.1.3
3.1.3
3.1.3
Varastointia koskev
Varastointia koskev
Varastointia koskev
Varastointia koskevat rajoitukset
at rajoitukset
at rajoitukset
at rajoitukset
Ympäröivä lämpötila: minimi -5°C / maksimi + 40°C
3.1.4
3.1.4
3.1.4
3.1.4
Käyttöä koskevat rajoitukset
Käyttöä koskevat rajoitukset
Käyttöä koskevat rajoitukset
Käyttöä koskevat rajoitukset
Ks. aihekohtaisista käyttöoppaista tietoja sähköpumpuista ja -tauluista.
Älä käytä nostoasemaa räjähdysvaarallisissa tiloissa tai tiloissa, joissa on syövyttäviä ja/tai syttyviä kaasuja,
happoja, pölyjä jne.
Älä pumppaa nostoasemalla vaarallisia, syttyviä ja/tai räjähdysvaarallisia nesteitä.
Tarkista, että nostoaseman toimintateho vastaa siihen liitetyn järjestelmän tarpeita.
•
Ympäröivä lämpötila: minimi 0°C / maksimi +40°C
•
Maksimikorkeus merenpinnan yläpuolella: 1 000 m
•
Pumpatun nesteen lämpötila:
minimi +1°C / maksimi +35°C (DOC, DOMO, DOMO-GRI-sarjan
pumput)
minimi +1°C / maksimi +25°C (kaikki muut pumput)
VAROITUS

fifififi
77
•
Pumpatun nesteen tyyppi:
o
Versiot yksi- tai kaksikanavaisella juoksupyörällä: puhdas tai jäte/likavesi, jossa on kiinteitä
leijuhiukkasia, mutta ei kemiallisesti syövyttäviä aineita tai hiekkaa (luku 11.1).
o
Versiot Vortex-juoksupyörällä: puhdas tai jäte/likavesi, jossa on kiinteitä leijuhiukkasia ja -kuituja,
mutta ei kemiallisesti syövyttäviä aineita tai hiekkaa (luku 11.2).
•
Asennus mahdollista rakennuksen sisä- (pohjakerros, kellari tms.) tai ulkopuolelle (maan päälle tai
maahan upotettuna).
•
Verkkojännitteen ja -taajuuden tulee sopia sähköpumpun ja -taulun nimellisarvoille.
•
Maksimikäynnistysmäärä tunnissa tasaisin väliajoin: ks. sähköpumpun käyttöopasta.
3.1.5
3.1.5
3.1.5
3.1.5
Nostoasemat sähkötaululla ja/tai ulkoisella kondensaattoritelineellä varustetuilla sähköpumpuilla (lisävaatimukset)
Nostoasemat sähkötaululla ja/tai ulkoisella kondensaattoritelineellä varustetuilla sähköpumpuilla (lisävaatimukset)
Nostoasemat sähkötaululla ja/tai ulkoisella kondensaattoritelineellä varustetuilla sähköpumpuilla (lisävaatimukset)
Nostoasemat sähkötaululla ja/tai ulkoisella kondensaattoritelineellä varustetuilla sähköpumpuilla (lisävaatimukset)
•
Ympäröivä lämpötila: minimi +0°C / maksimi +40°C
•
Suhteellinen maksimikosteus: 50 % +40°C:ssa ilman tiivistymisilmiöitä
•
Maksimikorkeus merenpinnan yläpuolella: 1 000 m
•
Suoja-aste: ks. sähkötaulun asiakirjoja.
Jos ympäröivät olosuhteet poikkeavat yllä mainituista, ota yhteys myynti- ja huoltopalveluumme.
Joidenkin sähköpumppujen moottorin sisällä on jäähdytykseen tarvittavaa myrkytöntä öljyä. Jos mekaaninen
tiiviste vuotaa, sitä saattaa joutua pumpattuun nesteeseen.
Jos sinulla on erikoisvaatimuksia, ota yhteys myynti- ja huoltopalveluumme.
3.1.6
3.1.6
3.1.6
3.1.6
Erikoiskäytöt
Erikoiskäytöt
Erikoiskäytöt
Erikoiskäytöt
Ota yhteys myynti- ja huoltopalveluumme kaikissa tapauksissa, joissa nesteen ja/tai asennuksen tyyppi
poikkeaa kuvaillusta.
3.1.7
3.1.7
3.1.7
3.1.7
Virheelliset käytöt
Virheelliset käytöt
Virheelliset käytöt
Virheelliset käytöt
Nostoaseman virheellisestä käytöstä saattaa olla seurauksena henkilö- ja materiaalivahinkoja aiheuttavia
vaaratilanteita. Esimerkkejä virheellisistä käytöistä:
-
nostoaseman materiaaleille sopimattomien nesteiden syöttö ja pumppaus
-
putket tukkivien ja/tai sähköpumpun jumiuttavien materiaalien syöttö ja pumppaus
-
vaarallisten (haitalliset, ärsyttävät, myrkylliset, räjähdysvaaralliset, syövyttävät, syttyvät) nesteiden syöttö ja
pumppaus
-
nostoaseman käyttö räjähdysvaarallisissa tiloissa tai tiloissa, joissa on syövyttäviä ja/tai syttyviä pölyjä,
happoja, kaasuja jne.
-
edellisissä kohdissa annettuja arvoja kuumemman veden pumppaus.
Tarkista aina asennuspaikan valintaa ja vesi- ja sähköliitäntää koskevat voimassa olevat paikalliset ja/tai kansalliset säännöt, lait ja
standardit.
Lue tämä käyttöopas sekä sähköpumpun, mahdollisen sähkötaulun ja lisälaitteiden käyttöoppaat ennen
asennusta. Säilytä käyttöoppaat huolellisesti.
4. Kuljetus ja varastointi Kuljetus ja varastointi Kuljetus ja varastointi Kuljetus ja varastointi
Tietoja kuljettajalle Tietoja kuljettajalle Tietoja kuljettajalle Tietoja kuljettajalle
4.1
4.1
4.1
4.1
Pakatun tuotteen kuljetus, liikutus ja varastointi ja tuotteen poisto pakkauksesta
Pakatun tuotteen kuljetus, liikutus ja varastointi ja tuotteen poisto pakkauksesta
Pakatun tuotteen kuljetus, liikutus ja varastointi ja tuotteen poisto pakkauksesta
Pakatun tuotteen kuljetus, liikutus ja varastointi ja tuotteen poisto pakkauksesta
Tyypistä riippuen nostoasemat voidaan toimittaa eri kokoisissa ja muotoisissa pakkauslaatikoissa.
Pakkaukset tulee kuljettaa, liikuttaa ja varastoida pystyasennossa.
Suojaa tuote kosteudelta, lämmöltä ja mahdollisilta mekaanisilta vaurioilta (törmäykset, putoamiset jne.).
Älä aseta painoja pakkausten päälle äläkä aseta pakkauksia päällekkäin.
Poista säiliön sisälle mahdollisesti jäänyt vesi ennen nostoaseman nostoa.
Nosta nostoasemaa säiliössä olevien kahvojen avulla.
Nosta ja liikuta tuotetta varoen sopivilla nostolaitteilla. Noudata työsuojelumääräyksiä. Nostoasemaa ja
sähköpumppua ei tule koskaan nostaa sähköpumpun moottorin tai uimurin kaapelista.
Tarkista nostoaseman toimitushetkellä, ettei pakkauksessa ole näkyviä vaurioita. Jos tuote on vaurioitunut, ilmoita jälleenmyyjälle 8
päivän kuluessa toimituksesta.
4.2
4.2
4.2
4.2
Pakkauksen hävitys
Pakkauksen hävitys
Pakkauksen hävitys
Pakkauksen hävitys
Ellet voi kierrättää pakkausta, hävitä se voimassa olevien paikallisten, jätteiden lajittelua koskevien lakien mukaan.
5. Asennus Asennus Asennus Asennus
Tietoja asentajalle Tietoja asentajalle Tietoja asentajalle Tietoja asentajalle
Asennustyöt saa suorittaa ainoastaan ammattitaitoinen henkilö.
Käytä sopivia varusteita ja suojuksia. Noudata työsuojelumääräyksiä.
Tarkista aina asennuspaikan valintaa ja vesi- ja sähköliitäntää koskevat voimassa olevat paikalliset ja/tai
kansalliset säännöt, lait ja standardit.
VAROITUS VAROITUS

fifififi
78
Lue tämä käyttöopas sekä sähköpumpun, mahdollisen sähkötaulun ja lisälaitteiden käyttöoppaat ennen
asennusta.
Jos tuotteessa on näkyviä vaurioita, älä asenna sitä vaan ota yhteys huoltopalveluun.
5.1
5.1
5.1
5.1
Asennuspaikan valinta
Asennuspaikan valinta
Asennuspaikan valinta
Asennuspaikan valinta
5.1.1
5.1.1
5.1.1
5.1.1
Nosto
Nosto
Nosto
Nostoaseman asennus rakennuksen sisäpuolelle
aseman asennus rakennuksen sisäpuolelle
aseman asennus rakennuksen sisäpuolelle
aseman asennus rakennuksen sisäpuolelle
Aseta nostoasema vaakasuoralle ja tasaiselle lattialle, joka kykenee kannattamaan nostoaseman painon
toiminnan aikana.
Jätä vähintään 60 cm esteetöntä tilaa nostoaseman ympärille ja yläpuolelle asennuksen ja huollon helpottamiseksi.
Nostoasema tulee kiinnittää, niin ettei se pääse pyörimään.
Nostoasema tulee suojata jäätymiseltä ja tuulettaa, jotta myrkyllisten ja/tai syttyvien yhdisteiden
muodostuminen estetään.
Sijoita mahdollinen kondensaattoriteline ja/tai sähkötaulu ilmastotekijöiltä suojattuun paikkaan. Noudata
luvussa 3.1 annettuja rajoituksia.
5.1.2
5.1.2
5.1.2
5.1.2
Nostoaseman asennus rakennuksen ulkopuolelle
Nostoaseman asennus rakennuksen ulkopuolelle
Nostoaseman asennus rakennuksen ulkopuolelle
Nostoaseman asennus rakennuksen ulkopuolelle
Älä sijoita nostoasemaa suoraan maahan. Valitulla maaperällä ei tule olla pohjavesiä eikä tulvavaaraa.
Kiinnitä nostoasema, niin ettei se pääse pyörimään tai kellumaan. Voit käyttää apuna säiliön alaosassa olevia
kiinnityssilmukoita.
Käytössä tulee olla vaakasuora alusta, joka kykenee kannattamaan nostoaseman painon toiminnan aikana.
Maaperän ominaisuuksista riippuen saattaa osoittautua välttämättömäksi valmistaa seinät tiilistä, valmiista
elementeistä tai betonista. Täytä kuopan ja nostoaseman välille jäävä tila hiekalla. Tiivistä hiekka
asianmukaisesti.
Suojaa nostoasema jäätymiseltä.
Älä aja moottoriajoneuvolla kannen päältä.
Singlebox Plus / Doublebox Plus: maahan upotettu nostoasema kestää 100 kg päältä kulkevaa kuormitusta.
Voit sulkea kuopan kannella (kaivonkansi) tai vastaavalla huollon helpottamiseksi. Varoita nostoasemasta sopivalla järjestelmällä
välttääksesi tahattomat vauriot. Jätä nostoaseman ympärille ja yläpuolelle riittävästi tilaa, jotta asennus ja huolto voidaan suorittaa
esteettömästi.
Sijoita mahdollinen kondensaattoriteline ja/tai sähkötaulu ilmastotekijöiltä suojattuun paikkaan. Noudata
luvussa 3.1 annettuja rajoituksia.
Kun olet suorittanut vesi- ja sähköliitännän, levitä nostoaseman ympärille puhdasta hiekkaa vähentääksesi järjestelmän ja/tai ympärillä
olevan maaperän aiheuttamia liikkeitä.
5.1.3
5.1.3
5.1.3
5.1.3
Sähkötaulun valinta
Sähkötaulun valinta
Sähkötaulun valinta
Sähkötaulun valinta
Nostoasemassa tulee olla riittävä ylikuorma- ja oikosulkusuojaus.
Varmista, että sähkötaulun ja sähköpumpun sähköarvot sopivat yhteen. Virheellisestä kytkennästä saattaa
olla seurauksena vikoja eikä sähkömoottorin suojausta voida taata.
Ks. sähköpumpun käyttöopasta ja sähkötaulun ohessa toimitettuja ohjeita.
6. Käyttöönotto Käyttöönotto Käyttöönotto Käyttöönotto
Tietoja asentajalle Tietoja asentajalle Tietoja asentajalle Tietoja asentajalle
Lue tämä, sähköpumpun ja sähkötaulun käyttöopas ennen käyttöönottoa. Säilytä käyttöoppaat huolellisesti.
Ainoastaan ammattitaitoinen henkilö saa suorittaa käyttöönoton voimassa olevien standardien mukaisesti.
Tarkista aina paikalliset ja/tai kansalliset säännöt, lait ja standardit.
Ota yhteys Lowara-huoltopalveluun järjestelmän käyttöönottamiseksi.
6.1
6.1
6.1
6.1
Vesiliitäntä
Vesiliitäntä
Vesiliitäntä
Vesiliitäntä
Ainoastaan ammattitaitoinen henkilö saa tehdä vesiliitännän voimassa olevien standardien mukaisesti.
Midibox/Singlebox Plus/Doublebox Plus -sarjan nostoasemilla on useita putkien sisään- ja ulostulovaihtoehtoja. Asennustyypistä ja
paikallisista voimassa olevista standardeista riippuen saattaa olla välttämätöntä asentaa hajulukko, takaiskuventtiili ja/tai hana
julkiseen/yksityiseen viemäriverkkoon tai muihin putkiin liitettävään liitosputkeen. Tarkista aina paikalliset ja/tai kansalliset säännöt,
lait ja standardit. Asenna joka tapauksessa nostoasemaa ennen ja sen jälkeen takaisku- ja sulkuventtiilit. Luvussa 11.6 annetaan
asennusesimerkki.
Kaikki putket tulee asentaa, niin etteivät ne kuormitu. Putket eivät saa kuormittaa nostoasemaa. Tarkista, että
sähköpumppu on kiinnitetty tukevasti putkiin ja että kaikki vesiliitännät ovat kireällä ja vesitiiviitä.
Käytä tarvittaessa sopivia välineitä estääksesi tärinän välittymisen. Suojaa putket jäätymiseltä.

fifififi
79
6.1.1
6.1.1
6.1.1
6.1.1
Putkien avaus ja liitosten valmistelu
Putkien avaus ja liitosten valmistelu
Putkien avaus ja liitosten valmistelu
Putkien avaus ja liitosten valmistelu
6.1.1.1
6.1.1.1
6.1.1.1
6.1.1.1
Midibox
Midibox
Midibox
Midibox
Etsi avattava liitoskohta. Sahaa putken loppuosaa noin 20 mm ja poista purseet ja jätemateriaali.
6.1.1.2
6.1.1.2
6.1.1.2
6.1.1.2
Singlebox Plus/Doublebox Plus
Singlebox Plus/Doublebox Plus
Singlebox Plus/Doublebox Plus
Singlebox Plus/Doublebox Plus
Etsi avattava liitoskohta. Poista liitoksen pohja ja purseet. Aseta tiiviste, niin että sen laippa on vasten säiliön ulkoseinää.
6.1.2
6.1.2
6.1.2
6.1.2
Liitäntä syöttöputkeen
Liitäntä syöttöputkeen
Liitäntä syöttöputkeen
Liitäntä syöttöputkeen
Etsi nostoaseman syöttöputken liitoskohta, joka on merkitty symbolilla
. Avaa liitoskohta ja liitä ulkoinen syöttöputki, niin että se
pääsee tyhjenemään itse ja niin ettei nesteen tulo häiritse uimurien toimintaa. Tarkista, että liitos on vesitiivis.
Singlebox Plus/Doublebox Plus: syöttövaihtoehtoja on useita.
6.1.3
6.1.3
6.1.3
6.1.3
Liitäntä poistoputkeen
Liitäntä poistoputkeen
Liitäntä poistoputkeen
Liitäntä poistoputkeen
Nostoasema toimitetaan poistoputki jo pumppuun liitettynä. Poistokohta on merkitty symbolilla
.
Tarkista, että liittimet ovat kireällä ja vesitiiviitä. Liitä poistoputki nostoaseman ulkoseinässä oleviin liittimiin. Tarkista, että liitos on
vesitiivis. Ks. poistoputken liitosta koskevia tietoja taulukosta 11.1. Liitä poistoputki julkisen/yksityisen viemäriverkon liitosputkeen.
Tarkista, että nostoaseman poistoputkessa on EN 12056-4 -standardin mukainen takaiskuventtiili.
6.1.4
6.1.4
6.1.4
6.1.4
Liitäntä tuuletusputkeen
Liitäntä tuuletusputkeen
Liitäntä tuuletusputkeen
Liitäntä tuuletusputkeen
Muista asentaa tuuletusputki, jotta syttyvien, räjähdysvaarallisten ja/tai myrkyllisten yhdisteiden muodostuminen estetään.
Etsi nostoaseman tuuletusputken liitoskohta, joka on merkitty symbolilla
. Avaa liitoskohta ja liitä ulkoinen tuuletusputki, niin että
se kuljettaa mahdollisen kondensaatin nostoasemaan. Tarkista, että liitos on vesitiivis.
Kansallisissa standardeissa saatetaan vaatia erilaiset suhteet poisto- ja tuuletusputken halkaisijan välillä.
Varmista, että putken ulostulo on ulkona (esim. katon päällä, jos nostoasema on asennettu rakennuksen sisäpuolelle) ja etteivät
poistetut kaasut pääse muihin tiloihin (esim. rakennukset, huoneet ja vastaavat).
6.1.5
6.1.5
6.1.5
6.1.5
Liitäntä hätätyhjennysputkeen
Liitäntä hätätyhjennysputkeen
Liitäntä hätätyhjennysputkeen
Liitäntä hätätyhjennysputkeen
Nostoaseman pohjassa on hätätyhjennysjärjestelmän valmius, joka on merkitty symbolilla
. Voit käyttää liitosta liittääksesi
apupumpun (esim. käsikalvopumppu), jolla tulee olla eri tyhjennysputki kuin nostoaseman sisällä olevalla sähköpumpulla.
Käsipumppu on saatavilla lisäsarjana.
Etsi nostoaseman pohjasta putken liitoskohta, avaa liitoskohta ja liitä ulkoinen hätätyhjennysputki. Tarkista, että liitos on vesitiivis.
6.1.6
6.1.6
6.1.6
6.1.6
Takaiskuventtiili
Takaiskuventtiili
Takaiskuventtiili
Takaiskuventtiili
Asenna takaiskuventtiili putkeen, jolla pumppu on liitetty julkiseen/yksityiseen viemäriverkkoon. Siten estät nesteen takaisinvirtauksen.
Jos valitset palloventtiilin, tarkista onko siinä oleva pallo uppoavaa (painava) vai kelluvaa (kevyt) tyyppiä, sillä niiden asennus- ja
käyttöolosuhteet ovat erilaiset.
Asenna venttiili vähintään 1 metrin etäisyydelle nostoasemasta, jotta pumpatun nesteen virtaus avaa venttiilin sulkimen (ellei
valmistaja ilmoita toisin).
Tarkista aina paikalliset ja/tai kansalliset säännöt, lait ja standardit.
6.1.7
6.1.7
6.1.7
6.1.7
Sulkuventtiili
Sulkuventtiili
Sulkuventtiili
Sulkuventtiili
Asenna sulkuventtiili sekä syöttö- että poistoputkeen (liitäntä julkiseen/yksityiseen viemäriverkkoon). Siten voit suorittaa huoltotyöt
joutumatta tyhjentämään koko järjestelmää. Voit käyttää läppä- tai kuulaventtiilejä.
6.1.8
6.1.8
6.1.8
6.1.8
Pumpun asennus
Pumpun asennus
Pumpun asennus
Pumpun asennus
Sähköpumppu toimitetaan jo nostoasemaan asennettuna. Tarkista, ettei se ole vaurioitunut. Poista tarvittaessa sähköpumpun
kiinnittimet ennen käyttöönottoa.
6.1.9
6.1.9
6.1.9
6.1.9
Uimuri
Uimuri
Uimuri
Uimuri
Sisälle asennetun pumpun tyypistä riippuen nostoasemassa saattaa olla yksi tai useampi uimuri. Uimurit on jo asennettu ja kalibroitu.
Yksi uimureista on saatettu sijoittaa muita korkeammalle nostoasemassa. Tämän uimurin tehtävänä on ilmoittaa säiliön
poikkeuksellisen korkeasta nestetasosta. Tässä tapauksessa käytössä tulee olla sähkötaulu.
6.1.10
6.1.10
6.1.10
6.1.10
Kannen asennus
Kannen asennus
Kannen asennus
Kannen asennus
Tarkista, että kannen tiiviste asettuu pohjaan asti ennen kuin ruuvaat kannen kiinni säiliöön.
Tarkista, ettei tiiviste luista kierteessä ruuvauksen aikana.
Jos nostoasema asennetaan rakennuksen sisäpuolelle, kansi tulee ruuvata pohjaan asti, jotta nostoasema on neste- ja kaasutiivis.
Jotta kantta ei voida avata luvatta, kiinnitä se nostoasemaan ohessa toimitetulla ruuvilla ja aluslaatalla. Ruuvi tulee asettaa kannen
ulkoreunassa olevan aukon kautta ja se tulee ruuvata sille tarkoitettuun reikään säiliössä. Aluslaatta tulee asettaa ruuvin kannan ja
kannen yläpinnan välille. Kanteen on saatettu kiinnittää lukko. Avaa ja sulje kansi tällöin ohessa toimitetulla avaimella.

fifififi
80
6.1.11
6.1.11
6.1.11
6.1.11
Kannen jatkeen asennus
Kannen jatkeen asennus
Kannen jatkeen asennus
Kannen jatkeen asennus
Jos nostoasema asennetaan rakennuksen ulkopuolelle, siihen voidaan asentaa 300 mm korkea kannen jatke.
Jatkeessa on samanlainen tiiviste kuin kannessa. Ks. kannen asennusluvusta, kuinka jatke ruuvataan tiivisteen kanssa.
Kun olet ruuvannut kannen jatkeen, varmista ettei se pääse ruuvautumaan auki tai löystymään. Käytä kannen jatkeen ohessa
toimitettua ruuvia. Tee Ø 3 mm reikä kannen jatkeen kierrealueelle ja ruuvaa kiinni.
Voit asentaa enintään 2 kannen jatketta.
6.1.12
6.1.12
6.1.12
6.1.12
Sähköliitäntä
Sähköliitäntä
Sähköliitäntä
Sähköliitäntä
Ainoastaan ammattitaitoinen asentaja saa tehdä sähköliitännän voimassa olevien standardien mukaisesti.
Varmista, että verkkotyyppi, -jännite ja -taajuus sopivat sähköpumpun ja -taulun arvokilvissä annetuille
nimellisarvoille. Varmista, että sähköverkossa on asianmukainen oikosulkusuojaus.
Lue sähköpumpun ja mahdollisen sähkötaulun käyttöoppaat, ohjeet ja mahdolliset sähkökaaviot ennen
sähköliitäntää.
Varmista ennen toimenpiteitä, ettei missään liitännöissä (myös niissä, joissa ei ole potentiaalia) ole jännitettä.
Sähköpumpuissa saattaa olla moottoriin sisäänrakennettu ylikuormasuoja (moottorisuoja). Ole varovainen,
sillä sähköpumppu saattaa käynnistyä tahattomasti uudelleen, kun moottorin käämi on jäähtynyt.
Asenna sähköverkkoon seuraavat laitteet, ellei voimassa olevissa paikallisissa määräyksissä määrätä toisin:
•
oikosulkusuoja
•
erittäin herkkä (30 mA) vikavirtakytkin (suojakytkin), joka suojaa sähköiskuilta, jos maadoitus ei toimi
•
suojakatkaisin, jonka napojen avausväli on vähintään 3 mm.
Nostoasema toimitetaan sähkökaapelilla varustettuna. Liitä kaapeli sähköverkkoon.
Jos nostoasema asennetaan rakennuksen sisäpuolelle, kaapelien tulee kulkea säiliössä olevien kaapelinpuristimien läpi. Jos
nostoasema upotetaan maahan, voit käyttää kaapelin lisäläpivientiä. Etsi nostoasemasta kaapelin läpivientikohta, joka on merkitty
symbolilla
. Avaa liitoskohta, liitä kaapeliputki ja kuljeta kaapelit sisälle. Varmista, että putki on vesitiivis.
Varmista, että säiliön sisälle jää riittävä määrä kaapelia pumpun poistamiseksi.
Suorita sähköliitäntä.
6.2
6.2
6.2
6.2
Ensimmäinen käynnistys
Ensimmäinen käynnistys
Ensimmäinen käynnistys
Ensimmäinen käynnistys
Varmista ennen nostoaseman ja sähköpumpun käynnistystä, ettei järjestelmässä ja säiliössä ole järjestelmän
toimintaa haittaavia jäämiä tai muuta materiaalia.
Tässä vaiheessa voit jättää syöttöputkeen sijoitetun sulkuventtiilin kiinni ja täyttää nostoaseman puhtaalla vedellä. Avaa
poistoputkeen sijoitettu sulkuventtiili ja tarkista, että putket ovat kireällä ja vesitiiviitä. Tarkista, että sähköpumppu toimii
asianmukaisesti. Tarkista lisäksi, että sähköpumppu on käynnistystäytetty.
Avaa syöttöputkeen sijoitettu sulkuventtiili ja tarkista, että nostoasema toimii asianmukaisesti.
Eri käyttöyksiköistä tuleva nestevirtaus ei saa estää nostoasemassa olevien uimureiden asianmukaista
toimintaa.
Jos sähköpumppu on kolmivaiheinen, tarkista että juoksupyörä pyörii oikeaan suuntaan. Ks. myös sähköpumpun käyttöopasta.
Tarkista, että uimurien laukeamistasot ovat oikeat ja säädä ne tarvittaessa järjestelmän tarpeiden mukaiseksi.
Jos käytössä on kaksi sähköpumppua, uimurit säädetään niin että toinen sähköpumppu käynnistyy ensimmäisen jälkeen ainoastaan,
ellei ensimmäinen kykene toimittamaan viemäriverkkoon kaikkea käyttöyksiköistä saapuvaa nestettä.
Tarkista, ettei sähköpumppu pääse tyhjenemään toiminnan aikana. Tarkista, että maksimikäynnistysmäärä tunnissa sopii järjestelmän
osien ominaisuuksille.
Tarkista, että järjestelmä toimii asianmukaisesti ja ota se käyttöön.
Sulje nostoaseman kansi tai kannet ruuvaamalla ne kiinni. Kiinnitä kansi tarvittaessa paikalleen estääksesi sen luvattomat avaukset..
6.2.1
6.2.1
6.2.1
6.2.1
Virtausnopeus toiminnan aikana
Virtausnopeus toiminnan aikana
Virtausnopeus toiminnan aikana
Virtausnopeus toiminnan aikana
Varmista, että poistoputken nesteen virtausnopeus on vähintään 0,7 m/s, mutta kuitenkin alle 2,3 m/s.
6.3
6.3
6.3
6.3
Toiminta
Toiminta
Toiminta
Toiminta
Kun säiliön sisällä oleva neste saavuttaa sähköpumpun ohjausuimurin koskettimen sulkeutumista vastaavan tason, sähköpumppu
käynnistyy ja tyhjentää nostoaseman vähitellen. Sähköpumppu pysähtyy nesteen saavuttaessa uimurin koskettimen avautumista
vastaavan minimitason.
Jos käytössä on kaksi sähköpumppua, toinen sähköpumppu käynnistyy ensimmäisen jälkeen ainoastaan, ellei ensimmäinen kykene
toimittamaan viemäriverkkoon kaikkea käyttöyksiköistä saapuvaa nestettä.
Yksi uimureista on saatettu sijoittaa muita korkeammalle nostoasemassa. Sen tehtävänä on ilmoittaa säiliön poikkeuksellisen
korkeasta nestetasosta.
7. Huolto, asiakaspalvelu, varaosat Huolto, asiakaspalvelu, varaosat Huolto, asiakaspalvelu, varaosat Huolto, asiakaspalvelu, varaosat
Tietoja huoltohenkilölle Tietoja huoltohenkilölle Tietoja huoltohenkilölle Tietoja huoltohenkilölle
Noudata seuraavia sääntöjä, jos tuotteeseen joudutaan suorittamaan toimenpiteitä.