Nec LCD1850X: Besturingselementen

Besturingselementen: Nec LCD1850X

background image

Nederlands-9

Nederlands

Menu

Hiermee verlaat u het menu met de

OSM-besturingselementen.

Hiermee schakelt u over naar het hoofdmenu met

OSM-besturingselementen.

Hiermee verplaatst u de markeringsbalk naar links of naar

rechts om een optie in het menu te selecteren.

Hiermee verplaatst u de markeringsbalk naar boven of

naar beneden om een optie in het menu te selecteren.

Hiermee verplaatst u de markeringsbalk naar links of naar

rechts om de waarde te vergroten of te verkleinen.

Hiermee activeert u de functie Auto Adjust.

Hiermee activeert u het submenu.

Hiermee verplaatst u de markeringsbalk van het

hoofdmenu naar rechts om een optie in het menu

te selecteren.

Hiermee stelt u voor het geselecteerde menu opnieuw de

fabrieksinstelling in.

Hiermee stelt u voor de geselecteerde optie opnieuw de

fabrieksinstelling in.

Besturingselementen

OSM-besturingselementen (On-Screen Manager)

U gebruikt de OSM-besturingselementen aan de voorzijde van de monitor

als volgt:

U opent het menu met OSM-besturingselementen door op een van de

besturingsknoppen ( ,

-

 of

 +

) te drukken.

Als u het DVI/D-SUB ingangssignaal wilt wijzigen, drukt u op de knop NEXT.

Als u een andere stand (Liggend of Staand) wilt selecteren, drukt u op de

knop RESET.

OPMERKING:

u kunt het ingangssignaal en de weergavestand (Liggend

of Staand) alleen wijzigen wanneer het menu met OSM-

besturingselementen niet op het scherm wordt

weergegeven.

OPMERKING:

wanneer u in het hoofdmenu of een submenu op de knop

RESET drukt, verschijnt een venster waarin u de functie

RESET alsnog kunt annuleren door op de knop EXIT te

drukken.

Knop

EXIT

CONTROL  /

ADJUST -/+

NEXT

RESET

08_Dutch_innen

2/4/01, 3:40 pm

9

background image

Nederlands-10

Helderheid/contrast

BRIGHTNESS (Helderheid)

Hiermee stelt u de algemene helderheid van het beeld en

de achtergrond op het scherm in.

CONTRAST

Hiermee stelt u de helderheid van het beeld ten opzichte

van de achtergrond in.

AUTO ADJUST (Automatische regeling, alleen

analoge ingang)

Hiermee stelt u het weergegeven beeld voor niet-standaard

ingangssignalen in.

Automatische regeling (alleen analoge ingang)

Hiermee past u automatisch de besturingselementen voor

beeldpositie, breedte en fijnafstelling aan.

Positie (alleen analoge ingang)

LEFT/RIGHT (Links/rechts)

Hiermee stelt u de horizontale positie van het beeld binnen

het weergavegebied van het LCD in.

DOWN/UP (Omhoog/omlaag):

Hiermee stelt u de verticale positie van het beeld binnen

het weergavegebied van het LCD in.

H. SIZE (Breedte)

U past de breedte aan door de waarde van dit

besturingselement te verhogen of te verlagen.

FINE (Fijnafstelling)

U verbetert de scherpte, zuiverheid en stabiliteit van het

beeld door de waarde van deze instelling te verhogen of

te verlagen.

Kleurenbeheersysteem

U kunt de gewenste kleuren instellen met behulp van zes

vooraf ingestelde kleurensets (de kleurensets sRGB en

NATIVE zijn altijd aanwezig en kunnen niet worden

gewijzigd). In elke kleurenset kunt u een hogere of

lagere kleurentemperatuur instellen.

08_Dutch_innen

2/4/01, 3:40 pm

10

background image

Nederlands-11

Nederlands

R,Y,G,C,B,M,S

Hiermee verhoogt of verlaagt u de kleur rood, geel, groen,

cyaan, blauw of magenta en de verzadiging, afhankelijk

van de optie die is geselecteerd. Als u een kleur verandert,

is dit onmiddellijk zichtbaar op het scherm. De instelling

(hoger of lager) wordt door de kleurenbalken aangegeven.

sRGB

De modus sRGB biedt een enorme verbetering van de

kleurengetrouwheid in desktopomgevingen omdat slechts

één standaard RGB-kleurenruimte wordt gebruikt. Dankzij

deze standaard kunt u voor de meeste toepassingen

makkelijk en met een gerust hart kleuren doorsturen

(bijvoorbeeld naar het servicebureau) zonder dat verder

kleurenbeheer (en de overeenkomstige kosten) vereist is.

NATIVE (Standaard)

De oorspronkelijke kleur die door het LCD wordt

weergegeven. Deze kleur kan niet worden gewijzigd.

Hulpmiddelen 1

SMOOTHING (Zachter maken)

Selecteer een van de drie instellingen voor de

beeldscherpte. Deze functie is alleen beschikbaar

wanneer de functie voor uitgebreide weergave

(uitbreidingsmodus) is ingeschakeld.

TEXT MODE (Tekstmodus)

Gebruik deze modus om tekst duidelijk weer te geven.

NORMAL MODE (Normale modus)

Deze scherpte ligt tussen TEXT MODE en GRAPHIC

MODE.

GRAPHIC MODE (Grafische modus)

Deze modus is geschikt voor afbeeldingen en foto’s.

EXPANSION MODE (Uitbreidingsmodus)

Hiermee stelt u de zoommethode in.

FULL (Volledig)

Het beeld wordt uitgebreid naar 1280 x 1024, ongeacht

de resolutie.

08_Dutch_innen

2/4/01, 3:40 pm

11

background image

Nederlands-12

ASPECT (Vaste verhouding)

Het beeld wordt uitgebreid zonder dat de verhouding

wordt gewijzigd.

OFF (Uit)

Het beeld wordt niet uitgebreid.

CUSTOM (Aangepast) (alleen digitale ingang en

resolutie van 1280 x 1024)

Selecteer een van de zeven uitbreidingswaarden.

In deze modus kan de resolutie laag zijn en bevat het

scherm mogelijk lege gebieden. Gebruik deze modus

voor speciale videokaarten.

Video Detect (Signaaldetectie)

Hiermee selecteert u de videodetectiemethode die wordt

gebruikt wanneer meer dan één computer op de monitor

is aangesloten.

FIRST DETECT (Eerste detecteren)

U moet de video-ingang op de modus “FIRST DETECT”

instellen. Wanneer het huidige ingangssignaal niet

aanwezig is, zoekt de monitor een videosignaal op de

andere ingangspoort. Als het videosignaal zich op de

andere poort bevindt, schakelt de monitor automatisch

de nieuwe gedetecteerde signaalbron in. De monitor

zoekt geen andere videosignalen wanneer de huidige

videobron aanwezig is.

LAST DETECT (Laatste detecteren)

U moet de video-ingang op de modus “LAST DETECT”

instellen. Wanneer de monitor een signaal weergeeft dat

afkomstig is van de huidige bron en er wordt een signaal

geleverd door een nieuwe, secundaire bron, schakelt de

monitor automatisch over op de nieuwe videobron.

Wanneer het huidige ingangssignaal niet aanwezig is,

zoekt de monitor een videosignaal op de andere

ingangspoort. Als het videosignaal zich op de andere

poort bevindt, schakelt de monitor automatisch de

nieuwe gedetecteerde signaalbron in.

NONE (Geen)

De monitor zoekt geen beeldsignaal op de

andereingangspoort tenzij de monitor wordt

ingeschakeld.

08_Dutch_innen

2/4/01, 3:40 pm

12

background image

Nederlands-13

Nederlands

DVI SELECTION (DVI-selectie)

Met deze functie selecteert u de DVI-ingangsmodus.

Wanneer u de DVI-selectie wijzigt, moet u de computer

opnieuw opstarten.

DIGITAL (Digitaal)

De digitale DVI-ingang is beschikbaar.

ANALOG (Analoog)

De analoge DVI-ingang is beschikbaar.

Hulpmiddelen 2

LANGUAGE (Taal)

De menu’s van de OSM-besturingselementen zijn

beschikbaar in zeven talen.

OSM POSITION (POSITIE OSM)

U bepaalt zelf waar u het menu met de OSM-besturings-

elementen op het scherm wilt laten verschijnen. Als u OSM

Position selecteert, kunt u handmatig de positie van het

menu met de OSM-besturingselementen naar links, naar

rechts, omhoog of omlaag verschuiven.

OSM TURN OFF (OSM UITSCHAKELEN)

Het menu met de OSM-besturingselementen blijft op het

scherm zolang u het gebruikt. In het submenu OSM Turn

Off kunt u opgeven hoe lang de inactiviteit op de monitor

moet duren (nadat u voor het laatst een knop hebt

ingedrukt) voordat het menu met de OSM-besturings-

elementen automatisch verdwijnt. De vaste instellingen

in dit menu zijn 10, 20, 30, 45, 60 en 120 seconden.

OSM LOCK OUT (OSM VERGRENDELEN)

Hiermee vergrendelt u de toegang tot alle OSM-functies.

Als u probeert de OSM-besturingselementen opnieuw te

gebruiken wanneer de beveiligde modus is geactiveerd,

verschijnt een venster op het scherm met de melding dat

de OSM-besturingselementen zijn vergrendeld. Als u de

vergrendeling van de OSM-functies wilt inschakelen, drukt

u eerst op de knop   en vervolgens op  . Houd beide

knoppen tegelijk ingedrukt. Als u de vergrendeling van de

OSM-functies wilt uitschakelen, drukt u eerst op de knop 

en vervolgens op  . Houd beide knoppen tegelijk ingedrukt.

08_Dutch_innen

2/4/01, 3:40 pm

13

background image

Nederlands-14

RESOLUTION NOTIFIER (Resolutiemelding)

De optimale resolutie is 1280 x 1024. Als ON is

geselecteerd, verschijnt na 30 seconden een bericht

op het scherm met de melding dat de resolutie niet op

1280 x 1024 is ingesteld.

FACTORY PRESET (Fabrieksinstelling)

Als u de optie Factory Preset kiest, worden voor alle

OSM-besturingselementen opnieuw de fabrieksinstellingen

geladen. Hiertoe dient u de knop RESET enkele seconden

ingedrukt te houden. U kunt de instellingen afzonderlijk

aanpassen door de gewenste functie te selecteren en op

de knop RESET te drukken.

Informatie

DISPLAY MODE (Weergavemodus)

Biedt informatie over de actieve weergaveresolutie en

technische gegevens, inclusief de vooraf ingestelde

timing die voor de horizontale en verticale frequentie

wordt gebruikt.

Hiermee verhoogt of verlaagt u de huidige resolutie (alleen

analoge ingang).

MONITOR INFO (Monitorgegevens)

Geeft de naam van het model en het serienummer van de

monitor weer.

OSM-waarschuwing

OSM-waarschuwingsmenu’s verdwijnen wanneer u op de knop

Exit drukt.

NO SIGNAL (Geen signaal):

 Deze functie geeft een

waarschuwing weer wanneer er geen signaal aanwezig is.

Het venster 

No Signal

 verschijnt nadat de voeding is

ingeschakeld, wanneer een ander ingangssignaal

wordt geselecteerd of het videosignaal inactief is.

RESOLUTION NOTIFIER (Resolutiemelding):

 Deze

functie geeft een waarschuwing weer voor het gebruik

van de optimale resolutie. Het venster 

Resolution Notifier

verschijnt nadat de voeding is ingeschakeld, wanneer

een ander ingangssignaal wordt geselecteerd of het

videosignaal niet de juiste resolutie heeft. Deze functie

kan worden uitgeschakeld in het menu TOOLS.

08_Dutch_innen

2/4/01, 3:40 pm

14

background image

Nederlands-15

Nederlands

OUT OF RANGE (Buiten bereik):

 Deze functie geeft

een suggestie voor de optimale resolutie en verversings-

frequentie. Het menu 

Out of Range

 verschijnt nadat de

voeding is ingeschakeld, wanneer een ander ingangs-

signaal wordt geselecteerd of het videosignaal niet de

juiste timing heeft.

CHECK CABLE (Controleer kabel):

 Deze functie

adviseert u te controleren of alle video-ingangen van

de monitor en computer goed zijn aangesloten.

OPMERKING:

als “  CHANGE DVI SELECTION” (DVI-instelling wijzigen)

verschijnt, selecteert u de optie DVI SELECTION.

08_Dutch_innen

2/4/01, 3:40 pm

15