Jotul F3: 3.0 Installatie

3.0 Installatie: Jotul F3

background image

42

Brandstofverbruik

De Jøtul F 

3

 heeft door zijn efficiëntie een nominale capaciteit van 

6,0 kW

. Benodigde hoeveelheid hout voor nominale warmteafgifte: 

ongeveer 

2,0 kg per uur

. Een andere belangrijke factor voor het 

brandstofverbruik is dat het brandhout het juiste formaat heeft. 

Het brandhout moet het volgende formaat hebben:

Aanmaakhout:

Lengte: 20 - 30 cm

Diameter: 2 - 5 cm

Hoeveelheid per vuur: 6 - 8 stuks

Brandhout (gehakte blokken):

Lengte aangetekend: 30 cm

Diameter: Ongeveer 8 cm

Intervallen voor het aanvullen van het hout: Ongeveer iedere 60 

minuten

Grootte van het vuur:  2 kg 

Hoeveelheid per lading:  2 stuks

De nominale warmteafgifte wordt bereikt wanneer de 

ventilatieopening 100% is geopend.

3.0 Installatie

3.1 Vloer

Fundament

Het fundament moet op de haard berekend zijn. Zie 

«2.0 

Technische gegevens»

 voor het gewicht van de haard. Het wordt 

aanbevolen om een vloer die niet aan het fundament bevestigd is, 

een zogenaamde zwevende vloer, bij de installatie te verwijderen.

Vereisten ter bescherming van een houten 

vloer 

Jøtul F 

3

 beschikt over een hitteschild aan de onderkant van de 

haard. Dit hitteschild beschermt de vloer tegen warmtestraling. 

De haard kan daarom rechtstreeks op een houten vloer worden 

geplaatst, waarbij de vloer moet worden afgedekt met een plaat 

van staal of van een ander onbrandbaar materiaal. De aanbevolen 

dikte is minstens 0,9 mm.

Vloeren van brandbaar materiaal, zoals linoleum, tapijt, 

enzovoort, moeten onder de vloerplaat worden verwijderd.

Brandbare vloeren voor de haard moeten 

voldoen aan het volgende

De vloerplaat moet in overeenstemming zijn met de nationale 

wetten en voorschriften. (Zie bouwreglementen.) 

Neem contact op met de afdeling Bouwtoezicht van uw 

gemeente voor informatie over beperkingen en installatieeisen.

3.2 Muren

De afstand tot de muur van brandbaar 

materiaal, conform afb. 1

De haard is goedgekeurd voor gebruik met een niet-geïsoleerde 

kachelpijp bij afstanden tot een muur van brandbaar materiaal 

zoals in 

afb. 1.

Afstand tot muren beschermd door een 

brandmuur

De brandmuur moet voldoen aan

De brandmuur moet ten minste 

100 mm 

dik

 zijn en van baksteen, 

betonsteen of licht beton zijn gemaakt. U kunt ook andere 

goedgekeurde materialen en constructies gebruiken.

3.3 Plafond

De afstand tot een brandbaar dak boven de haard moet minimaal

1200 mm 

zijn.

3.4 Schoorstenen en kachelpijpen

•  De haard kan worden aangesloten op een schoorsteen en 

kachelpijp die zijn goedgekeurd voor met vaste brandstof 

gestookte haarden met rookgastemperaturen zoals 

opgegeven in 

«2.0 Technische gegevens»

• 

De doorsnede van de schoorsteen moet ten minste even groot 

NEDERLANDS

background image

43

NEDERLANDS

zijn als de doorsnede van de kachelpijp. Zie 

«2.0 Technische 

gegevens»

 voor informatie over het berekenen van de 

doorsnede van de schoorsteen. 

• 

Er kunnen meerdere met vaste brandstof gestookte haarden 

worden aangesloten op dezelfde schoorsteen als de 

doorsnede van de schoorsteen groot genoeg is.

• 

De haard moet worden aangesloten op een eigen schoorsteen. 

Neem contact op met de afdeling Bouwtoezicht van uw 

gemeente voor informatie over beperkingen en installatie-

eisen.

•  Voordat u een opening in de schoorsteen maakt, moet de 

haard als proef worden geplaatst om te zorgen voor de juiste 

positie ten opzichte van de schoorsteen.  Zie afb. 

1

 voor de 

minimale afmetingen. 

•  Zorg dat de kachelpijp omhoog wijst in de richting van de 

schoorsteen.

• 

Gebruik een kachelpijpbocht met een veegluik, zodat de pijp 

kan worden geveegd.

Houd er rekening mee dat de aansluitingen enigszins flexibel 

moeten zijn om te voorkomen dat kleine verplaatsingen tijdens 

de installatie schade veroorzaken.  

Opmerking! Een juiste en 

luchtdichte aansluiting is van groot belang voor het goed 

functioneren van de haard.

Aanbevolen luchtstroom van schoorsteen, «2.0 Technische 

gegevens». Als de luchtstroom te sterk is, kunt u een luchtklep 

installeren en gebruiken om de luchtstroom te regelen.

3.5 Montage vóór plaatsing

Controleer of de inzethaard geen transportschade heeft 

opgelopen voordat u de haard installeert.

NB! Dit product is zwaar. Daarom hebt u bij het monteren en bij 

het plaatsen van de haard hulp nodig.

Na het uitpakken de deur aan de scharnieren hangen, en losse 

onderdelen eruithalen 

(Afb. 2)

. Meegeleverd worden een aslade, 

een hendel voor de deur en in plastic verpakte schroeven.

1.  Schroef de deur los. Verwijder niet het afdichtingskoord dat 

onder de onderste scharnierpin ligt.

2.  Als de bovenplaat eraf wordt gehaald 

(afb. 3)

, die zit vast met 

een schroef aan de zijkant, is het gemakkelijker de haard te 

verplaatsen. 

3.  De asvang onmiddellijk aan de voorkant onder de deur 

ophangen 

(afb. 2C)

.

4.  De knop aan de bedieningsgreep vastschroeven 

(afb. 2D)

.

De Jøtul F

 3

 is aan de achterkant van een warmteplaat voorzien 

(dubbele convectieplaten) en heeft aan de achter- boven- en 

zijkanten rookgasuitlaten die eruit geslagen kunnen worden.

Voor het monteren van de achterkant:

snijdt u eerst de afdekplat uit de hitteplat, en daarna slaat u met 

een kogelhamer stevig in het midden van de voor gestanste plaat 

opening voor de rookgasuitlaat 

(afb. 5)

.

Bij het monteren aan de achterkant verwijdert u het deksel van 

buitenaf, bij het monteren aan de zijkant van binnenuit 

(afb. 5)

.

Om het deksel te monteren moet u de bovenplaat

 er af schroeven 

(zie monteren van de Jøtul F 

3

, alinea 

3

). Verwijder de schroef 

uit de dwarsstang 

(afb. 6)

 en neem het deksel van het kanaal af. 

Plaats het koord 

(afb. 7 A)

 aan de onderkant van de aansluiting 

(afb. 7 B)

. Monteer de aansluiting met de meegeleverde schroeven 

en het tussenstuk 

(afb. 7 C)

. Om het afdichting te monteren, 

moet U de bovenplaat losschroeven. Verwijdert U de schroeven 

en neem de deksel weg.

Schuif het gedeelte van het 

rookgaskanaal

 in de opening. Leg 

het afdichtingssnoer rond het kanaal, schuif het tegen de achter- 

dwz. de zijwand en vul de voeg tussen het rookgas kanaal en de 

opening met kachelkit.

Na het monteren moet de bovenplaat nauwkeurig op zijn plaats 

vastgeschroefd worden.

In het geval dat de rookgasuitlaat later aan een andere kant 

gemonteerd moet worden, kunnen deksels voor het sluiten van 

de oude rookgasuitlaat optioneel geleverd worden.

NB Sommige geemailleede modellen zijn voorbereid op 

een achteraansluiting. Zorg ervoor dat alle niet gebruikte 

aansluitingen zijn afgesloten.

3.6 Controle van de bedieningselementen 

(Afb. 2)

Als de haard op zijn plaats staat, moet u de bedienings-elementen 

controleren. Bewegende of beweegbare onderdelen dienen 

soepel te functioneren.

De Jøtul F 

3

 heeft de volgende bedienings elementen:

Ignition control (deur)  

-  

Afb. 2A

Top draft (boven)    

-  

Afb. 2B

Asdeur/aslade  

-  

Afb. 2C

3.7 De as verwijderen

Het verwijderen van de as uit de Jøtul F 

3

 is probleemloos. 

1.  Schraap de as door het rooster van de grondplaat in de aslade. 

Gebruik een handschoen of dergelijke om het handvat van 

de aslade vast te pakken en breng de as weg. 

2.  Zorg dat de aslade niet zo vol raakt dat de as niet meer door 

het rooster in de aslade kan komen. 

3.  Zorg dat de klep van de aslade goed gesloten is wanneer de 

haard wordt gebruikt.

4.  Het is beter om altijd een laagje as in de stookplaats achter 

te laten ter bescherming van de grondplaat van de haard. As 

is overigens een uitstekende meststof.

Zie punt 

«6.1 Brandpreventie»

 in de handleiding over algemeen 

gebruik en onderhoud voor het omgaan met asresten.