Citizen SR-135NPU: FUNCTIES

FUNCTIES: Citizen SR-135NPU

background image

SR135_Dutch_090326.doc      SIZE:140x75mm      SCALE 2:1      2009/3/26 

-D

2- 

FUNCTIES 

(1) 

Normale 

bewerkingen. 

   

Vier bewerkingen (+, –, x,

÷

), x

y

,

y

x

, auto-constante, bewerkingen 

met haakjes, procentberekening. 

(2) Geheugenbewerkingen (X

M, MR, M+). 

(3) Algemene mathematische functies: 

Trigonometrie (3) 

Arctrigonometrie (3) 

Logaritmes (2) 

Exponentiële functies(2) 

 kwadraten 

Machtsverheffingen 

 Vierkantswortels 

3

de

 wortel 

 Wortels 

π

 Haakjes 

Omgekeerde 

waarde 

 EXP 

+/– 

 SCI 

Faculteit 

DEG, RAD, GRAD 

Graden, minuten, seconden conversie (2) 

 FIX 

X

 RND 

Conversie 

van 

coördinaten. 

(4)  Binaire, octale, decimale en hexadecimale modus. 

  Wederzijdse conversies en bewerkingen met binaire, octale, 

decimale en hexadecimale getallen. 

(5)  Geheugenbeveiliging  wanneer de rekenmachine uitgeschakeld is. 

(6) Automatisch uitschakelen van de rekenmachine  om energie te 

besparen. 

(7) Statistische bewerkingen. 

• Aantal gegevensparen (n). 

• Som van de kwadraten van alle gegevens (

Σ

x

2

). 

• Gemiddelde ( 

x

 ). 

• 2 soorten standaardafwijkingen (

σ

n–1

σ

n

). 

• Som van alle gegevens (

Σ

x). 

(8)  Functies met 2 variabelen, conversie van polaire en rechthoekige 

coördinaten.  

HET TOETSENBORD EN DE   BEDIENINGEN 

(1) 

[

]

ON/C

SD

 :  1. De rekenmachine aanzetten en een foutmelding 

wissen.    

2. Toets voor het aanzetten en wissen van de 

statistische modus.    

   

background image

SR135_Dutch_090326.doc      SIZE:140x75mm      SCALE 2:1      2009/3/26 

-D

3- 

(2) 

[

]

CE

x!

 :  1. Toets voor het wissen van de invoer. 

  2. Faculteitsfunctie (x!). 

  x! = n x (n–1) x (n–2) x (n–3) x .....x 2 x 1 

(3) 

[OFF]

 : Toets voor het uitschakelen van de rekenmachine. 

(4) 

[SHIFT]

 : De toets voor het bepalen van de tweede functie. 

Wanneer deze toets ingedrukt wordt, zal “SHIFT” op het 

beeldscherm weergegeven worden. Wanneer u tweemaal 

na elkaar op deze toets drukt, zal de tweede functie 

geannuleerd worden.    

(5) 

[

]

DRG

: a. Druk op deze toets om de hoekmodus te veranderen in 

de volgende volgorde 

DEG

RAD

GRAD

.   De 

geselecteerde hoekmodus wordt op het LCD-scherm 

weergegeven.  

  

b. Druk eerst op [SHIFT]  en vervolgens op deze knop om 

de hoekmodus te veranderen en de weergegeven 

waarde te converteren. 

  

DEG 

 RAD : RAD = DEG x  

π

/180 

   

  

RAD 

 GRAD : GRAD = RAD x 200/

π

  

GRAD 

 DEG : DEG = GRAD x 180/200 

(6) 

[0] ~ [9]

 : Druk de toetsen in hun logische volgorde in om getallen in 

te voeren.   

(7) 

[     ]

RND

 : a.  Stelt het decimaal punt in tijdens het invoeren van 

getallen. 

b.   Wanneer u voor het invoeren van een cijfer op deze 

toets drukt dan wordt dit geïnterpreteerd als het 

indrukken van de toetsen [0] en [ • ]. 

c.  Willekeurig getal als een tweede functie. 

Druk op deze knop om het willekeurig getal weer te 

geven. 

Het bereik van het willekeurig getal is: 0.000~0.999. 

(8) 

[+/–]

 : a.  Wanneer u gegevens invoert in de mantisse (het 

gedeelte van het getal zonder exponent) zal een druk op 

deze toets het teken van de mantisse  veranderen.    

Wanneer u gegevens invoert in de exponent zal een 

druk op deze toets het teken van de exponent 

veranderen. 

b.  Wanneer het resultaat weergegeven wordt zal een druk 

op deze knop het teken van de mantisse van het 

resultaat veranderen. 

(9) 

[+], [–], [x], [ 

÷

 ], [ ( ], [ ) ]

a. Wanneer de bewerkingen van de toetsen uitgevoerd worden 

volgens een numerieke uitdrukking dan zal het resultaat van de 

bewerking bekomen worden overeenkomstig met de 

background image

SR135_Dutch_090326.doc      SIZE:140x75mm      SCALE 2:1      2009/3/26 

-D

4- 

mathematische prioriteit. De gediscrimineerde prioriteiten zijn de 

volgende: 

  1) Functies met 1 variabele. 

2) Uitdrukkingen tussen "(  )"; (De binnenste haakjes hebben de 

hoogste prioriteit in het geval er meerder haakjes in de 

bewerking aanwezig zijn)  

  

3) 

x

y

y

x

  

4) 

x, 

÷

  5) +, –   

b.  Wanneer de toets uitgevoerd wordt, dan zal de rekenmachine de 

bovenstaande prioriteiten discrimineren en worden de gegevens 

en de bewerkingstoetsen voor de vereiste periode in 

behandeling gehouden. 

  Het in behandeling houden kan maximaal  6 maal gebeuren en 

indien er 15 niveaus of meer in behandeling gehouden worden, 

zal er een foutmelding op het beeldscherm verschijnen. 

 c. 

De 

] toets wordt enkel in rekening genomen onmiddellijk na 

[CE], [+], [–], [x], [

÷

], [x

y

], [ 

y

x

], [=] en [ ( ]. De haakjes worden 

niet aanvaard in alle andere gevallen. Wanneer de haakjestoets 

aanvaard wordt dan zal de weergegeven waarde gewist worden 

door de waarde 0. Wanneer de [ ( 

] toets in rekening wordt 

genomen, zal de “(  )” indicator op het beeldscherm verschijnen. 

  Wanneer een uitdrukking tussen haakjes beëindigd wordt door 

de  [ ) ] en [=] toets of wanneer  de uitdrukking gewist wordt door 

de [ON/C] toets, enz…, of wanneer er fouten gemeld worden, zal 

de “(  )” indicator van het beeldscherm verdwijnen. 

  d. 

Indien het bereik van het in behandeling houden niet 

overschreden wordt, dan kan u [ ( 

] zoveel keer in een 

uitdrukking invoeren als u maar wilt. Indien u echter meer dan 16 

maal op de toets drukt zal er een foutmelding op het 

beeldscherm verschijnen. 

e. Wanneer u in een numerieke uitdrukking wel op de “ ( ”  toets 

gedrukt heeft, maar niet op de “ ) ” toets, zal de bewerking niet 

uitgevoerd worden. In tegenstelling, wanneer u op de “ ( ” en  

“ = ” toets gedrukt heeft, zonder op de “ ) ” te drukken, wordt de 

bewerking uitgevoerd volgens de prioriteitsvolgorde. 

(10) [X

M], [MR], [M+] Geheugenbewerking 

a. Het geheugenregister “M” dat door deze toetsen gebruikt wordt 

is een volledig zelfstandig geheugen. 

b. Weergegeven gegevens worden aan “M” (geheugenregister) 

toegevoegd door op de [M+] toets te drukken. Indien er zich een 

overflow foutmelding voordoet, zullen de verdere gegevens 

bewaard worden. 

c. Weergegeven gegevens worden opgeslagen in “M” door op de 

[X

M] toets te drukken. 

background image

SR135_Dutch_090326.doc      SIZE:140x75mm      SCALE 2:1      2009/3/26 

-D

5- 

d. De inhoud van “M” wordt weergegeven door op de [MR] toets te 

drukken. 

e. Wanneer er gegevens (uitgezonderd 0) in “M” opgeslagen zijn 

dan zal het beeldscherm de indicator “M” weergeven. 

 

  

  

(11) 

[

]

EXP

 : 1. Exponent selectietoets. 

2. De toets toont de afgeronde waarde van 

π

3.141592654.  

(12) 

[ ]

=

%

 : Berekening 

a. Wanneer voor een wiskundige functie de constante modus 

ingesteld werd, zal het weergegeven getal van een procent naar 

een decimaal getal geconverteerd worden. 

 Voorbeeld: 

61.5% 

 Ingedrukte 

toetsen 

   Weergave 

[6] [1] [ • ] [5] [SHIFT] [%]   

0.615 

b. Wanneer u na [%] op de [=] toets drukt, zal de volgende 

wiskundige functie uitgevoerd worden. 

BEREKENING 

VOORBEELD 

INGEDRUKTE TOETSEN 

LCD-SCHERM  

HOEVEEL IS 30% 

VAN 450? 

450 [x] 30 [SHIFT] [%]

[=]

0.3

135.

120 IS HOEVEEL 

PROCENT VAN  

600? 

(120

÷

600x100=20) 

120 [

÷

] 600 [SHIFT] [%]

[=]

6.

20.

HOEVEEL IS 400 

PLUS 25%? 

(400+(400x25/100) 

=500) 

400 [+] 25 [SHIFT] [%]

[=]

100.

500.

HOEVEEL IS 400 

MIN  25%? 

(400–(400x25/100) 

=300) 

400 [–] 25 [SHIFT] [%]

[=]

100.

300.

(13)  Trigonometrische en arc-trigonometrische functies / 

hyperbolische en arc-hyperbolische functies (1-variabele) 

([sin], [cos], [tan], [sin

1

], [cos

1

], [tan

1

]). 

Deze functies worden berekend volgens hun respectievelijke 

gedefinieerde gebieden en de nauwkeurigheid zoals aangeduid 

op de tabel aan de achterkant. Elk weergegeven resultaat kan 

een operator worden. 

(14)  Exponentiële en logaritmische functies (1 variabele). 

 ([In], 

[log], 

[e

X

], [10

X

]) identiek aan de trigonometrisch functies. 

background image

SR135_Dutch_090326.doc      SIZE:140x75mm      SCALE 2:1      2009/3/26 

-D

6- 

(15)  Omgekeerde waarde, kwadraat, vierkantswortel, en 3

de

machtswortel.  

([1/x] , [x

2

], [ 

 ] , [ 

3

 ]) identiek aan de trigonometrisch functies.    

(16) 

[        ]

 a. 

Deze toetsen converteren graden, minuten en 

seconden naar decimale graden, en omgekeerd. 

b. In het “

” formaat, stelt het geheel getal dat op het 

beeldscherm weergegeven wordt het aantal graden 

voor. De 2 cijfers na het decimale punt stellen het 

aantal minuten voor en de laatste twee cijfers stellen 

het aantal seconden voor. 

  

Voorbeeld: 

   

[

]  

<graden, minuten, seconden>

 2.111111111 

[SHIFT] 

[

 2      06 

  3999 

   

            (39.99 seconden) 

(17) Binaire modus ([SHIFT], 

[     ]

BIN

, [0], [1] ). 

a. Gegevensinvoer en –uitvoer zijn beide binaire gehele getallen 

met maximaal 10 cijfers. 

b. Een negatief getal wordt uitgedrukt aan de hand van het two’s 

complement van het positieve binaire getal. 

c. Het bereik van de interne bewerking wordt in de onderstaande 

tabel aangeduid en indien het resultaat van de bewerking het 

bereik overschrijdt zal de rekenmachine een overflow 

foutmelding weergeven.  

Binair getal

Decimaal getal

Buiten het 

werkingsbereik 

___

512 

 DATA

Binair positief geheel 

getal 

111111111 

111111110 

111111101 

10 

511 

510 

509 

Binair negatief geheel 

getal 

(Complement) 

111111111 

111111110 

111111101 

:       : 

:       : 

1000000001 

1000000000 

–1 

–2 

–3 

–511 

–512 

Buiten het 

werkingsbereik

 DATA 

 –512

background image

SR135_Dutch_090326.doc      SIZE:140x75mm      SCALE 2:1      2009/3/26 

-D

7- 

 (18) Octale modus ( [SHIFT], 

[   ]

x  

OCT

, [0] ~ [7] ). 

a. Gegevensinvoer en –uitvoer zijn beide octale gehele getallen 

met maximaal 10 cijfers. 

b. Een negatief getal is de octale weergave van het two’s 

complement van het positieve binaire getal . 

c.  Het bereik van de interne bewerking wordt in de onderstaande 

tabel aangeduid en indien het resultaat van de bewerking het 

bereik overschrijdt zal de rekenmachine een overflow 

foutmelding weergeven. 

Octaal getal

Decimaal getal

Buiten het 

werkingsbereik

___

536870912 

 

DATA

Octaal 

positief geheel getal

3777777777 

3777777776 

:      

:      

536870911

536870910

:

:

1

0

Octaal  

Negatief geheel getal

(Complement) 

777777777 

777777776 

111111101 

:       : 

:       : 

4000000001 

4000000000 

–1

–2

:

:

–536870911

–536870912

Buiten het 

werkingsbereik

DATA 

 

–536870913

(19) Hexadecimale modus ([SHIFT], [HEX], [0] ~ [9], [A] ~ [F]). 

a. Gegevensinvoer en –uitvoer zijn beide hexadecimale gehele 

getallen met maximaal 10 cijfers. 

b. Een negatief getal is de hexadecimale weergave van het two’s 

complement van het positieve binaire getal t. 

c.  Het bereik van de interne bewerking wordt in de onderstaande 

tabel aangeduid en indien het resultaat van de bewerking het 

bereik overschrijdt zal de rekenmachine een overflow 

foutmelding weergeven. 

background image

SR135_Dutch_090326.doc      SIZE:140x75mm      SCALE 2:1      2009/3/26 

-D

8- 

Hexadecimaal getal

Decimaal getal

Buiten het 

werkingsbereik

___

1x10

10

 

DATA

Hexadecimaal  

positief geheel getal

2 5 4 0 B E 3 F F 

2 5 4 0 B E 3 F E 

     :             

:             

9999999999 

9999999998 

1

0

Hexadecimaal  

negatief geheel getal

(Complement) 

F F F F F F F F F F 

F F F F F F F F F E 

F D A B F 4 1 C 0 2  

F D A B F 4 1 C 0 1 

–1

–2

:

:

–9999999998

–9999999999

Buiten het 

werkingsbereik

DATA 

 

–1x10

10

     

(20) 

[

]

SCI

FIX

  1. Gebruikt om over te schakelen tussen de 

weergavemode. 

2.  Gebruikt om het aantal cijfers na het decimaal punt in te 

stellen.  

Voorbeeld: Ingedrukte 

toetsen  Weergave 

 [2] 

[

÷

] [3] [=] 

0.666666666 

 [SHIFT] 

[

]

SCI

FIX

 [5] 

0.66667 

[

]

SCI

FIX

 6.66667-01 

       

 [SHIFT] 

[

]

SCI

FIX

 [ • ] 

6.6666666-01 

(21) [X

Y] : Wisseltoets. 

 Gebruikt om het weergegeven getal en de inhoud van 

een intern register te verwisselen. 

(22) [a], [b], [R

P], [P

R] : Conversie van coördinaten. 

a. Deze toetsen converteren de rechthoekige coördinaten in 

polaire coördinaten, en omgekeerd. Het bereik van de eenheid 

dat ingesteld werd met de [DRG] toets wordt hierna 

weergegeven. 

 b. 

De 

respectievelijke gedefinieerde gebieden en de 

nauwkeurigheid zijn zoals aangeduid op de tabel aan de 

achterkant. Het bereik van 

θ

 dat bekomen wordt door R

P in 

background image

SR135_Dutch_090326.doc      SIZE:140x75mm      SCALE 2:1      2009/3/26 

-D

9- 

graden, is als volgt: 

1

st 

 kwadrant  0°

θ

 90°   

2

de

    kwadrant 

90°

θ

 180° 

3

de

  

kwadrant 

–180°

θ

–90° 

4

de

    kwadrant 

–90°

θ

 0° 

c.  De invoer van de 2 variabelen wordt uitgevoerd door x of r in te 

stellen aan de hand van de [a] toets en door y of 

θ 

in te stellen 

aan de hand van de [b] toets. 

d. Het resultaat van x of r wordt bekomen in het weergaveregister  

of door op de [a] toets te drukken. Het resultaat van y of 

θ 

wordt bekomen door op de [b] toets te drukken. 

Ingevoerde 

gegevens 

Resultaat 

a b a b 

R

P  

Rechthoekig

Polair) 

x y  r 

θ

P

(Polair

Rechthoekig) 

θ

x y 

(

 r,

θ

) r = 

2

2

y

x

+

,

θ

= tan

–1

 y/x 

(

 x, y) x = r cos

θ

, y = r sin

θ

e. (R

P conversie) 

([x, y] 

 [r, 

θ

]) 

f. (P

R conversie) 

([r,

θ

 [x, y]) 

Ingedrukte 

toetsen 

Weergave 

Ingedrukte 

toetsen 

Weergave 

x x 

θ

θ

a x b 

θ

y y r  r 

b y a r 

R

P

θ

b y 

 (23) Statistische bewerkingsmodus ([SHIFT] 

[

]

ON/C

SD

). 

a. Wanneer u een bewerking in de statistische modus wilt 

uitvoeren, drukt u op de [SHIFT] 

[

]

ON/C

SD

 toetsen om de 

rekenmachine in de statistische modus te zetten (de "SD" 

indicator wordt weergegeven). Wanneer u de statistische 

modus wilt wissen, drukt u nogmaals op dezelfde toetsen 

([SHIFT] 

[

]

ON/C

SD

 ).

background image

SR135_Dutch_090326.doc      SIZE:140x75mm      SCALE 2:1      2009/3/26 

-D

10- 

b. U kunt geen geheugenbewerkingen,  bewerkingen met haakjes 

of conversie van coördinaten uitvoeren. 

c.  [DATA] : Toets voor de invoer van gegevens.   

             [DEL] : Toets voor het wissen van gegevens. 

d. U kunt de volgende statistische functies berekenen met deze 

rekenmachine 

1. n : Het aantal gegevens (aantal van de steekproef). 

2. 

Σ

x : De som van de gegevens. 

3. 

Σ

x

2

 : De som van de kwadraten van de gegevens. 

4. 

x

 : Het gemiddelde van de gegevens. 

5. 

σ

n–1

: De standaardafwijking van de steekproef . 

6. 

σ

n

 : De standaardafwijking van de populatie. 

n

x

n

xi

x

n

i

Σ

=

=

=

1

1

/

)

(

1

)

(

2

2

1

2

1

Σ

Σ

=

=

=

n

n

x

x

n

x

xi

n

i

n

σ

n

n

x

x

n

x

xi

n

i

n

/

)

(

)

(

2

2

1

2

Σ

Σ

=

=

=

σ

 (24) 

[00   0]

CPLX

 :  Verwijderen van cijfers / complexe getalmodus toets. 

Wanneer er geen exponentiële gedeelte opgegeven  is: 

[00   0]

 :Indien u onmiddellijk na het invoeren van de 

waarde op deze toets drukt, zal de 

weergegeven waarde naar rechts opschuiven 

en zal het laatste cijfer verwijderd worden.  

  Voorbeeld:                 Invoer       

Weergave 

 123456

123456. 

[00   0]

 12345. 

[00   0]

[00   0]

 123. 

 456

 123456. 

Indien u onmiddellijk na het invoeren van het exponentiële 

gedeelte op deze toets drukt, zullen de cijfers in het 

exponentiële gedeelte naar rechts schuiven. Het eerste 

cijfer in het exponentiële gedeelte zal vervangen worden 

door een 0. 

Voorbeeld:                Invoer              

Weergave 

5 [EXP] 24

5.   24