Avery Dennison Pathfinder 6057 Quick Reference: BEKNOPTE HANDLEIDING
BEKNOPTE HANDLEIDING: Avery Dennison Pathfinder 6057 Quick Reference

BEKNOPTE HANDLEIDING
Deze Beknopte handleiding bevat instructies voor het laden van rollen en algemene
verzorgings- en onderhoudsprocedures voor de Pathfinder® 6057 printer. Raadpleeg
voor uitgebreidere informatie de Bedieningshandleiding op onze website
(www.monarch.com
).
Lees de veiligheidsinformatie m.b.t. de printer in het document Naleving van
wettelijke voorschriften dat bijgeleverd is bij deze printer.
De informatie in dit document vervangt de informatie in eerdere versies. Ga naar
onze website voor de nieuwste documentatie en informatie over uitgaves.
De batterij opladen
1. Laad de hoofdbatterij op met een Monarch® batterijoplader.
Zie de 6057 Lijst van accessoires voor modellen batterijopladers.
Raadpleeg de documentatie bij uw oplader voor aanvullende instructies.
Belangrijk: U moet de hoofdbatterij opladen wanneer u de printer
ontvangt.
Raadpleeg de Bedieningshandleiding voor belangrijke informatie over de
veiligheid van batterijen.
2. Plaats de hoofdbatterij in de printer.
De interne back-upbatterij wordt opgeladen vanuit de hoofdbatterij. De interne
back-upbatterij kan niet door de gebruiker worden vervangen.
De hoofdbatterij vervangen
Verwijder altijd de hoofdbatterij uit de printer als u de printer een maand of langer
niet gebruikt.
1. Houd de printer met de ene hand rechtop en druk met uw andere hand op de
batterij-ontgrendelingsknop op de handgreep.
2. Het deurtje van het batterijvak gaat een beetje open. Open het deurtje met uw
vinger.
3. Haal de
batterij eruit.
NL-1

4. Plaats een nieuwe batterij (de kant met het etiket omhoog) in het vak
(connectoruiteinde het laatst).
5. Sluit h
et deurtje tot het op zijn plaats klikt.
Rollen plaatsen
1. Zet de printer aan. Mogelijk moet u een paar seconden wachten tot de desktop
geladen is.
Aan/Uit-knop
2. Druk
op de vergrendelingsknoppen en open het roldeksel.
2-NL

3. Duw
de lipjes van de rolhouder met één hand uit elkaar om ze aan te passen aan
het formaat van uw rol.
4. Stel het rolvergrendelingslipje in om de rolhouder op zijn plaats te vergrendelen.
Het rolvergrendelingslipje heeft drie standen voor rollen van 1,2”, 1,5” en 2,0”.
Rolhouder
Rolvergrendelingslipje
5. Pl
aat
s een rol in de rolhouder, zodanig dat hij van onder afrolt.
6. Laad de rol v
oor de gewenste afdrukmodus: Lostrekken of Niet lostrekken.
NL-3

Laden voor de modus zonder lostrekken
1. Voer de rol over de geleiderol, de lostrekstang en de etikettenuitvoeropening.
Geleiderol (zwart rubber)
Lostrekstang (metaal)
Etikettenuitvoeropening
2. Slu
it h
et roldeksel.
3. Raak de Home-toets op het display aan en selecteer
Load Supply (Rol plaatsen), Calibrate Stock (Rol
kalibreren).
Laden voor de modus met lostrekken
1. Trek de eerste tien centimeter etiketten los van het
rugpapier en gooi ze weg.
2. Houd de printer rechtop en druk de etikettenuitvoeropening voorzichtig omlaag.
3. Voer de rol over de geleiderol, over de lostrekstang en door de opening aan de
onderkant van de etikettenuitvoeropening.
Geleiderol (zwart rubber)
Lostrekstang (metaal)
Opening voor rugpapier
Etikettenuitvoeropening
4-NL

4. Sluit het deksel helemaal.
5. Duw de
etikettenuitvoeropening
omhoog tot hij op zijn plaats klikt.
6. Raak de Home-toets
op het display aan en selecteer Load Supply, Calibrate
Stock.
Gebruik van het invoerpaneel
Om het Startmenu van de printer te openen raakt u de Smaragdtoets aan.
Om het invoerpaneel van de printer te openen raakt u de Diamanttoets aan.
Smaragdtoets
Diamanttoets
NL-5

Toets(en) Beschrijving
Hiermee accepteert u gegevens of een menuselectie.
Hiermee sluit u een open venster.
Geeft het alfabetische invoerpaneel in hoofdletters of kleine letters weer.
of
Geeft het numerieke invoerpaneel weer.
Geeft het invoerpaneel voor speciale tekens en symbolen weer.
De scherminstellingen veranderen
Om de achtergrondverlichting, het geluid (piep) en andere standaard Windows-opties
te veranderen raakt u de Smaragdtoets aan om het Startmenu te openen en selecteert
u Settings (Instellingen), Control Panel (Configuratiescherm).
6-NL

De printer reinigen
Gebruik bij het reinigen van de printer geen scherpe voorwerpen en geen
huishoudelijke reinigingsmiddelen. Gebruik isopropylalcohol alleen aan de
binnenkant (tenzij anders aangegeven), nooit aan de buitenkant. De printer moet
worden uitgeschakeld en de rol moet worden verwijderd als u het apparaat reinigt.
De printkop, black mark-sensor en geleiderol reinigen
1. Controleer of er lijmresten op de rolhouder zitten; reinig deze indien nodig.
2. Aard uzelf door een ander metalen voorwerp dan de printer aan te raken om
elektrostatische ontlading te voorkomen, die de printer kan beschadigen.
3. Reinig de printkop met een Monarch Reinigingspen (art.nr. 114226) of een
zachte doek die bevochtigd is met isopropylalcohol. Laat de printer drogen
voordat u de rol terugplaatst.
Black mark-sensor
Geleiderol
Printkop
Etikettenuit
voeropening
4. Reinig
de black mark-sensor met een droog wattenstaafje.
5. Reinig de geleiderol met een droge, zachte borstel (zoals een tandenborstel)
wanneer u aanzienlijke lijmresten ziet of wanneer er een etiket om de geleiderol
is gewikkeld.
6. Plaats de rol terug, sluit de etikettenuitvoeropening en het roldeksel.
Het scannervenster en het display reinigen
1. Zet de printer uit.
2. Maak een zachte doek vochtig met gedestilleerd water.
3. Neem het scannervenster en het display af tot ze schoon zijn.
Vastgelopen rollen verwijderen
1. Zet de printer uit.
2. Open het roldeksel en haal de rol eruit.
3. Houd de printer rechtop en druk de etikettenuitvoeropening voorzichtig omlaag.
4. Verwijder de vastgelopen rol voorzichtig en sluit de uitvoeropening. Trek de
vastgelopen rol niet naar buiten door de etikettenuitvoeropening. Gebruik geen
scherpe voorwerpen om een vastgelopen rol te verwijderen.
5. Plaats de rol terug en sluit de etikettenuitvoeropening.
NL-7

Problemen oplossen
In dit hoofdstuk wordt een lijst gegeven van enkele veelvoorkomende problemen en
de oplossingen hiervoor.
Probleem Oplossing
De printer drukt niet af.
Schakel over een op een volledig opgeladen batterij.
Plaats de rol op de juiste manier.
Reinig de printkop.
De printer voert geen
Schakel over een op een volledig opgeladen batterij.
etiketten door.
Plaats de rol op de juiste manier.
Controleer de geleiderol op vastgelopen etiketten.
Sluit het roldeksel helemaal.
De afdruk heeft lege
Plaats de rol op de juiste manier / controleer op schade.
gedeeltes of is te licht.
Sluit het roldeksel helemaal.
Schakel over een op een volledig opgeladen batterij.
Reinig de printkop.
De printer drukt
Plaats de rol opnieuw of laad een nieuwe rol. Verwijder een
gedeeltelijk af en reageert
eventueel vastgelopen rol.
niet op het toetsenblok of
Reinig de printkop.
de trigger.
Schakel over een op een volledig opgeladen batterij.
De scanner scant een
Verander de scanhoek en de afstand.
barcode niet.
Reinig het scannervenster of ga naar een donkerder ruimte.
Scan een barcode die u eerder correct gescand heeft.
Controleer of er lege plekken in de barcode zijn.
Voer een scantest uit.
Het display gaat niet aan.
Schakel over op een volledig opgeladen batterij/Controleer of
de printer ingeschakeld is.
De printer en het display
Houd de Aan/Uit-knop ingedrukt tot de printer wordt
zijn vergrendeld.
afgesloten, en zet hem weer aan.
8-NL

Foutcodes
Hieronder ziet u enkele foutcodes die kunnen verschijnen. Neem contact op met uw
systeem
beheerder als er codes verschijnen die niet hieronder vermeld worden.
Code(s) Beschrijving
004 – 005 Rolgrootte is niet correct. Plaats de correcte rol.
267 – 271
Communicatiefout. Neem contact op met uw systeembeheerder.
410 – 413
703 – 704 Plaats een rol of zorg ervoor dat de rol correct geplaatst is.
750 Printkop is oververhit. Zet de printer uit om hem te laten afkoelen.
751 – 753 Controleer de rol om te zien of deze correct geplaatst is.
756 De rol is op. Plaats een rol.
757
De gekalibreerde rollengte verschilt meer dan 6 mm van het
rolformaat. Plaats een rol.
758
Controleer de rol. Verwijder afgedrukte etiketten. Controleer of er
vastgelopen etiketten zijn. Maak het rolpad vrij of plaats de rol
opnieuw.
762 Batterij bijna leeg. Laad de batterij op.
763 Wacht op afgeven van etiket. Druk op de trigger.
768 Fout in printkop. Neem contact op met uw systeembeheerder.
790 – 791 Zet de printer uit. Wacht twee seconden en zet hem weer aan.
904 – 911 Systeemfout. Neem contact op met uw systeembeheerder.
SYSTEM
Systeemfout. Neem contact op met uw systeembeheerder.
ERROR
VECTOR ##
NL-9